      
Ouders >
schoolgids
Schoolgids
van
openbare dalton basisschool
De
Butte
schooljaar 2009-2010
Inhoud Schoolgids 2009/2010 van
odbs De Butte, Borgercompagnie.
1.
Inleiding
2.
De school
-
zakelijke
gegevens
-
schooltijden
-
richting/identiteit
-
situering/huisvesting
-
bestuur
-
vakanties in het
schooljaar 2009/2010
-
protocol verzuim
en verlof
-
vervangend
onderwijs
-
uitvoeringsreglement voor het overblijven
-
BSO
(Buitenschoolse opvang)
-
sponsoring
-
maatregelen ter
voorkoming van lesuitval
-
onderwijskundige
rapporten
-
schorsing en
verwijdering
-
de rugzak in het
basisonderwijs
-
het pedagogisch
klimaat
-
globale
onderwijsinhoud
-
leerresultaten
-
groepsverdeling
3.
Het motto van de school en de gevolgen daarvan voor de
schoolorganisatie en de werkwijze
-
onze school is
een openbare school
-
onze school is
een openbare Daltonschool
-
onze school is
een zorgverbredende, openbare Daltonschool
-
onze school is
een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool.
-
Onze school is
een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool met
aandacht voor cultuureducatie.
-
Onze school
wordt een academische basisschool met blended learning als
uitgangspunt.
-
4.
Ontwikkelingen; jaarverslag en jaarplan
5.
De ouders
-
ouderinformatie
-
huiswerk
-
ouderhulp
-
ouderbijdrage
-
schoolreizen
-
de
medezeggenschapsraad
-
de ouderraad
-
klachtenregeling
-
criteria voor
doubleren
6.
Algemene informatie over de school
-
inzet personeel
-
deskundigheidsbevordering personeel
-
bibliobus
-
gym en spel
-
zwemmen
-
godsdienst
-
schoolongevallen
en aansprakelijkheid
-
schoolvoorstellingen
-
de
jeugdgezondheidszorg
-
vulpennen/inktwissers/linialen
-
verf-/lijmvlekken
-
schriften mee
-
snoepen/traktaties
-
oud papier
-
kosteloos
materiaal
-
speelgoed van
thuis
-
hoofdluis
7.
Adressen
1.
Inleiding
Voor u ligt de schoolgids voor
het schooljaar 2009/2010 van onze school. Deze schoolgids geeft
de stand van zaken van de school weer en informeert u over de
ontwikkelingen en de effecten van die ontwikkelingen. Hoewel de
inhoud van de schoolgids veel gelijkenis toont met de schoolgids
van het vorig schooljaar, vragen we u toch nadrukkelijk aandacht
voor de deels vernieuwde inhoud. Op detail zijn er toch weer een
aantal zaken aangepast. Deze schoolgids wordt dit schooljaar
alleen in digitale vorm uitgegeven.
De
schoolgids is een wettelijk verplicht kwaliteitsinstrument. Het
zorgt er voor dat, door verantwoording af te leggen, de
kwaliteit van het onderwijs gewaarborgd wordt.
De
schoolgids is nadrukkelijk bedoeld voor ouders die nu kinderen
op onze school hebben en voor ouders van toekomstige leerlingen.
Het vormt een aanvulling op andere documenten, zoals het
schoolplan, dat in de zomer / het najaar van 2007 opnieuw is
opgesteld voor de periode 2007-2011, het jaarverslag en het
jaarplan.
Elke school
is uniek. Dat heeft te maken met de leerkrachten, hun
specialistische ontwikkelingen, de schoolbevolking en typerende
omgevingskenmerken. Door deze verschillen heeft iedere school
een eigen gezicht. Zo ook de onze.
De
schoolgids wordt op voorstel van de directie ter goedkeuring
aangeboden aan de MR en daarna vastgesteld door het bevoegd
gezag. De bijbehorende kalender is al op de laatste schooldag
uitgegeven.
De inhoud
van deze schoolgids wordt op de website van onze school
geplaatst, echter zonder persoonlijke gegevens.
Deze
schoolgids is ingezien door de MR: 01.2010
Deze schoolgids is vastgesteld op
de MR-vergadering van 2010
2. De
school
Zakelijke gegevens.
Naam:
openbare dalton basisschool
(odbs) De Butte
Adres:
Borgercompagnie 117, 9631 TE Borgercompagnie
Telefoonnummer 0598-612070 (verzoek niet te
bellen onder schooltijd)
E-mail-adres:
butte@picto.nl
Internet-adres:
www.butte.picto.nl
Banknummer
school: 900661445 bij de SNS-bank te Veendam
Banknummer
ouderraad: 957038836 bij de SNS-bank te Veendam
Aantal leerlingen:
per 1 oktober 2009 40 leerlingen.
Aantal
leerkrachten: 5 groepsleerkrachten (deels ingezet
voor aparte taken) en een vakleerkracht lichamelijke oefening.
Schooltijden. Groepen 1, 2, 3 en 4:
maandag :
8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
dinsdag
: 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
woensdag :
8.30 - 11.30 uur.
donderdag :
8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
vrijdag : 8.30 - 11.45 uur.
totaal: 22.45 uur.
Voor een
heel schooljaar komt dit, met aftrek van vakanties en
studiedagen, neer op ruim 880 lesuren voor de groepen 1 t/m 4.
Groepen 5, 6,
7 en 8:
maandag : 8.30 -
11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
dinsdag
: 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
woensdag :
8.30 - 12.30 uur.
donderdag :
8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
vrijdag
: 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.
totaal 26 uur.
Voor een
heel schooljaar komt dit, met aftrek van vakanties en
studiedagen, neer op ruim 1000 lesuren voor groep 5 t/m 8.
- Alle
leerlingen van groep 3 t/m 8 mogen tussen 8.20 uur en 8.30 uur,
in de pauze én tussen 13.05 uur en 13.15 uur kiezen of ze buiten
of binnen willen zijn;
- De
leerlingen mogen binnen komen op het moment dat de pleindienst
naar buiten gaat;
- Als voor
binnen wordt gekozen, is die keuze definitief voor dat moment;
- De bedoeling is dat de kinderen
in die tijd rustig bezig zijn, dat kan zijn: een spelletje doen,
lezen, praten, e.d.; het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat
er druk gespeeld wordt; daarvoor moeten ze buiten zijn; hierover
worden in de klassen nadere afspraken gemaakt;
- De
kinderen van groep 1 en 2 gaan voor schooltijd altijd naar
binnen, echter niet eerder dan 10 minuten voor begin
schooltijd; dit is gelijktijdig met het naar buiten gaan van de
pleindienst;
- Aan de ouders van de kinderen
van groep 2 vragen we na binnenkomst in de klas het contact zo
kort mogelijk te houden; voor de ouders van de kinderen van
groep 1 is dan iets meer ruimte/tijd; we verzoeken de ouders
niet op de stoeltjes / tafeltjes van de kinderen te gaan zitten;
jonge kleuters worden afgeschrikt door zoveel “grote” mensen;
breng uw kleuter in de klas en houd het afscheid kort, zeker als
uw kind al wat langer op school zit;
- Voor alle
groepen (1 t/m 8) geldt dat er om half negen moet worden
begonnen; bij de bel om half negen gaan de buitenspelende
kinderen naar binnen, de kinderen die binnen zijn ruimen hun
spullen op en gaan naar hun werkplek en de ouders van de
leerlingen van groep 1&2
nemen uiterlijk op dat moment afscheid;
- Vanaf 10
minuten voor aanvang van de ochtend- en middagschooltijd en in
de pauze houdt een leerkracht toezicht op het schoolplein. Ook
bij het verlaten van de school is er toezicht. We willen de
ouders nadrukkelijk vragen de kinderen niet eerder dan 10
minuten voor aanvang van de schooltijd op school te laten zijn.
- Tot 10
minuten voor aanvang van de lessen is de buitendeur op slot. De
deur wordt bij aanvang van de lessen eveneens gesloten. Wanneer
iemand toch naar binnen wil, kan hiervoor de deurbel worden
gebruikt.
Het is van
belang dat kinderen op tijd aanwezig zijn. Het is erg storend
als de les al is begonnen.
- Voor het
ophalen van de kinderen vragen we de ouders op het plein of bij
de tafeltennistafel te gaan staan. Niet op het fietspad. Dit is
voor de kinderen onoverzichtelijker. Het afhalen van de kinderen
bij regen bij voorkeur ook buiten.
Bij het
ophalen en brengen van de kinderen de auto vooral niet op de
oprit voor school laten staan (voorschrift van de brandweer).
Spelles: onderbouw
(groepen 1 en 2): dagelijks,
zowel 's morgens als ’s middags; bij
voorkeur wordt buiten gespeeld.
Gymles:
middenbouw
(groepen 3, 4 en 5):
vrijdag : meester
Marc Boiten.
(daarnaast
wordt bij mooi weer wel eens buiten gespeeld); zwemmen in de
oneven weken voor de groepen 4,5 en 6; elke middag is er een
kort spelmoment/korte pauze
bovenbouw
(groepen 6, 7 en 8):
vrijdag : meester
Marc Boiten.
Als de
gymles van de vakleerkracht uitvalt en er is geen vervanging,
dan is er die dag geen gymles.
Richting/identiteit.
Onze school
is een openbare Daltonbasisschool. Dat wil zeggen dat we werken
volgens de doelstelling van het openbaar onderwijs, zoals die in
de wet is vastgelegd. Leerlingen van elke godsdienstige of
levensbeschouwelijke overtuiging zijn welkom én gelijkwaardig
bij ons. Wij geven onze lessen niet vanuit één bepaalde
maatschappijopvatting of levensbeschouwelijke visie. Wel werken
wij volgens bepaalde onderwijskundige principes: de
daltonprincipes. Dit houdt in dat we werken volgens de ideeën
van Helen Parkhurst, de grondlegster van het Daltononderwijs
De weektaak
is hierbij een belangrijk instrument. Zelfstandigheid,
samenwerken en vrijheid in gebondenheid (verantwoordelijkheid)
zijn de pedagogisch-didactische (opvoedkundige en
onderwijskundige) peilers van onze school.
In de
hoofdstukken 3, 4 en 5 wordt dit verder uitgewerkt.
Onze school
is een zelfstandige basisschool. Enige jaren geleden heeft de
gemeenteraad van de gemeente Veendam uitgesproken dit zo te
willen houden.
Situering/huisvesting.
Onze school
ligt in een langgerekt veendorp met lintbebouwing met redelijk
veel import. De afgelopen jaren heeft een snelle wisseling van
bevolking plaatsgevonden. Onze school neemt in de
dorpsgemeenschap een belangrijke plaats in.
De school
als instituut bestaat op deze plek reeds vanaf 1742.
Het
schoolgebouw dateert uit het begin van de vorige eeuw. In 1986
is het aanzienlijk aangepast.
Door de
aanpassingen en verbouwingen van de laatste twee jaar hebben we
nu en moderne frisse school Het gebouw is drie-klassig met een
inpandige gemeenschapsruimte. Er zijn verschillende plekken
aanwezig om zelfstandig te kunnen werken. Het gebouw wordt
optimaal benut.
De school
is via fietspaden relatief goed en veilig te bereiken.
Bestuur.
STICHTING OPENBAAR PRIMAIR ONDERWIJS [OPRON]
De Butte maakt deel uit van de
Stichting Primair Openbaar Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en
Veendam. Deze stichting is het bestuur van de 20 openbare
basisscholen, een school voor speciaal basisonderwijs en een
school voor speciaal onderwijs in de drie gemeenten. In totaal
vallen dus 22 scholen onder dit bestuur.
Het bestuur van de stichting
bestaat uit zeven personen. De bestuurleden zijn benoemd door de
gemeenteraden van Menterwolde, Stadskanaal en Veendam, deels op
bindende voordracht van de oudergeleding van de
gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR).
De stichting heeft een algemene
directie bestaande uit twee personen. Zij zijn verantwoordelijk
voor de totale organisatie. De taken van de algemene directie
hebben betrekking op het algemene onderwijskundig beleid,
personele zaken en beleid, financiën en onderhoud / huisvesting.
Elke school heeft een eigen
directie. De schooldirectie is verantwoordelijk voor het
schoolspecifieke beleid en de dagelijkse gang van zaken op de
school. De directie onderhoudt de contacten met de
medezeggenschapsraad en is aanspreekpunt voor de ouders.
Bestuur, algemene directie en de directies van de scholen worden
ondersteund door het stafbureau.
Dat deze 22 scholen onder één
bestuur vallen wil niet zeggen dat ze allemaal gelijk zijn.
Integendeel, elke school staat in zijn eigen omgeving, heeft
zijn eigen kinderen en probeert in zijn onderwijs daar zo goed
mogelijk bij aan te sluiten. De scholen kunnen
De openbare scholen die bij de
stichting horen, werken zo veel mogelijk samen op gebieden die
voor alle scholen van belang zijn. Samen kun je taken
effectiever en efficiënter aanpakken, waardoor er voor elke
school meer tijd en mogelijkheden zijn om te werken aan de
kwaliteit van het onderwijs op de school zelf.
Het adres van de stichting en
algemene directie is:
Stichting Openbaar Primair
Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam
OPRON
Postbus 310
9500 AH Stadskanaal
Tel. 0599 – 696390
Vakanties en vrije dagen in het schooljaar 2009-2010.
Zie voor de
data de bij deze schoolgids horende kalender.
Wilt u bij de planning van uw vakantie
rekening houden met het vakantierooster? Hiervan kan niet worden
afgeweken. Verlenging van de vakantie met een dag is dan ook
niet mogelijk. Van de gemeente zijn strakke richtlijnen
ontvangen voor het geven van vrijaf. Om uw vakantie tijdig te
kunnen plannen worden de schoolvakanties op het internet
gepubliceerd (www.postbus51.nl).
Dit geldt voor alle vakanties dus ook voor de
wintersportvakantie!
Voor de volledigheid zijn de
richtlijnen verkort in deze schoolgids opgenomen.
Protocol
verzuim en verlof.
Leerplicht hangt samen met het
leerrecht, of wel het recht op onderwijs. Veel landen hechten er
zelfs zoveel waarde aan, dat ze de jeugd via een wet verplichten
om naar school te gaan.
De
leerplichtwet is kort gezegd, een rechtsmiddel waarmee
gewaarborgd wordt dat alle jongeren in Nederland aan het
onderwijs kunnen en zullen deelnemen. Het doel van de LPW is dat
jongeren zo goed mogelijk worden toegerust met kennis en
vaardigheden, die zij nodig hebben om een zelfstandige plek in
de samenleving te verwerven. Een afgeronde schoolopleiding is
daarvoor een vereiste.
De
leerplichtwet gaat er van uit dat de ouder/verzorger voor drie
dingen zorgt:
-
u schrijft uw kind
op een school in;
-
u zorgt er voor dat
uw kind ook naar die school gaat;
-
u zorgt er voor dat
uw kind volgens de schooltijden naar school gaat.
De gemeente
moet er op toezien dat alle leerplichtigen ook echt aan het
onderwijs deelnemen. Bij de gemeente is hiervoor een
leerplichtambtenaar aangesteld.
Uw kind
moet volledig dagonderwijs volgen vanaf de eerste schooldag in
de maand na de vijfde verjaardag. Uw kind mag al naar school,
wanneer het vier jaar is. De schooltijden van een vierjarige
worden zonodig in overleg met de leerkracht van groep 1 van
geval tot geval apart vastgesteld en zonodig dus langzaam
opgebouwd. Ook bij een vijfjarige is dit in principe nog beperkt
mogelijk.
Aanvragen voor verlof.
Als uw kind
verzuimt dan moet de school daarvan op de hoogte worden gesteld.
Dit
verzuim/verlof is te verdelen in vier categorieën:
A 1. ziekte van het kind
Dit kunt u
mondeling aan de school doorgeven (voor aanvang van de
schooltijd; wanneer een leerling een kwartier na aanvang van de
schooltijd niet aanwezig is en niet is afgemeld, wordt contact
met thuis opgenomen).
2. bezoek aan de huisarts, tandarts, specialist
Dit verzoek
kunt u mondeling bij de groepsleerkracht indienen.
De
beslissingsbevoegdheid ligt bij de groepsleerkracht en/of
directie.
Het gaat
hierbij dus nadrukkelijk om een verzoek; het kan niet als een
mededeling worden afgedaan.
B
Bijwonen van huwelijk, bruiloft, jubileum, begrafenis/crematie,
verplichtingen vanwege godsdienst of levensbeschouwing
Hiervoor kunt u uitsluitend een verzoek indienen bij de
schooldirectie. Hiervoor moet u een formulier invullen. Dit
formulier is bij de directie te verkrijgen.
De
beslissingsbevoegdheid ligt uitsluitend bij de directeur.
C Bijzondere aard van bedrijf of beroep
Voor ten
hoogste één maal per jaar voor maximaal tien dagen kan verlof
worden verleend voor extra vakantie als er gedurende de
reguliere vakantieperioden, binnen 1 heel schooljaar, sprake is
van onmisbaarheid in het bedrijf (bijv. landbouwers). Hiervoor
kan een verzoek worden ingediend bij de directie. Hiervoor moet
u minimaal drie weken van te voren een formulier invullen. De
beslissingsbevoegdheid ligt bij de directeur. Bij afwijzing kun
u bezwaar maken bij de directeur.
Geldt het
verzoek voor een periode langer dan 10 dagen dan is de
beslissingsbevoegdheid bij de leerplichtambtenaar. Deze
verzoeken moeten minimaal dertien weken van tevoren schriftelijk
worden ingediend. U ontvangt schriftelijk bericht. Bij afwijzing
kunt u bezwaar maken bij de leerplichtambtenaar. In de
leerplichtwet staat aangegeven dat deze regeling niet kan worden
toegepast in de eerste twee lesweken van een nieuw schooljaar.
Ook staat in de leerplichtwet dat uitvoering van deze regeling
geen recht is.
D Alle andere verzoeken om verlof
In bijna
alle andere gevallen worden verzoeken om verlof afgewezen
Hiervoor
moet u ook een formulier invullen. Dit formulier is bij de
directie verkrijgbaar.
De
beslissingsbevoegdheid ligt bij de leerplichtambtenaar.
Vrijaf voor
verlenging van vakantie of een lang weekend kan in principe
nooit worden gegeven. We ontvingen hierover een brief van het
Openbaar Ministerie. Er staat ons een hoge boete te wachten als
we hieraan medewerking zouden verlenen.
Ongeoorloofd schoolverzuim.
Wanneer een
leerling een kwartier na aanvang van de schooltijd niet aanwezig
is en niet is afgemeld, wordt door de leerkracht contact met
thuis opgenomen.
Als uw kind om een andere
ongeldige reden niet naar school gaat, is er sprake van
ongeoorloofd schoolverzuim (extra vakantie opnemen buiten de
schoolvakanties om).
-
De leerkracht zal
alsnog contact met u opnemen om na te gaan wat er aan de hand
is.
-
De leerkracht
rapporteert bij de directeur.
-
De directeur stelt
een schriftelijk, gedateerd verslag op van hetgeen is
besproken/vastgesteld. Bij meningsverschil over de geldigheid
van een reden stelt de directeur onmiddellijk de
leerplichtambtenaar in kennis.
-
De
leerplichtambtenaar stelt zich telefonisch op de hoogte.
-
De
leerplichtambtenaar zal vervolgens de ouders oproepen voor een
gesprek om eventueel proces-verbaal te (kunnen) laten opmaken.
-
Er kan een
waarschuwing of een boete volgen.
Te laat komen.
-
Als een kind
regelmatig te laat is gekomen, neemt de leerkracht tot maximaal
twee keer contact op met de ouders/verzorgers. Dit kan
telefonisch of in de vorm van een oudergesprek. Liefst zijn
beide ouders hierbij aanwezig.
-
Mocht bovenstaande
niet tot het gewenste resultaat leiden, dan zal de directeur de
ouders ten hoogste één keer telefonisch en daarna in een
oudergesprek spreken
-
Leidt ook dit niet
tot het gewenste resultaat dan zal de leerplichtambtenaar in
kennis worden gesteld
-
De
leerplichtambtenaar stelt zich telefonisch op de hoogte.
-
De
leerplichtambtenaar zal vervolgens de ouders oproepen voor een
gesprek om eventueel proces-verbaal te (kunnen) laten opmaken.
-
Er kan een
waarschuwing of een boete volgen.
Vervangend onderwijs.
Indien
leerlingen op grond van religieuze argumenten niet mogen
deelnemen aan bijzondere activiteiten georganiseerd door de
school, dan zijn deze leerlingen niet vrij maar krijgen zij een
vervangend programma aangeboden.
Uitvoeringsreglement voor het overblijven (TSO)
Op onze
school is een overblijfregeling. Gezien de belangstelling is er
duidelijk behoefte. De vaste overblijfhulpen zijn
Mevr.W.Ludolphie (06-10876474) en Mevr. E.Korthuis
(06-52619657). Er is op dit moment één begeleider die op afroep
beschikbaar is, Mevr. K.Wildeboer.
Onderstaand
een korte beschrijving van de gang van zaken.
-
Vóór half negen
aanmelden voor het overblijven op de roosters op het prikbord in
de gang. Regelmatig overblijvende kinderen worden door de
overblijfhulpen bijgeschreven. Wanneer een kind wel is
aangemeld, maar niet overblijft, wordt € 1,50 in rekening
gebracht. Afmelden moet ook gebeuren vóór half negen bij de
overblijfouders Geef bij afmelding wegens ziekte alstublieft ook
even tegelijk door dat het kind van de lijst moet worden
verwijderd. Dit voorkomt misverstanden.
-
Uiteraard is de
overblijfregeling voor alle leerlingen van de school.
-
De kinderen nemen
zelf hun eten en drinken en eventueel fruit mee. Snoep en
zoetwaren (koekjes en al te lekkere luxe broodjes) worden,
vanwege gezondheidsaspecten, ten zeerste afgeraden. We gaan er
van uit dat ouders hierin onze mening delen.
-
Om kwart voor
twaalf melden de overblijvers zich in de gemeenschapsruimte.
-
De kinderen nemen
plaats (gestimuleerd wordt om oudere en jongere kinderen door
elkaar heen te laten zitten).
-
Controle op schone
handen.
-
De spullen worden
van tevoren klaar gezet door de overblijfkrachten.
-
Er wordt op orde en
rust gewezen tijdens het eten.
-
Na het eten tanden
poetsen. Voor regelmatig overblijvende kinderen zijn
tandenborstels, bekers en tandpasta aanwezig. Eventueel kan dat
ook van huis worden meegenomen. Incidenteel overblijvende
kinderen nemen uiteraard hun tandenpoetsmaterialen mee van huis.
-
Notatie van de
aanwezige kinderen en afrekenen.
-
Vrij spelen, binnen
(spelletjes, lezen, tekenen, eenvoudig knutselwerk) of buiten,
binnen de aan te geven grenzen.
-
Om 13.05 uur zit de
taak van de overblijfhulpen er op.
-
De kosten van het
overblijven bedragen € 1,50 per middag. Er kan voor het
overblijven een knipkaart worden aangeschaft voor tien keer
overblijven (één knipkaart per kind).
-
Voor hun bijdrage
ontvangen de overblijfkrachten een vast bedrag van € 10,-- per
middag.
-
Van 1 tot en met 5
kinderen is er één overblijfkracht. Bij meer dan 5 kinderen zijn
er twee overblijfkrachten. Bij meer dan 15 kinderen zijn er drie
overblijfkrachten.
-
Op het overblijven
is de door de school afgesloten ongevallenverzekering van
toepassing. Echter, de school heeft geen WA-verzekering voor de
leerlingen. Zoals ook verderop in deze schoolgids is vermeld,
blijven de ouders verantwoordelijk en aansprakelijk voor (het
gedrag van) hun kind, ook onder schooltijd. Bij eventuele schade
moeten zij een beroep doen op hun eigen WA-verzekering.
Voor de
ouders van niet-overblijvende kinderen:
De
overblijfhulpen zijn niet verantwoordelijk en zeker geen oppas
voor de niet-overblijvende kinderen die (te) vroeg naar school
komen. We willen dan ook nadrukkelijk vragen de kinderen niet
voor 13.05 uur naar school te laten gaan, het hek is dan nog
gesloten.
BSO
(buitenschoolse opvang).
Vanaf 1 augustus 2007 is elke
school verplicht buitenschoolse opvang aan de ouders aan te
bieden. Het vorig jaar is daarvoor een convenant afgesloten met
de Stichting Meander. Contactpersoon daar is Mevr. G.Bos,
telefoon: 0598-617540. Omdat onze school in een buitengebied
ligt is in het convenant opgenomen dat opvang vanaf onze school
slechts mogelijk is wanneer minimaal vijf kinderen gebruik maken
van buitenschoolse opvang. Dat is op dit moment het geval. Ook
bestaat de mogelijkheid gebruik te maken van de gastouderopvang.
Daarvoor is een convenant afgesloten met Kinderopvang
Oost-Groningen. Contactpersoon daar is Mevr. Uuldriks, telefoon:
0597-454988. Ouders die gebruik willen maken van buitenschoolse
opvang dienen zelf contact op te nemen met Meander of
Kinderopvang Oost-Groningen. Uiteraard kunnen ouders ook kiezen
voor andere vormen van opvang. Mocht de opvang niet lukken dan
willen we als school daar best in meedenken, maar we zijn niet
verantwoordelijk als dit niet mocht lukken.
Sponsoring.
We hebben
de wettelijke plicht sponsorbeleid vorm te geven. We sluiten
daarbij aan bij de door het ministerie van Onderwijs en vijftien
andere organisaties afgesloten overeenkomst.
Dit houdt
met name in dat bij financiële sponsoring de instemming van de
MR nodig is, waardoor ouders inspraak hebben in deze vorm van
sponsoring. Verder betekent het dat er bij sponsoring niet een
naamsvermelding van de sponsor kan worden afgedwongen.
Maatregelen ter voorkoming van lesuitval.
In principe wordt er bij ziekte
of andere afwezigheid van een leerkracht altijd vervangen, het
liefst door een bekende leerkracht van onze eigen school.
Onderwijskundige rapporten.
We hanteren een algemeen
onderwijskundig rapport wanneer een leerling onze school
tussentijds verlaat. Bij aanmelding van een leerling bij de PCL
(Permanente Commissie Leerlingenzorg) wordt een onderwijskundig
rapport gebruikt dat is ontwikkeld door het Veendammer
Zorgplatform.
Toelating.
Het basisonderwijs is bestemd
voor kinderen van vier tot twaalf jaar. Een kind mag naar school
zodra het vier jaar oud is. Nadat een toekomstige leerling van
groep 1 is aangemeld ontvangen de ouders een bevestiging van
deze aanmelding. De ouders ontvangen ook een schoolgids van het
lopende schooljaar.Daarmee informeren we ouders in eerste
instantie over de school. Ouders kunnen ook vragen om een
persoonlijk gesprek. Enkele weken voor de definitieve plaatsing
wordt de kleuter uitgenodigd voor een kennismakingsochtend.
De leerkracht komt daarna ook
nog eens op huisbezoek.
Als uw kind vijf jaar is, is het
leerplichtig.
Art. 46 van de Wet op het
Primair onderwijs bepaalt dat openbare scholen “toegankelijk
zijn voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of
levensbeschouwing”.
Dit betekent dat het openbaar
onderwijs algemeen toegankelijk is. Het betekent echter niet dat
altijd alle kinderen moeten worden toegelaten. In uitzonderlijke
situaties kan het bevoegd gezag een kind niet toelaten.
Voor toelating van een kind met
een rugzak of andere vorm van zorg geldt een apart protocol. Dit
protocol maakt onderdeel uit van het zorgprotocol dat in het
najaar van 2008 wordt vastgesteld.
Schorsing en verwijdering.
Schorsing en/of verwijdering van
een leerling is een aangrijpende aangelegenheid, waartoe niet
zomaar wordt besloten. Er zijn echter situaties, waarin er
eigenlijk geen andere mogelijkheden meer voor handen zijn om een
enigszins normale gang van zaken op school te blijven
garanderen. In dat uiterste geval kan een schorsing of
verwijdering overwogen worden. Protocol schorsing en
verwijdering is op school ter inzage aanwezig.
De Rugzak (leerling gebonden
financiering) in het basisonderwijs.
Ouders van kinderen met een
handicap of stoornis kunnen vanaf 1 augustus 2002 een bewuste
keus maken voor een school die het beste bij hun kind past: de
school in de buurt of een
speciale school. Kiezen ouders voor een gewone school in de
buurt, dan moet deze school de juiste zorg en aandacht kunnen
geven. Daarom komt er meer samenwerking tussen gewone
(reguliere) en speciale scholen. Speciale scholen gaan niet
alleen intensiever samenwerken met reguliere scholen, maar ook
met elkaar. Hun deskundigheid bundelen
de speciale scholen in Regionale
Expertise Centra (REC’s). Er zijn vier clusters (soorten) REC’s,
al naar gelang het soort handicap of stoornis van een kind.
Leerlinggebonden financiering
(de Rugzak) is bedoeld voor kinderen met een handicap of
stoornis die extra voorzieningen nodig hebben om basis- of
voortgezet onderwijs te kunnen volgen. Het gaat dus om kinderen
die zonder extra begeleiding geen gewone school kunnen bezoeken.
Deze kinderen krijgen leerlinggebonden financiering. De
leerlinggebonden financiering is ook bedoeld om ouders meer
keuzevrijheid te geven tussen gewoon en speciaal onderwijs. De
middelen die voor een kind met een handicap of stoornis nodig
zijn om onderwijs te volgen, gaan als het ware in een rugzakje
mee als het naar een gewone school gaat. Overigens krijgen
ouders die middelen niet zelf in handen. Die zijn bestemd voor
de school. Die gebruikt het geld voor extra ondersteuning van de
leerkracht. Bijvoorbeeld door deze te scholen of te laten
begeleiden. Ook extra hulp aan de leerling betaalt de school
daaruit. Bijvoorbeeld extra leermiddelen, zoals een speciale
reken- of leesmethode of aangepast meubilair.
Kinderen met een handicap of
stoornis hebben extra voorzieningen nodig. De vraag is welke
kinderen die voorzieningen écht nodig hebben. Om dit te
beoordelen zijn er per Regionaal Expertise Centrum
onafhankelijke commissies. Daar moeten ouders een verzoek
indienen. Deze Commissies voor Indicatiestelling (CVI), zoals ze
officieel heten, beoordelen op grond van objectieve landelijke
criteria of een kind in aanmerking komt voor leerlinggebonden
financiering. Zo’n commissie bestudeert daarvoor onder meer
bestaande medische dossiers over het betreffende kind, een
i.q.-test en een onderwijskundig rapport als het kind al op
school zit. Beslist de commissie dat een kind niet voor
leerlinggebonden financiering in aanmerking komt, dan gaat het
naar een ‘gewone’ school of naar een sbo-school (in regio
Veendam de Wim Monnereau-school). Zijn ouders het niet met de
beslissing eens, dan kunnen ze eventueel bezwaar aantekenen.
Komt een kind in aanmerking voor
leerlinggebonden financiering, dan kunnen ouders een keuze maken
voor gewoon of speciaal onderwijs. Daarvoor gaan ze een gesprek
aan met een school. Een vertegenwoordiger van het speciaal
onderwijs kan de ouders begeleiden. In dit gesprek geeft de
school aan welke mogelijkheden er zijn om het kind onderwijs te
bieden. Ouders vertellen wat zij verwachten van de school. Een
reguliere basisschool mag een kind alleen weigeren als er
geldige redenen voor zijn.
Informatie over de rugzak of een
leerling aanmelden? Dit zijn de Regionale Expertise Centra (REC)
in Noord Nederland:
Cluster 1. Scholen voor kinderen
met visuele (meervoudige) handicaps:
Visio Onderwijsinstelling Noord,
Rummerinkhof 6a, 9751 SL Haren, tel. 050-534 3300 en
Rijksstraatweg 284, 9752 CL Haren, tel.: 050-5349569 of 4028518
Cluster 2. Scholen voor kinderen
met spraaktaalstoornissen en auditieve handicap:
Stichting Onderwijs Noord
Nederland (SONN),
Rijksstraatweg 63, 9752 AC Haren, tel. 050-5343941
Cluster 3. Scholen voor kinderen met verstandelijke en
lichamelijke handicaps (zmlk-, mytyl-, tyltyl- en scholen voor
zieke kinderen met somatische aandoeningen):
Regionaal Expertise Centrum
Noordoost Nederland,
Dilgtplein 1, 9751 NJ Haren, tel. 050-5371219 .
Cluster 4. Scholen voor
kinderen met psychiatrische en gedragsproblemen (zmok-,
lzk-scholen voor kinderen met psychische/psychiatrische
problemen en pi-scholen):
RENN 4,
Postbus 8091, 9702 KB Groningen, tel. 050- 3097100.
Het
pedagogisch klimaat:
- T.a.v. de omgang van
de leerkracht met de leerlingen. We willen in onze omgang met de
leerlingen de eigen verantwoordelijkheid en zelfstandigheid van
de leerlingen bevorderen. Dat betekent dat wij onze rol als
leerkracht vooral zien als die van stimulator/begeleider.
-
T.a.v. de omgang
tussen de leerlingen onderling. We vinden het belangrijk dat
kinderen zich veilig voelen op school. We proberen een veilige
sfeer te bereiken door constante aandacht voor
sociaal-emotionele situaties. Zo wordt een programma uitgevoerd
waarbij wekelijks een sociaal-emotioneel onderwerp (waaronder
jaarlijks de eerste drie weken het onderwerp “pesten”) centraal
staat. Daarnaast is nog van belang te vermelden dat vanaf 10
minuten voor aanvang van de ochtend- en middagschooltijd en
tijdens de pauze en bij het uitgaan van de school toezicht op
het schoolplein aanwezig is.
Onze school
heeft regels en afspraken. Deze regels zijn er vooral om als
school beschermend te zijn naar leerlingen en daarmee naar
ouders/verzorgers.
In het
schooljaar 2007-2008 heeft scholing plaatsgevonden m.b.t. de
oplossingsgerichte strategie en de anti-pestaanpak ‘no-blame’.
De invoering daarvan in de dagelijkse onderwijspraktijk is niet
eenvoudig en vraagt veel van het team. We zullen daar het
komende schooljaar nog actief mee verder gaan. Het geheel moet
leiden tot een way-of-life m.b.t. de sociale omgang met elkaar
en de vaststelling van het concept pestprotocol.
Globale
onderwijsinhoud.
Van de
verplichte onderwijstijd wordt ongeveer de helft besteed aan de
vakken rekenen en wiskunde, Nederlandse taal en lezen. De rest
van de tijd wordt evenredig verdeeld over de overige
vakgebieden. De weektaak geeft een wekelijks beeld van de in die
week geplande onderwijsactiviteiten. Het lukt elk jaar om de in
methoden genoemde lessen nagenoeg compleet uit te voeren.
Met betrekking tot de vakgebieden valt nog het volgende op te
merken.
Zoals
bovenstaand al is aangegeven draagt het onderwijs aan de
openbare Daltonbasisschool "De Butte" een kindgericht karakter.
We beschouwen het als een verworvenheid van de kleine school om
constant een aandachtig oog en oor te kunnen hebben voor elk
individueel kind, zowel op intellectueel als op
sociaal-emotioneel gebied ook al ervaren we regelmatig dat hier
grenzen zijn.
Om niet in
individualisme te vervallen en beter aan te sluiten bij de
wereld rond het kind, wordt het onderwijs in de kennisgebieden
(aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, e.d.) deels thematisch
aangeboden, waarbij soms een "bouw" en soms de hele school aan
een thema werkt. Bij de kleuters (= onderbouw) wordt meestal
vanuit een thema gewerkt. De gezamenlijke beleving hierbij staat
voorop en ook maken excursies regelmatig deel uit van een thema,
steeds met de bedoeling zintuiglijke waarneming mogelijk te
maken. Voor de niet thematische aanpak wordt gebruik gemaakt van
methoden. Voor aardrijkskunde (Geobas nieuw herzien) en
geschiedenis (Wijzer door de tijd) gebruiken we nieuw,
up-to-date materiaal. Wel zal ook in het komende jaar worden
bekeken in hoeverre we meer thematisch kunnen werken bij deze
wereldoriënterende vakken. Het afgelopen schooljaar is daar een
voorzichtige start mee gemaakt.
De
confrontatie met de werkelijkheid komt verder tot uitdrukking
door de leerlingen veel "doende" bezig te laten zijn:
zelfstandig zoeken, spelen, maar ook experimenteren behoren tot
de mogelijkheden.
Rekenen en
taal/lezen worden in een van tevoren vastgestelde lijn
aangeboden, waarbij het onze zorg is, direct en adequaat,
individueel aandacht te besteden aan de leerproblemen van een
kind, maar ook aan de leermogelijkheden van het kind.
Er worden
actuele leermiddelen gebruikt. Voor rekenen maken we gebruik van
de methode Pluspunt. Voor taal maken we gebruik van de
taalmethode Taal Actief 3. In groep 3 werken we met Veilig
Leren Lezen een methode voor aanvankelijk lezen en
taalonderwijs.
In de
lokalen van de middenbouw en de bovenbouw wordt gebruik gemaakt
van een active-bord.
De creatieve vakken staan
inhoudelijk deels in dienst van de thema's. Ze vormen er altijd
een onderdeel van.
In het schooljaar 2005-2006 is
een cultuureducatieplan opgesteld. Deze zal de komende jaren de
leidraad zijn voor het werken aan de creatieve vorming.
Leerresultaten.
De opbrengsten (leerresultaten)
mogen zonder meer goed worden genoemd. De opbrengsten worden per
leerling zichtbaar gemaakt in het leerlingvolgsysteem, waarbij
de resultaten van de individuele leerling worden afgezet tegen
een landelijk gemiddelde van dat afnamemoment. Ook wordt dit
voor de gehele groep in beeld gebracht (veelal m.b.v.
Citotoetsen).
Beter zou
zijn de ontwikkelingen van ieder kind af te zetten tegen zijn
eigen mogelijkheden. Een goed toetsinstrument hiervoor ontbreekt
echter.
De
Cito-eindtoets wordt door alle leerlingen naar behoren gemaakt.
De geringe grootte van onze groepen 8 (tussen 4 en 10
leerlingen) geeft een onnauwkeurig beeld, omdat goede leerlingen
en zwakke leerlingen een groter effect zullen hebben op de
score. Onderstaande grafiek geeft het resultaat weer van de
Cito-eindtoets, afgezet tegen het landelijk gemiddelde
schoolgewicht van vergelijkbare populatie leerlingen over de
afgelopen 8 jaren.
Vanaf
schooljaar 2002-2003 wordt jaarlijks een analyse gemaakt van de
eindtoets, waarbij ook naar de verschillende onderdelen en
subonderdelen apart wordt gekeken. Dit om het eigen onderwijs te
evalueren en te verbeteren.
Groepsverdeling.
In onze
drieklassige school zijn de groepen als volgt verdeeld:
- De onderbouw met de
groepen 1 en 2;
- De middenbouw met de
groepen 3, 4 en 5;
- De bovenbouw met de
groepen 6, 7 en 8.
Jaarlijks
is dit ook de basis voor de inzet van het personeel (zie
hoofdstuk 8).
3. Het
motto/ de visie van de school
Wij
ambiëren een leeromgeving van blended learning voor zowel
leerlingen als leerkrachten. Blended learning staat daarbij voor
een goede mix van digitaal en níet-digitaal onderwijs. Het
impliceert nieuwe didactische vaardigheden.
Ontwikkeling en modernisering is dus noodzakelijk. Het gaat
daarbij om de ontwikkeling van leerlingen en leerkrachten, maar
ook van studenten. De visie is dat leren/professionaliseren op
de werkplek moet gebeuren. Deze professionalisering staat in
dienst van de ontwikkelingsonderwerpen van de school.
Willen we
studenten opleiden voor de school van de toekomst dan kunnen we
als opleidingsschool niet werken volgens een traditie van het
onderwijs uit het eind van de vorige eeuw, maar zullen we moeten
werken volgens de inzichten van het begin van de 21e
eeuw, waarbij coaching en begeleiding de plaats innemen van
onderwijzen.
We denken
daarbij aan een volledig integrale benadering van verschillende
ontwikkelingsonderwerpen. Alle ontwikkelingsonderwerpen van dit
moment grijpen sterk in elkaar; er is een grote mate van
samenhang. Dit móet er ook zijn om een en ander te kunnen
behappen. Onderstaande ontwikkelingsonderwerpen sluiten nauw aan
bij de stand van zaken van de school van dit moment.
Met het
project “Academische basisschool”, gecombineerd met de nog
verder te ontwikkelen digitale themaomgeving krijgen we de
mogelijkheid dit tevens te gebruiken als
ICT-implementatieproject. Daarnaast biedt dit de mogelijkheid om
hierin “Techniek in de basisschool” te integreren.
Naast
bovenstaande motto/visie blijven eerdere uitgangspunten
uiteraard van kracht en ook in deze schoolgids genoemd.
“Onze
school is een openbare school.”
Dit
betekent:
- bij de toelating
geen discriminatie op grond van godsdienst, politieke
overtuiging, ras, geslacht, afkomst;
- geen financiële
drempel bij toelating tot de school;
- het bevorderen van
een eigen mening en het respecteren van andere meningen;
- m.b.t. de
medezeggenschap gelijke democratische rechten voor allen;
- bevorderen van
emancipatie en mondigheid;
- aanbieden van
godsdienst- of levensbeschouwelijk onderwijs.
De gevolgen
van dit motto voor de werkwijze zitten verweven in de dagelijkse
gang van zaken. Soms wordt er specifiek aandacht voor gevraagd
tijdens een thema of naar aanleiding van een actualiteit.
“Onze
school is een openbare Daltonschool.”
Dit
betekent dat we, naast het bovenstaande, uitgaan van de
Daltonprincipes:
·
Zelfstandigheid:
“Het is van belang dat kinderen steeds meer leren onafhankelijk
te zijn”.
·
Samenwerken:
“In het dagelijkse leven moet een mens samenwerken met allerlei
andere mensen die hij soms, maar niet altijd, zelf gekozen
heeft. Niets is beter dan zo’n teamverband al op school te laten
starten”.
·
Vrijheid in
gebondenheid (verantwoordelijkheid):
“Vrijheid is essentieel voor de ontplooiing van de
persoonlijkheid van de mens”.
In 1991 zijn we lid geworden van
de Nederlandse Daltonvereniging. In juni 1996 hebben het
Daltonpredikaat ontvangen. Eens in de vijf jaar vindt er een
visitatie plaats, waarbij wordt nagegaan in hoeverre de school
nog voldoet aan de voorwaarden om Daltonschool te mogen zijn.
Dit heeft in maart 2007 voor de tweede keer plaats gevonden.
Opvallend
in onze schoolorganisatie is dat de kinderen veelvuldig gebruik
maken van andere werkplekken dan hun vaste werkplek in de groep.
Zo kun je kinderen alleen of in groepjes zien werken in de
gemeenschapsruimte of op de nieuwe zolder in het lokaal van de
middenbouw. Zij kiezen deze werkplek zelf en ze zijn dan met
verschillende, zelf gekozen activiteiten van hun weektaak bezig.
Zelfstandig werken neemt een zeer belangrijke plaats in op onze
school.
Op eigen
initiatief gaan de leerlingen al of niet met iemand samenwerken.
Een groot
deel van het materiaal is dusdanig toegankelijk dat de
leerlingen er zelfstandig mee om kunnen gaan. Dit gebeurt met
name in de werkuren (taakuren).
Tijdens de
instructie hebben de leerlingen wel een vaste plaats in hun
groep.
Naast de
instructietijd en de werktijd is er tijd voor gezamenlijke
activiteiten, zoals projecten en thema’s. Deze vinden meestal
met alle leerlingen van een “-bouw” plaats om daardoor
gezamenlijke beleving mogelijk te maken.
De drie
Daltonprincipes nader uitgewerkt.
Samenwerken.
In het
dagelijkse leven moet een mens samenwerken met allerlei andere
mensen, die hij/zij soms wel, maar niet altijd zelf heeft
gekozen. Niets is beter dan dit samenwerken al op de basisschool
te laten starten. In een Daltonschool kunnen de kinderen met
elkaar werken, ze kunnen elkaar helpen, ze kunnen elkaar dingen
uitleggen. Leerlingen helpen elkaar door het stellen van vragen
aan elkaar, door samen een oplossing te zoeken en vooral ook
door elkaar te stimuleren.
Samenwerken komt bij ons in alle groepen voor. Natuurlijk zal
het niveau in de onderbouw anders zijn dan in de bovenbouw en
ook bestaan er individuele verschillen.
De
kinderen kunnen tijdens de werkuren:
- met
elkaar overleggen;
- zachtjes
praten met elkaar;
- elkaar
helpen;
- vragen
stellen aan elkaar;
- samen
oplossingen voor problemen zoeken.
De
samenwerking bestaat uit:
-
overleggen met elkaar in tweetallen of in kleine groepjes;
-
ondersteunen van elkaars werkzaamheden;
- het
gebruik maken van de kennis van anderen.
Voorwaarden:
-
aanvaarding van licht achtergrondgeruis;
- ruimten
met de mogelijkheid om te kunnen samenwerken;
- plaatsen
om in stilte te kunnen werken;
- opkomen
voor je zelf met respect voor anderen.
Zelfstandigheid.
In ons
schoolplan schrijven we: “Het is van belang dat kinderen steeds
meer leren onafhankelijk te zijn”.
Zelf
actief problemen oplossen leert kinderen zelfstandig nadenken en
beter begrijpen. Deze werkvorm vraagt meer energie van het kind
dan het passief repeteren van het eerder gehoorde.
Het kind
leert creatief denken en handelen. Hoe zelfstandiger een kind
wordt, des te gemakkelijker zal het leren beredeneerde keuzes te
maken.
De
kinderen kunnen tijdens de werkuren:
-
zelfstandig naslagwerken gebruiken;
- zelf hun
materialen halen en brengen;
- zelf
beslissen of ze willen samenwerken of niet;
- zelf
bepalen wie of wat zij nodig hebben bij hun werk;
- zelf
oplossingen bedenken bij het werken.
Het
zelfstandig werken bestaat uit:
- het
leren onafhankelijk te zijn;
- werken
met een dag- en/of weektaak;
- werk te
kiezen en te maken op eigen niveau;
- het
leren omgaan met "uitgestelde aandacht" (= wachten, maar
doorgaan met ander werk tot de leerkracht tijd voor je heeft).
Voorwaarden:
-
aanvaarden van meerdere oplossingen voor een probleem;
-
aanvaarden van door kinderen aangedragen oplossingen voor een
probleem;
- het
afleggen van verantwoording.
Vrijheid in gebondenheid.
Vrijheid
is essentieel voor de ontplooiing van de persoonlijkheid van de
mens. Het kind moet leren die vrijheid te hanteren. De school
moet duidelijk maken dat vrijheid iets anders is dan
ongebondenheid. Een kind kan niet vroeg genoeg beginnen met de
beperking van de eigen mogelijkheden te leren aanvaarden.
De dag- of
weektaak is een belangrijk instrument voor het hanteren van de
vrijheid. In de opgedragen taken vindt een kind vrijheid en
verantwoordelijkheid, maar ook de gebondenheid.
De
kinderen kunnen tijdens de werkuren:
- zelf hun
materialen halen (en moeten het ook weer opruimen);
- hun
eigen werkplek kiezen;
- kiezen
voor samenwerking of individueel (in stilte) werken;
- na het
voorgeschreven werk (dag- en/of weektaak) kiezen voor keuzewerk;
- het
tempo en de volgorde van het werk bepalen;
- gebruik
maken van de technische apparatuur;
- zelf
eerst oplossingen zoeken voor problemen;
- bepalen
hoeveel tijd er aan een bepaald onderdeel wordt besteed.
De
gebondenheid bestaat uit:
- het zich
houden aan de regels en de afspraken;
-
strakkere afspraken voor leerlingen die minder vrijheid aan
kunnen;
- het
verplicht afmaken van de weektaak;
- het
steeds weer verantwoording afleggen van de gebruikte vrijheid;
- het soms
niet zelf kiezen van een partner om mee samen te werken;
- je
verantwoordelijk voelen voor de werksfeer in de groep.
Voorwaarden:
-
structuur in de plaatsing van materialen in de klas;
-
regelmatige bespreking van de regels en afspraken;
- de zin
van de regels en afspraken duidelijk maken.
Uit
bovenstaande blijkt dat de drie daltonprincipes zowel een
opvoedkundig als een organisatorisch doel hebben. Dalton is een
manier van omgaan met elkaar, een way-of-life. Een daltonschool
schept ruimte en geeft kinderen gelegenheid om alleen of samen
zelfstandig te werken aan een afgesproken taak. De drie
principes vormen het uitgangspunt van de dalton-aanpak. De
weektaak is het middel om die drie principes te verwezenlijken.
“Onze
school is een zorgverbredende, openbare Daltonschool.”
Dit
betekent, naast het bovenstaande:
- de
leerlingenzorg neemt op De Butte een belangrijke plaats in;
- de
interne begeleider (in onze school juf Lo Bolling) vervult een
speciale taak, met name in de middenbouw;
- de
aanwezigheid van een leerlingvolgsysteem;
- twee
keer per jaar een groepsbespreking met daaraan gekoppeld
leerlingenbesprekingen;
- het
werken met handelingsplannen;
-
vooral veel oog en
oor voor het individuele kind
Zelfstandig werken is een voorwaarde om in de klas leerlingen te
kunnen helpen die dat nodig hebben. De werkuren zijn dan ook een
goed middel om individuele leerhulp aan kinderen in het eigen
werklokaal mogelijk te maken. Individuele instructie vindt dan
ook in de groep plaats. Bovendien vindt er indien nodig eveneens
extra leerhulp buiten het lokaal
plaats.
Omdat er
veel niveauverschil kan zitten tussen de leerlingen is er
(beperkt) de mogelijkheid leerlingen een eigen programma aan te
bieden. Dit wordt op de weektaak zichtbaar gemaakt. Dit geldt
zowel voor zwakkere als voor beter presterende leerlingen.
Sommige leerlingen werken met een eigen methode.
Er wordt
nauwlettend gekeken naar de mogelijkheden van het individuele
kind, terwijl gelijktijdig gelet wordt op een zo effectief
mogelijke instructie en inzet van de leerkracht.
In onze school wordt reeds sinds
jaren getracht inhoud te geven aan een zo optimaal mogelijke
zorg voor elke leerling. We proberen dit te bereiken door een zo
kindgericht mogelijke benadering, waarbij zoveel mogelijk
rekening gehouden wordt met zowel kinderen met minder, als met
kinderen met meer mogelijkheden. In ons schoolplan hanteren we
hiervoor eveneens de Dalton-term "way-of-life".
Sinds
augustus 1989 neemt onze school actief deel aan het
Samenwerkingsverband Zorgverbreding in de gemeente Veendam.
In de
jaren daarvoor was al op eigen initiatief een summier overzicht
gemaakt van de korte en lange termijn evaluatie-instrumenten en
was reeds een cursus zelfstandig werken gevolgd. Deze cursus
heeft de door ons reeds gehanteerde werkwijze meer vorm gegeven.
Deze werkwijze kenmerkt zich door het vinden van tijd om
kinderen extra te begeleiden en aandacht te schenken aan
verschillende vormen van gedifferentieerd onderwijs.
Binnen het
zorgverbredingsproject van de gemeente Veendam heeft onze school
gewerkt aan het vervolmaken van het systeem van signaleren,
diagnosticeren en remediëren van problemen om zoveel mogelijk
kinderen goed onderwijs te bieden en de toestroom naar het
speciaal onderwijs te verminderen.
Hiermee
zijn de twee doelstellingen duidelijk aangegeven:
- het
geven van goed onderwijs i.c. het kwalitatieve aspect en
- het
verminderen van de toestroom naar het speciaal onderwijs i.c.
het kwantitatieve aspect.
Ten
aanzien van het signaleren en diagnosticeren is in de afgelopen
jaren een tamelijk omvangrijk leerlingvolgsysteem ontwikkeld,
gekoppeld aan diverse korte (aan methoden gekoppelde) toetsen en
lange termijn-(grotendeels Cito-) toetsen, al dan niet
schooloverstijgend.
Naar
aanleiding hiervan is het structureel voeren van functionele
leerlingenbesprekingen ingevoerd. Uitgangspunt hierbij is de
groepsbespreking (twee maal per jaar). Hierna volgen de
individuele leerlingenbesprekingen. Aan de hand hiervan worden
afspraken gemaakt (handelingsplannen). Na een afgesproken
periode volgt de evaluatie.
Om het
remediëren voldoende inhoud te geven is een orthotheek aanwezig.
Er wordt
naar gestreefd het leerlingvolgsysteem en/of de orthotheek voor
een belangrijk deel te digitaliseren.
Voor het
verkrijgen van specialistische kennis zijn, daar waar mogelijk,
nascholing, teamactiviteiten en cursussen opgezet.
Daar waar
nodig wordt hulp gevraagd van het speciaal onderwijs. Er kan
gebruik worden gemaakt van de expertise van het zorgplatform.
Eventueel wordt een beroep gedaan op andere
hulpverleningsinstanties.
Om
bovenstaande voldoende inhoud te kunnen geven is op onze school
een groepsleerkracht aangesteld als interne begeleider. Voor
onze school is dat juf Bolling. Zij is voor ongeveer één dag
lesvrij geroosterd.
De interne
begeleider coördineert de werkzaamheden m.b.t. de
zorgverbreding, neemt indien nodig pedagogisch didactische
onderzoeken af en beheert de orthotheek.
Er bestaat
een mogelijkheid kinderen door te verwijzen naar het speciale
basisonderwijs. Er volgt dan een traject, waarbij de PCL
(Permanente Commissie Leerlingenzorg) zijn instemming moet
geven.
We achten
het van het grootste belang dat kinderen zich prettig voelen op
school. Kinderen zullen zich immers het beste ontwikkelen in een
goed sociaal klimaat.
“Onze
school is een multimediale, zorgverbredende, openbare
Daltonschool.”
Dit
betekent, naast het bovenstaande:
-
informatievoorziening via verschillende media als voortdurend
speerpunt;
-
uitbreiding van het computergebruik;
-
gebruik maken van
een netwerk;
-
gebruik van nieuwe media als internet en e-mail;
- een
doorgaande leerlijn voor ICT-vaardigheden in de groepen 1 t/m 8,
volledig geïntegreerd in het totale onderwijs;
-
verdergaande
integratie van ICT in het onderwijs (blended learning);
-
ontwikkeling van
een elektronische leeromgeving (ElO) met eigen websites voor de
leerlingen, waarbij ook thuis kan worden ingelogd.
-
Participatie in
het project Techniek in het basisonderwijs gedurende de jaren
2006 - 2009.
In ons
schoolplan en in het ICT-plan zal een en ander nader uiteen
worden gezet.
Zelfstandig informatie opdoen is in onze school het
aandachtspunt voor nu en voor de komende jaren. Computers staan
op verschillende plaatsen, zowel in als buiten het klaslokaal,
opgesteld, waar kinderen zelfstandig mee kunnen werken. In de
afgelopen twee jaren en ook in de komende schooljaren neemt onze
school deel aan een ICT-implementatieproject onder begeleiding
van PICTO, ons ICT-samenwerkingsverband.
“Onze
school is een multimediale, zorgverbredende, openbare
Daltonschool met aandacht voor cultuureducatie.”
De voorlaatste aanpassing aan het
motto van onze school is in de loop van het schooljaar 2005-2006
ontstaan.
In het najaar van 2004 zijn we
vanwege mogelijke subsidiebronnen én vanwege het feit dat we een
nieuw onderwerp voor de lange termijn zochten uitgekomen bij
cultuureducatie. In het schooljaar 2005-2006 is een
cultuureducatieplan opgesteld, waarmee de komende jaren gewerkt
gaat worden. Dit heeft
geleid tot afspraken over de cultuureducatie op klassenniveau.
Dit is vanaf het schooljaar 2006-2007 uitgevoerd. Het gaat
hierbij dan om cultuureducatie in de breedste zin van het woord.
Belangrijke peilers hierbij zijn de jaarlijkse toneeluitvoering,
waarin met name muziek, dans en drama kunnen worden
gepresenteerd en de tweejaarlijkse thematentoonstelling, waarin
met name handvaardigheid en tekenen gepresenteerd worden.
Daarnaast zijn een aantal
kleinere peilers, waarin cultuureducatieve elementen zijn
ondergebracht. Er wordt gezocht naar een manier om diverse
elementen in samenhang met elkaar te brengen. Daarnaast krijgen
we ondersteuning van Kunststation Cultuur, een provinciale
instelling voor kunst en cultuur. Samen met deze instantie is in
het afgelopen schooljaar op teamniveau al een beginsituatie in
beeld gebracht. Dit is uitgewerkt tot een cultuureducatieplan.
In het schooljaar 2007-2008 is een samenwerkingsverband
aangegaan met de stichting MMC uit Borgercompagnie.
“Onze
school wordt een academische basisschool met blended learning
als uitgangspunt”.
In het
schooljaar 2006-2007 is onze school gestart met deelname aan een
dieptepilot om academische basisschool te worden. Een
academische basisschool staat voor onderzoek en opleiding van
zowel externen (onderzoekers en studenten) als internen (eigen
onderwijspersoneel). Dit alles in het kader van de eigen
schoolontwikkeling.
Duidelijk is dat hierin vorig
jaar en ook dit jaar veel tijd en menskracht wordt geïnvesteerd.
Een ander
gevolg voor de schoolorganisatie is dat er meer studenten in
school komen, die aan de slag gaan met de schoolontwikkeling
onderwerpen van onze school en ook dat de eigen leerkrachten
meer dan in het verleden gericht onderzoek doen op het gebeid
van de schoolontwikkeling onderwerpen.
We willen
onderzoeken op welke manier we meer leerlingen beter kunnen
betrekken bij het onderwijs in de wereldoriënterende vakken
(aardrijkskunde, geschiedenis en natuur) en ook de algemene
motivatie bij deze vakken kunnen verbeteren. We denken daarbij
aan het deels werken met thema’s en deels uit de bestaande
methoden in plaats van alleen uit methoden
Daarnaast
wordt onderzocht welke digitale middelen geschikt zijn om
kinderen met een speciale onderwijsbehoefte (bijv. dyslectische
kinderen) goed te kunnen bedienen.
Onderzoek
vindt deels plaats door studenten en deels door de eigen
leerkrachten.
4.
Ontwikkelingen
In de
afgelopen jaren heeft de ontwikkeling van onze school niet
stilgestaan:
-
Het zorgtraject
is nagenoeg ingevuld; middels het bestuurlijke zorgplan vindt
verdere ontwikkeling van de zorgstructuur plaats;
-
het
Daltonpredikaat is verkregen en al weer voor de tweede keer
verlengd met een periode van vijf jaar; in maart 2007 heeft de
vijfjaarlijkse visitatie opnieuw plaats gevonden; aan de hand
van een eigen aandachtspuntenlijst en m.b.v. de Daltonvereniging
zal ook het Daltongehalte van onze school voortdurend worden
ontwikkeld en geëvalueerd, immers, alle Daltonscholen worden
eens in de vijf jaar gevisiteerd om hun Daltongehalte te
verantwoorden.;
-
ICT-ontwikkeling
heeft geresulteerd in een doorgaande lijn ICT-vaardigheden voor
de groepen 1 t/m 8; de verdergaande ontwikkeling van ICT richt
zich in de toekomst op de elektronische leeromgeving (ElO) en
“Blended learning” (een volledige integratie van ICT in de
dagelijkse onderwijspraktijk met een goede mix van digitale en
analoge werkvormen*).
Kinderen
van nu groeien op in een wereld waarin nieuwe media een zeer
grote rol spelen. We willen het gebruik van die nieuwe media
stimuleren. Onze kinderen hebben en krijgen er hun hele leven
mee te maken. We willen ze daarin op een goede manier
ondersteunen.
-
De leerlingen van
de bovenbouw moeten de fundamentele werking van de
tekstverwerker Word voor Windows beheersen.
-
De leerlingen
moeten kunnen beschikken over meerdere informatiestromen. Met
name Internet (afgeschermd voor ongeschikt gebruik) is daarbij
een medium. Ook op cd-rom uitgebrachte informatieve software
biedt nieuwe mogelijkheden.
-
Het volledig
verwerken van deze informatie m.b.v de computer is een vereiste.
- Aanvullend
computermateriaal in het kader van de zorgverbreding verdient
bijzondere aandacht.
-
Het
documentatiecentrum is geautomatiseerd. De komende schooljaren
zal dit verder worden uitgebreid. Ook zal de inhoud van het
werken in het documentatiecentrum meer in het teken van het
geven van presentaties komen te staan.
-
Uitgebrachte
software bij in gebruik zijnde methoden is aangeschaft (Pluspunt
en Taal Actief). Deze software maakt integraal deel uit van de
leerstof. Een deel van de klassikaal voor te lezen dictees door
de leerkracht is vervallen. Dit is overgenomen door de computer.
Het computerprogramma van Taal Actief geeft namelijk zelf deze
dictees.
Aanvullend
participeerde onze school van enige jaren geleden in een groots
opgezet ICT-project. Daarmee is duidelijk geworden welke
leerstofinhouden met betrekking tot ICT-vaardigheden gehanteerd
gaan worden in de groepen 1 t/m 8.
Bovenstaande is gerealiseerd in het schooljaar 2004-2005.
Tijdens het project is in het gebied waar Picto (onze
schooloverstijgende ICT-helpdesk en netwerkbeheerder) opereert
(Veendam, Menterwolde, Aa en Hunze en Stadskanaal) een en ander
doorgegeven aan andere scholen.
Bovengenoemd project heeft inhoudelijk een aantal
onderwijsinhoudelijke consequenties:
-
In groep 6 wordt
gestart met een typevaardigheidsprogramma;
-
er wordt
structureel door alle leerlingen gewerkt met software om de
eerder genoemde doorgaande lijn te kunnen realiseren;
-
in groep 8 is de
presentatie van een werkstuk veranderd. Dit gaat nu deels met
Powerpoint (presentatieprogramma op de computer).
In het
schoollaar 2005-2006 is het cultuureducatieplan
ontwikkeld.
Het komende
schooljaar gaan we het vierde jaar in met het onderzoeken en
invoeren van techniek in de basisschool (subsidie € 12000 voor
vier jaren). Er is voor de jaren 2007-2011 een techniekplan
geschreven.
Naast
bovengenoemde onderwerpen vormen ook andere een aandachtspunt.
Het meerjarenplan, onderdeel van het schoolplan, geeft een
volledig overzicht van alle aandachtspunten. Het merendeel is
voor de wat kortere termijn. De onderwerpen van het
meerjarenplan die van toepassing zijn op het komende schooljaar
zijn opgenomen in het jaarplan hieronder en afgeleid van het
jaarplan op teamniveau.
Nadat we in
de loop van 2005-2006 een projectvoorstel hadden ingediend,
hoorden we op de laatste schooldag voor de zomervakantie van
2006 dat we, samen met de Westerschool in Wildervank, één
school uit Tynaarlo, vier scholen uit de gemeente Groningen,
twee scholen uit de gemeente Scheemda, de Pedagogische Academie
uit Groningen en de Rijksuniversiteit van Groningen een
projectplan mochten indienen met als doel een academische
basisschool te gaan worden. Nadat aanvankelijk het
projectvoorstel is afgewezen is uiteindelijk na heel veel
overleg en veel tijdsinvestering in januari 2007 alsnog het
projectplan goedgekeurd en is gestart met deze pilot.
Inhoudelijk betekent dit dat we in intensief overleg met de
Pedagogische academie studenten begeleiden in het doen van
onderzoek op het terrein van de schoolontwikkelingsonderwerpen.
Verder betekent het een goede mogelijkheid om met deze
schoolontwikkelingsonderwerpen aan de slag te gaan.
Jaarverslag algemeen.
a.
Vervangingen/vernieuwingen.
-
Er zijn 3 kasten met lesmateriaal voor techniek in de
basisschool aangeschaft voor onderbouw, middenbouw en bovenbouw
-
Afgelopen jaar is het meubilair vervangen.
-
Vervanging
van de aanvankelijk leesmethode is doorgeschoven naar het begin
van het schooljaar 2009/2010.
b.
In het kader van de academische basisschool zijn er door
leerkrachten onderzoeken gedaan naar
schoolontwikkelingsonderwerpen.
c.
We hebben deelgenomen aan de dieptepilot Academische
basisschool. Door onderzoekers van de ABCG is hierover een
onderzoeksverslag gemaakt.
d.
In het kader van Blended learning ( een integratie van zowel
digitaal als niet digitaal onderwijs) zijn er twee digitale
schoolborden aangeschaft met de benodigde randapparatuur. Zowel
de bovenbouw als de middenbouw hebben de beschikking over een
active- bord.
e.
Techniek in de basisschool. In het kader van VTB is een plan
ontwikkeld om techniek in ons onderwijs in te bedden.
f.
Het programma “Werken met kwaliteitskaarten” (KWINTOO) zal ook
de komende jaren een zinvolle bijdrage blijven leveren voor de
uitvoering van het kwaliteitsbeleid op onze school.
Communicatie. Om de communicatie te verbeteren zijn er drie
teambijeenkomsten geweest onder begeleiding van Cedin.
g.
Sociale veiligheid. Onder begeleiding van Cedin is er een
sociaal veiligheidsplan gemaakt. Het anti-pestbeleid maakt hier
onderdeel van uit. Het team is op de hoogte van de zgn
“no-blame” aanpak om pestgedrag beter te kunnen voorkomen en
begeleiden.
h.
Er is een schooljaarplan opgesteld.
De inhoud
van verschillende bovengenoemde punten is een voorzetting van
eerder in gang gezet beleid.
Jaarplan
algemeen.
a.
Vervangingen. De
aanvankelijk leesmethode Veilig Leren Lezen wordt aangeschaft
voor groep 3
b.
Academische
basisschool
-
realiseren van de
randvoorwaarden om Academische basisschool te kunnen zijn zoals
huisvesting, financiën, werkplek, enz. *)
-
criteria voor een
academische basisschool vastleggen *)
-
maandelijks overleg
in het samenwerkingsverband *)
-
werkgroep blended
learning (PA en basisscholen) vorm en inhoud geven*)
-
schoolontwikkeling
wereldoriëntatie
-
Welke thema’s zijn nog meer (al of niet digitaal) uitvoerbaar in
welke groepen en welke onderdelen van de methoden kunnen worden
weggelaten?
-
Welke informatiebronnen zijn daarbij nodig?
-
Welke presentatievormen horen daarbij?
-
Schoolontwikkeling
techniek; zie punt d.
c.
Dalton
-
Uitwerking van de
Daltonontwikkelingslijnen (zelfstandigheid, vrijheid en
samenwerking); het “binnenste” van ons onderwijs
-
Het schrijven van
een Daltonontwikkelingsplan*)
-
Bespreking doel en
functie van het keuzewerk
d.
Techniek
-
Aanschaf
materialen. Hiervoor dient eerst geïnventariseerd te worden waar
de leemtes zitten wat betreft materiaal
-
Het uitvoeren van
een doorgaande leerlijn voor techniek*)
-
Het opzetten van
een registratiesysteem bij de nieuw aangeschafte techniekkasten
in het kader van een onderzoek naar betere prestaties bij
gebruikmaking van de techniekkasten.
e.
Sociale veiligheid
Voortgang
begeleiding oplossingsgerichte strategie en voortgang aanpak
no-blame aanpak.
f.
Communicatie
We
optimaliseren de communicatie in allerlei opzichten. Naast
aanpassing van ons informatie blad “Het Butje”.
g.
Algemeen
-
Voldoende zicht op
de financiële situatie (is mede afhankelijk van de input van het
ondersteuningsbureau en OSG)
5. De
ouders
Ouderinformatie.
De ouders
ontvangen elk schooljaar bericht dat de actuele versie van de
schoolgids op de website is geplaatst. De ouders ontvangen de
kalender met activiteiten in de eerste schoolweek. Voorts
ontvangen de ouders regelmatig informatie over de school via het
bulletin “Het Butje”, in het geel, voor organisatorische en
huishoudelijke mededelingen. Jaarlijks zullen ook blauwe Butjes
verschijnen met onderwijsinhoudelijke informatie over de school.
Nieuwe
ouders ontvangen de schoolgids bij de aanmelding van hun kind in
papieren vorm
Het
schoolplan is op verzoek door ouders op school in te zien.
Twee keer
per jaar (vanaf groep 2) - in januari en juni - wordt
schriftelijk aan de ouders over de vorderingen van hun kind
gerapporteerd en kunnen de ouders hierover spreken met de
leerkracht. Overigens is dit ook tussendoor altijd mogelijk. Om
de vijf/zes weken krijgen de leerlingen hun schriftelijke werk
mee naar huis. Daarbij het dringend verzoek om de schriften /
werkboekjes de volgende dag mee naar school terug te geven. Want
die hebben de kinderen dan weer nodig om verder te kunnen met
hun werk.
Overige
formele en informele contacten met ouders:
-
nieuwschooljaarsreceptie op de eerste schooldag van elk
schooljaar (17 augustus);
- ouderparticipatie
bij niveaulezen, leesspelletjes in groep 3 en spelletjesmiddagen
in de groepen 1 en 2 én bij door de school georganiseerde
activiteiten als avondvierdaagse, schoolreizen, enz.;
-
informatie-avond
(inloop-avond) in september/oktober voor alle groepen (dinsdag
15 september);
-
info-avonden van de
groepen 1/ 2, 3, 6 (dinsdag 1 september ) en 8 (dinsdag 13
oktober);
- de rommelmarkt
(zaterdag 29 mei).
- presentatie van de
lampions op woensdag 11 november om 08.30 uur;
- de zakelijke
ouderavond op 25 november;
- de ontvangst van
Sinterklaas op vrijdag 4 december;
-
kleine
thematentoonstelling gekoppeld aan de kinderboeken week (
donderdag 15 oktober)
-
de
toneeluitvoeringen door de leerlingen van groep 3 t/m 8 in
juni/juli;
-
de schoonmaakavond
voor de onderbouw; dit jaar op 28 juni.
-
de avondvierdaagse
in 31 mei 1, 2, 3 juni.
-
begeleiding en
vervoer van leerlingen bij sportactiviteiten en schoolreizen;
- de laatste
schooldag;
-
drie keer per jaar
een schoolkrant.
Voor ouders bestaat een algemeen
landelijk informatienummer over onderwijs: 0800-5010.
Huiswerk.
In verschillende groepen wordt
huiswerk meegegeven.
Het doel van het huiswerk is
(extra) oefening, ondersteuning om betere resultaten te kunnen
behalen.
Huiswerk
wordt tot een minimum beperkt, maar vormt wel een wezenlijk
onderdeel van het onderwijs.
In de
middenbouw wordt in overleg met de ouders huiswerk meegegeven
voor: spelling, voorbereiding “Goed gelezen!”,
toetsvoorbereiding rekenen, topografie. Incidenteel wordt werk
meegegeven dat niet af is gekomen. Het is niet de bedoeling dat
dit structureel wordt.
In de
bovenbouw wordt gebruik gemaakt van de Butte-site
(www.butte.picto.nl) als ondersteuning naar de ouders over wat
en wanneer.
In de
bovenbouw (groep 6,7,8) wordt standaard huiswerk meegegeven
voor: aardrijkskunde, topografie en incidenteel voor spelling,
voorbereiding “Goed gelezen!”, toetsvoorbereiding voor rekenen
en werk dat niet af is gekomen. Het is ook hier niet de
bedoeling dat dit structureel wordt.
De ouders
mogen van de leerkrachten verwachten dat het huiswerk tijdig
wordt meegegeven en dat duidelijk is wat de leerling moet doen.
Van de
ouders verwachten we uiteraard een positieve stimulans met
betrekking tot het meegegeven huiswerk, dat het op tijd af is en
dat het netjes wordt gehouden.
Indien er
thuis conflicten ontstaan door huiswerk vragen we nadrukkelijk
contact met de leerkracht op te nemen.
Ouderhulp.
Op diverse momenten in het
schooljaar vraagt de school ouders om mee te helpen. Dat wordt
bekend gemaakt via dit bulletin, de borden naast de deuren van
de klassen of ouders worden daarvoor rechtstreeks benaderd.
Ook het komend schooljaar wordt
er drie keer per week (dinsdag-, woensdag-, en donderdagmorgen
van 08.30 – 09.00 uur onder begeleiding van ouders aan niveau
lezen (tot en met AVI-4) gedaan. Ouderhulp hiervoor is dan ook
dringend gewenst. Opgave bij juf Lo.
Ook vragen we ouders te willen
assisteren bij de leesspelletjes in groep 3.
In de onderbouw is één keer per
maand een spelletjesmiddag. Hiervoor zijn telkens enkele ouders
nodig voor begeleiding. Op het bord in de gang kan telkens
worden ingetekend.
Bovendien zullen ouders worden
gevraagd voor vervoer en begeleiding en hulp bij activiteiten,
zoals de avondvierdaagse en bij excursies. We hopen niet
tevergeefs een beroep op jullie te doen.
Alle ouderactiviteiten worden
verricht onder de verantwoordelijkheid van de leerkrachten. Zij
zijn uiteindelijk verantwoordelijk voor de gang van zaken. De
rol van de ouders bij deze activiteiten is van groot belang voor
het contact tussen school en thuis. Wel vraagt participatie van
ouders de nodige verantwoordelijkheid en diskreet omgaan met
informatie aan anderen over leerlingen.
Ouderbijdrage.
De ouderraad is een reguliere
vereniging. Dit houdt in dat de financiële stromen geen
onderdeel hoeven uit te maken van de gelden van ons bestuur en
tevens dat bestuursleden niet hoofdelijk aansprakelijk kunnen
worden gesteld.
Het gevolg
daarvan is, dat ouders in principe lid worden van de ouderraad
als vereniging. Voor dit lidmaatschap betalen zij contributie.
Deze is even hoog als de, voorheen vrijwillige, bijdrage voor de
ouderraad. Ouders hoeven per definitie geen lid te zijn van de
ouderraad, maar hebben dan op de zakelijke ouderavond ook geen
stemrecht.
De bijdrage
bedraagt € 17,50 per leerling (Vastgesteld op de zakelijke
ouderavond van 13 februari 2001).
Voor de
volledigheid even een opsomming van de activiteiten, die uit de
schoolfondsbijdrage betaald worden:
-
Jaarlijkse feesten
(Sinterklaas, Sint-Maarten, Kerst)
-
Eerste en laatste
schooldag
-
Niet geplande
activiteit of aardigheidje
Eventueel
andere te maken kosten moeten worden gefinancierd uit extra te
organiseren activiteiten en uit de opbrengst van het oud papier.
De
ouderbijdrage moet worden overgemaakt op banknr. 95.70.38.836
t.n.v. Ouderraad odbs De Butte in Borgercompagnie. We vragen u
dit z.s.m. na de zomervakantie te doen.
De ouderraad.
De zittende
OR-leden zijn:
Mevr. S.
van der Velde (moeder van Niels gr. 4 en Sander gr.1)
Mevr. K.
Wildeboer (moeder van Krijne gr.2)
Mevr. N.van
Maanen (moeder van Timo gr.2 en Nikki gr.4)
Mevr. H.I.
Bakker (moeder van Angelo gr.1)
Mevr. B.
Molenaar (moeder van Tijs gr.3 Jop gr.2)
Dhr. L.
Schuurman (vader van Sylvain gr.2)
De
ouderraad is primair bezig met de organisatie en uitvoering van
de verschillende (buitenschoolse) activiteiten.
Bij de
OR-vergaderingen is steeds een afvaardiging van het team
aanwezig.
Op de
komende zakelijke ouderavond in november zullen zowel voor de MR
als voor de OR verkiezingen zijn. Hiervan wordt u afzonderlijk
op de hoogte gesteld.
Schoolreizen.
Een aantal jaren geleden is in de
OR (ouderraad) gesproken over de vergoedingen voor de
schoolreizen en de vervoersregels.
In een gezamenlijke
MR-OR-vergadering is afgesproken dat de begeleiding van de
schoolreizen door het personeel wordt gevraagd.
De reisdoelen voor de onderbouw
en de middenbouw zijn nog niet bekend. Een en ander hangt samen
met het reisdoel en het middel van vervoer.
De groepen
6, 7 en 8 gaan dit jaar vermoedelijk naar Roden. De kosten
hiervoor bedragen waarschijnlijk € 55,--.
De medezeggenschapsraad.
De zittende
MR-leden zijn:
Mevr. J.
Huizinga - secretaris (moeder van Remy (gr 7)
en Renée (gr 5)
Dhr. M.
Wildeboer - lid (vader van Krijne gr.2)
Mevr. G.
Ottenga - voorzitter bij vergadering
(personeelsgeleding)
Mevr. E.S.
Verbruggen - lid (personeelsgeleding)
De
directeur heeft geen zitting in de MR. Zijn taak is meer die van
overlegvoerder tussen het bevoegd gezag (= bestuur) en de MR
geworden. Hiervoor krijgt hij van dat bestuur een aantal
mandaten. Deze zijn vastgelegd in een managementstatuut.
Het
medezeggenschapsreglement ligt op school ter inzage.
Bij het
bestuur is een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR)
ingesteld. De MR is primair bezig met schoolse en bovenschoolse
onderwijskundige, huishoudelijke en organisatorische zaken.
Klachtenregeling.
In het dagelijks werk op school
zijn er vele contacten tussen leerlingen, leerkrachten en
ouders. Op elke school doen zich daarbij wel eens probleempjes
voor. Dat is op onze school niet anders. De meeste van deze
zaken worden gelukkig zonder meer opgelost. Soms lukt dat echter
niet direct of minder goed. Daarom hebben we als openbare
scholen afspraken gemaakt over de stappen die u kunt nemen om uw
problemen aan te kaarten.
Waar kunt u terecht met klachten
of opmerkingen?
Hieronder wordt stapsgewijs
aangegeven hoe u verder kunt wanneer u het gevoel heeft dat uw
problemen niet naar behoren worden afgehandeld. In eerste
instantie gaat u met uw klacht gewoon naar:
1. De groepsleerkracht van uw
kind.
De groepsleerkracht kent uw kind
normaal gesproken het best en zal ook in veel gevallen voor een
oplossing kunnen zorgen.
Heeft u het gevoel dat:
-
u bij de
groepsleerkracht geen gehoor krijgt,
-
deze uw problemen
niet kan oplossen,
-
het een
schoolprobleem is,
dan gaat u naar:
2. De directie van de school.
U bespreekt met de directeur het
probleem. Deze zal proberen uw probleem, indien mogelijk, op te
lossen. Mocht u echter met deze oplossing niet tevreden zijn,
of heeft u het gevoel dat uw klacht niet goed is afgehandeld,
dan kunt u contact opnemen met:
3. Een klacht indienen bij het
bevoegd gezag van de school.
Dat moet dan wel schriftelijk. U
kunt uw klacht sturen naar “Stichting Openbaar primair Onderwijs
Menterwolde, Stadskanaal en Veendam. Postbus 9500 AH
Stadskanaal.
Wordt naar uw mening uw klacht
dan ook nog niet zorgvuldig afgehandeld, dan kunt u:
4. Een officiële klacht indienen
bij de Landelijke klachtencommissie voor het openbaar onderwijs.
Het adres is: Postbus 162, 3440
AD Woerden, tel: 0348-405245 / fax: 0348-405244.
Als u een officiële klacht
indient bij het bevoegd gezag of bij de Landelijke
klachtencommissie, is de officiële klachtenregeling van
toepassing. Deze regeling ligt op school en bij het, bij de
bovenschoolse directie en bij de gemeente ter inzage.
Contactpersoon.
Elke
school heeft een contactpersoon, die u kan doorverwijzen naar de
vertrouwenspersoon. Voor alle duidelijkheid; de contactpersoon
mag zich niet met het probleem bemoeien. Voor onze school is de
contactpersoon: Mevr. E. Verbruggen
Vertrouwenspersoon.
Als u een
klacht heeft, kunt u ook de vertrouwenspersoon aanspreken. De
vertrouwenspersoon gaat na of u samen met de school de klacht
heeft proberen op te lossen, gaat na of door bemiddeling een
oplossing kan worden bereikt en gaat na of de gebeurtenis
aanleiding geeft tot het indienen van een klacht.
Verder kan
de vertrouwenspersoon u helpen bij het indienen van een klacht
bij de klachtencommissie. De vertrouwenspersoon maakt geen deel
uit van de school.
De vertrouwenspersonen zijn:
Mevr. D. Hoving. Zij is
bereikbaar bij ARBO Noord, tel. 050 524 28 00, postadres:
Postbus 682, 9700 AK Groningen.
En tot slot.........
Ook met
een goede klachtenregeling zal het niet mogelijk zijn om alle
problemen helemaal bevredigend op te lossen. Het kan zelfs zo
zijn dat uw klacht door ons niet op te lossen is. Wij zeggen u
echter toe uw klacht uiterst serieus te zullen nemen.
In zijn
algemeenheid en naar aanleiding van de Kwaliteitskaart
“Contacten met ouders” nog het volgende:
-
de school is
verantwoordelijk voor de onderwijskundige keuzes; de school
informeert de ouders over de gemaakte keuzes in schoolgids en
schoolplan.
-
de ouders zijn
verantwoordelijk voor het gedrag van hun kind, zowel in als
buiten de school.
-
de school voert de
regie over het onderwijs.
-
zittenblijven is in
onze school nog steeds mogelijk; we zien het als middel om
sommige kinderen wat meer tijd te geven te kunnen groeien; de
leerkracht heeft hierbij de doorslaggevende stem; de criteria
m.b.t. doubleren en verlengen kleuterperiode zijn vastgesteld en
in deze schoolgids opgenomen; daarnaast is het ook mogelijk om
te werken op een hoger niveau.
-
de plaatsing in de
groep en de groepssamenstelling is volledig aan de
leerkracht/directie.
-
al in groep zes
komt een voorlopig advies met betrekking tot het
vervolgonderwijs ter sprake.
-
eens in de twee
jaar houden we een ouder enquête.
Criteria voor het doubleren,
verlengen van de kleuterjaren en plaatsen in het SBO.
Stappenplan.
- In september
van elk schooljaar worden alle leerlingen in teamverband
individueel besproken, waarbij van alle leerlingen wordt
nagegaan of zij eerder hebben gedoubleerd, of zij een D dan wel
een E scoorden op een van de laatste Cito toetsen, of zij in
sociaal emotioneel opzicht belemmeringen vertonen, of zij
hoogbegaafd, motorisch zwak zijn, of zij externe zorg krijgen en
van welk niveau van zorg sprake is.
Potentiële doublures/verlenging
van kleuterjaren komen ter sprake.
-
Voor een goed overzicht wordt
gebruik gemaakt van een overzichtsformulier dat tevens dient als
volgmodel. Op dit volgmodel worden belangrijke zaken tussentijds
bijgeschreven.
-
Aan het begin van het
schooljaar wordt (opnieuw) bekeken in hoeverre
handelingsplanning, reteaching, externe zorg noodzakelijk en
mogelijk is om mogelijke doublure c.q. verlengen van het
kleuterjaar te voorkomen. Er kan worden besloten geen extra
inspanning te doen als blijkt dat er sprake is van ontbreken van
voldoende ”groei”.
Handelingsplanning, reteaching en
externe zorg worden duidelijk geregistreerd in eerder
ontwikkelde registratieformulieren.
Elke verandering van niveau van
zorg wordt met de ouders besproken.
- In januari
worden toets- en andere gegevens vergeleken met die van juni
van het jaar daarvoor en de eerder genoemde groepsbespreking.
Opnieuw worden potentiële zittenblijvers of kleuters met
mogelijk een verlengd kleuterjaar gesignaleerd. Deze leerlingen
worden in januari nogmaals in een teamoverleg besproken. Er
wordt opnieuw besproken in hoeverre handelingsplanning,
reteaching, externe zorg noodzakelijk en mogelijk is om de
doublure, het verlengen van het kleuterjaar te voorkomen.
- Rond april/mei
van elk schooljaar wordt definitief gekozen voor al of niet
doubleren of verlengen van het kleuterjaar. Criteria hiervoor
zijn:
-
de leerling is nog
niet eerder gedoubleerd;
-
de extra hulp
(handelingsplanning, reteaching, enz.) heeft niet geleid tot
gewenste resultaat
-
doubleren is
acceptabel omdat de leerling de kans moet krijgen op voldoend
niveau te komen; de leerling heeft voldoende capaciteiten om na
een doublure een voldoend niveau te halen (dit in tegenstelling
tot het niet laten doubleren en op eigen niveau verder gaan);
-
de leerling is
sociaal-emotioneel nog niet toe aan de volgende groep om met de
cognitieve vaardigheden bezig te zijn;
-
er zijn (externe)
omstandigheden die een doublure rechtvaardigen;
-
er is overleg
geweest over de wensen en verwachtingen van ouders;
-
in de beslissing
zijn de expertise en de mogelijkheden van de school betrokken;
-
de uitslagen van de
toetsen zijn, al langer, duidelijk onder het niveau van het kind
en ook de methodegebonden toetsen zijn en blijven onvoldoende;
-
de leerling is meer
gebaat bij doubleren dan bij een eigen leerlijn;
-
de uiteindelijke
beslissing voor het doubleren ligt bij de leerkracht, zo nodig
in overleg met de IB-er en/of directie;
-
van elk extra
overleg wordt een verslag gemaakt; deze gespreksverslagen worden
ondertekend door ouders en teamlid.
Plaatsing in het SBO.(=Speciaal
basis onderwijs)
Bij overweging tot plaatsing in
het SBO zijn bovenstaande uitgangspunten eveneens van belang.
-
Met name het feit
of een kind zich op onze school ongelukkig voelt (gaat voelen)
is een belangrijke factor om het kind in het SBO te plaatsen.
-
Ook de wens en
verwachtingen van de ouders speelt een belangrijke rol.
-
Als laatste, maar
zeker niet onbelangrijk punt is of met het handhaven van
betreffende leerling de te verlenen zorg kan worden geboden,
zowel in kwaliteit als in kwantiteit.
6.
Algemene informatie over de school
Inzet personeel.
Juf
Margriet Bijlsma heeft de kleuters onder haar hoede van maandag
tot en met woensdag. Op woensdagmorgen is zij om half 12 vrij,
gelijk
met de
kleuters. Op donderdag en vrijdag is juf Gerda Ottenga de
kleuterjuf.
Juf Lo
Bolling heeft op woensdag, donderdag en vrijdag de groepen 3, 4
en 5. Op maandag en dinsdag werkt juf Gerda Ottenga in de
middenbouw. Een deel van die tijd is juf Lo lesvrij voor haar
taken als interne begeleider van de school.
Op maandag heeft juf Lo heeft
dan BAPO (Bevordering Arbeids Participatie Ouderen).
De groepen
6, 7 en 8 krijgen op maandag, dinsdag en donderdag les van juf
Els Verbruggen. Op de woensdag en vrijdag geeft juf Nicole
Warntjes les aan deze groepen.
Op vrijdag en de helft van de
woensdagen heeft juf Els BAPO. Verder doet juf Els op de
resterende woensdagen oa cursussen in het kader van het
project academische basisschool.
In
februari komt Jantiena Koops als LIO-er (Leraar in Opleiding) in
de bovenbouw. De school krijgt vanaf februari een stagiair SPW.
Deskundigheidsbevordering personeel.
ABS /
VTB / OPLIS / ACTIVE bord
Alle
leerkrachten hebben enkele jaren geleden een cursus coaching
gevolgd, met name om stagiaires goed en bij de tijd te kunnen
begeleiden.
Ten behoeve
van een verbetering van de aanpak van de sociale vaardigheden is
het afgelopen jaar gestart met begeleiding op het gebied van de
oplossingsgerichte strategie en hieraan gekoppeld het realiseren
van anti-pestbeleid m.b.v. de no-blame-methodiek. Dit vraagt
echter nog om aanzienlijk meer investering daarin om een en
ander te realiseren.
In het onderwijs stopt de
algemene scholing nooit. Nieuwe ontwikkelingen nopen tot nieuwe
studie, maar ook moeten zaken worden bijgehouden en
aangescherpt.
De
begeleiding door de OBD Groningen in het kader van werken met
Kwaliteitskaarten (KWINTOO), waaraan we als volledig team
deelnemen, kan zeker onder scholing genoemd worden. De afgelopen
jaren zijn de Kwaliteitskaarten “Contacten met ouders”,
“Opbrengsten”, “Zorg en begeleiding”, “Leertijd”,
“Kwaliteitszorg”, ”Schoolklimaat” en “Toetsing” behandeld. Dit
jaar wordt één nieuwe kaart afgehandeld en zullen oude kaarten
worden geëvalueerd en bijgesteld. Deze kaarten sluiten nauw aan
bij de inspectiebezoeken. Na behandeling in het team worden de
kaarten in de MR besproken.
Juf Margriet en juf Gerda volgen
jaarlijks de herhalingscursus EHBO en juf Margriet gaat samen
met meester Norder jaarlijks de BHV (bedrijfshulpverlening)
herhalingscursus doen.
Juf Lo en juf Margriet gaan
jaarlijks naar de onderbouwdagen.
In het
kader van het Integraal Personeelsbeleid (IPB) zullen er de
komende jaren jaarlijks gesprekken volgen tussen personeel en
directie m.b.t. loopbaanplanning en gerichte scholing daarop.
Naast de vaste jaarlijkse bijeenkomsten zal ten behoeve van de
zorgverbreding scholing plaats vinden om de eigen vaardigheden
te vergroten en/of op peil te houden.
Bibliobus.
De
bibliobus komt elke dinsdagmorgen bij school van 8.30 – 9.00
uur. Alle kinderen worden automatisch lid. De kleuters lenen
voor of onder schooltijd.
Wilt u er
vooral bij de jongere kinderen op letten, dat het kaartje met de
datum erop in een van de boeken blijft? Te laat ingeleverde
boeken leiden tot boetes. Ouders en kinderen zijn hiervoor zelf
verantwoordelijk.
We zullen
als school proberen het bibliotheekbezoek te stimuleren. We
vragen u als ouder datzelfde te doen. Om de kinderen te
begeleiden is een (oud-)ouder in de bus aanwezig.
Ook de
kinderen uit de onderbouw worden begeleid naar de bus. Deze
groep kan echter niet eerder naar de bus gaan dan nadat alle
leerlingen die voor schooltijd lenen in de klas zijn.
Gym en spel.
In de gymzaal moeten gym- of
sportschoenen worden gedragen.
Wilt u
voor de kleuters gymschoentjes met een stroeve zool en zonder
veters nemen? Graag in een stoffen zak (met de naam op zak en
schoenen) meegeven naar school. De schoenen blijven dan op
school.
De groepen
3 t/m 8 gymmen in gymkleding en dragen sportschoenen. Vanwege de
hygiëne mogen de schoenen buiten niet gedragen zijn. Ook mogen
de schoenen geen zwarte zolen hebben. Gymkleding wordt na de les
steeds mee naar huis genomen.
Voor de
groepen 3 t/m 8 is na het gymmen douchen verplicht. Mocht dit om
welke reden dan ook niet mogelijk zijn, wilt u dat dan even
persoonlijk doorgeven?
Wanneer er voetwratten of
-schimmel wordt geconstateerd, dan willen we dat graag weten.
Zwemmen.
Ook dit
jaar worden door het zwembad "Tropiqua" weer zwemlessen
verzorgd. De groepen 3, 4 en 5 en 6 zwemmen op woensdagmorgen
van 10.00 – 11.00 uur in de even weken. De zwemlessen vormen
voor groep 3 t/m 5 een verplicht onderdeel van de schoolweek.
Zij worden gezien als een “natte” les bewegingsonderwijs. Verder
zijn de zwemlessen erop gericht dat kinderen die nog geen
diploma halen deze tijdens het schoolzwemmen kunnen halen.
Naast een van de leerkrachten moet tevens
een ouder als begeleiding mee.
Voor het vervoer wordt een bus
ingezet. Door strengere regels (zwemprotocol) mogen de groepen
niet te groot worden zowel in de bus als in het bad. Hoewel deze
zwemlessen in principe voor de groepen 5 en 6 zijn is voor onze
school een uitzondering gemaakt.
Godsdienst.
Het
komende schooljaar is er weer godsdienstonderwijs voor, dit jaar
uitsluitend, groep 8 door mevr. Tineke Huizing.
Het volgen van
godsdienstonderwijs is wettelijk niet verplicht. Ouders van
kinderen die principieel bezwaar hebben tegen het laten volgen
van dit onderwijs, kunnen dit kenbaar maken. Deze kinderen zal
dan alternatief werk in de sfeer van geestelijke stromingen
worden aangeboden. Een van de voorgaande jaren is in de MR en de
OR, naar aanleiding van een vraag van een van de ouders op de
zakelijke ouderavond, gekeken naar de mogelijkheid om naast het
godsdienstonderwijs ook humanistisch vormingsonderwijs aan te
bieden. Voorwaarde van de kant van de school is dan wel dat dit
op hetzelfde tijdstip dient te gebeuren.
Van de
kant van de gemeente zijn er geen bezwaren. Het initiatief ligt
bij de ouders. Het moet overigens wel duidelijk zijn dat deze
lessen ook uitsluitend bedoeld zijn voor groep 8.
Onderstaand een klein briefje van mevr. Tineke Huizing dat als
aanvulling op de informatie in deze schoolgids is opgenomen.
Geachte
ouders en verzorgers,
Mijn
naam is Tineke Huizing.
Sinds enkele jaren geef ik
levensbeschouwing op de Butte.
Hoe
beschouw je het leven? Hoe kijk je naar de werkelijkheid?
Bij dit
vak gaat het om wie je bent en niet om wat je hebt.
We gaan
samen nadenken en praten over o.a. liefde, recht en onrecht,
jaloezie, racisme, geluk.
Vroeger
noemde je het vak “Godsdienst”, en sprak men voornamelijk over
het Christendom.
Maar er
zijn meerdere godsdiensten, bijv. de Islam, het Jodendom en het
Hindoeïsme.
We
zullen op een respectvolle manier naar de verschillende religies
kijken.’
Waarom
geloven mensen eigenlijk? En hoe beleven zij hun geloof?
Ook
staat er vaak een excursie naar de Rooms-Katholieke kerk of naar
de moskee op het programma.
Onderwerpen genoeg om gedachten over uit te wisselen.
Graag
zie ik daarom uw kind.
Met vriendelijke
groeten,
Tineke Huizing
Schoolongevallen en aansprakelijkheid.
De Stichting
Openbaar Primair Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam
heeft voor al haar scholen een verzekeringspakket afgesloten,
bestaande uit een ongevallenverzekering en een
aansprakelijkheidsverzekering.
Ongevallen.
Op grond van de
ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij
schoolactiviteiten ( leerlingen, personeel,vrijwilligers)
verzekerd. De verzekering geeft recht op een (beperkte)
uitkering indien een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt.
Ook zijn de geneeskundige en tandheelkundige kosten gedeeltelijk
meeverzekerd (tot een bepaald maximum), voor zover de eigen
verzekering van betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door
eigen risico). Materiële schade (kapotte bril, fiets enz.) valt
niet onder de dekking. Deze schade is voor rekening van de
ouders/verzorgers zelf. Leerlingen die op stage gaan zijn
tijdens de uitoefening hiervan ook verzekerd voor ongevallen.
Aansprakelijkheid.
De
aansprakelijkheidsverzekering biedt zowel de school zelf als zij
die voor de school actief zijn (bestuursleden, personeel,
vrijwilligers) dekking tegen schadeclaims van derden ten gevolge
van onrechtmatig handelen uithoofde van de school ten opzichte
van deze derden. Binnen de aansprakelijkheidsverzekering is ook
dekking voor leerlingen die op stage gaan. Schade tijdens de
stage veroorzaakt aan derden alsmede aan de stagegever is onder
deze verzekering gedekt.
Wij attenderen u
in dit verband op twee aspecten, die vaak aanleiding zijn tot
misverstand.
Ten eerste is de
school/het schoolbestuur niet ( zonder meer) aansprakelijk voor
alles wat tijdens de schooluren en buitenschoolse activiteiten
gebeurt. Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die
in schoolverband ontstaat door de school moet worden vergoed.
Deze opvatting leeft wel bij veel mensen, maar is gebaseerd op
een misverstand. De school heeft pas een schadevergoedingsplicht
wanneer er sprake is van een verwijtbare fout. De school (of zij
die voor de school optreden) moeten dus te kort zijn geschoten
in hun rechtsplicht. Het is mogelijk dat er schade wordt
geleden, zonder dat er sprake is van enige onrechtmatigheid.
Bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles wordt er een bal geschopt.
Deze komt op een bril van een leerling terecht en de bril is
kapot. Die schade valt niet onder de
aansprakelijkheidsverzekering, en wordt dan ook niet door de
school vergoed.
Ten tweede is de
school niet aansprakelijk voor schade door onrechtmatig gedrag
van leerlingen. Leerlingen (of, als zij jonger zijn dan 14 jaar,
hun ouders) zijn primair zelf verantwoordelijk voor hun doen en
laten. Een leerling die tijdens de schooluren of tijdens door de
school georganiseerde activiteiten door onrechtmatig handelen
schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de
ouders) verantwoordelijk voor. Het is dus van belang dat
ouders/verzorgers zelf een particuliere
aansprakelijkheidsverzekering. hebben afgesloten.
Schoolvoorstellingen/culturele
activiteiten.
Alle
leerlingen bezoeken jaarlijks een theatervoorstelling, of nemen
deel aan een andere kunstzinnige activiteit.
De
Jeugdgezondheidszorg op de basisschool.
Vanaf de
basisschoolleeftijd krijgen kinderen te maken met de
Jeugdgezondheidszorg van de GGD. In dit artikel leest u wat de
Jeugdgezondheidszorg van de GGD Groningen u en uw kind te bieden
heeft.
De
Gezond-opgroeien-krant.
De GGD
verspreidt onder alle ouders van vierjarige kinderen de
Gezond-opgroeien-krant.
In deze krant
vindt u informatie over de gezondheid en opvoeding van kinderen.
Onderzoek van gehoor, gezichtsvermogen, lengte en gewicht.
In groep 2 komt
de doktersassistente van de GGD op school voor een onderzoek van
het gehoor en gezichtsvermogen. Ook worden de kinderen tijdens
dit onderzoek gemeten en gewogen. De ouders worden uitgenodigd
hierbij aanwezig te zijn.
De kinderen
worden opnieuw gemeten en gewogen in groep 6.
Er wordt dan ook
klassikaal voorlichting gegeven over voeding en bewegen.
De ouders zijn
hier niet bij aanwezig.
De onderzoeken
vinden alleen plaats als ouders hiervoor toestemming geven.
Als tijdens één
van de onderzoeken blijkt dat iets niet (helemaal) goed is,
krijgt u hiervan bericht. Samen met u wordt bekeken wat er moet
gebeuren.
Vragenlijst
groep 2.
Ter
voorbereiding krijgt u als ouder een vragenlijst over de
gezondheid en het welbevinden van uw kind. De doktersassistente
neemt met u deze vragenlijst door. Mochten er bijzonderheden of
vragen zijn dan wordt u uitgenodigd voor een gesprek met de arts
of de verpleegkundige van de GGD.
Vragenlijst
groep 6.
Ook in groep 6
krijgen ouders een vragenlijst. Op de vragenlijst kunt u
aangeven of u prijs stelt op een gesprek met een verpleegkundige
of arts van de GGD.
Onderzoek
van stem-, spraak- en/of taalproblemen.
In een aantal
gemeenten in de provincie Groningen worden kinderen in groep 2
onderzocht op stem-, spraak- en/of taalproblemen. Dit gebeurt
door de logopedist van de GGD. Ouders ontvangen de uitslag van
het onderzoek. Soms kan dit aanleiding zijn voor extra
logopedische begeleiding.
Vulpennen/inktwissers/linialen.
We willen
graag, dat kinderen op school met een vulpen/rollerpen
schrijven. Het handschrift wordt hierdoor verbeterd.
De eerste pen,
waarmee de kinderen in groep 3 gaan schrijven, krijgen ze van
school. Wanneer de pen vervangen moet worden, kan deze voor €
4,50 (vulpen)/ € 3,50 (rollerpen) van school worden gekocht. Het
zelf vervangen is uiteraard ook mogelijk. Echter, de zelf
gekochte pennen hebben soms een matige kwaliteit of ze schrijven
niet goed.
Uiteraard zorgen wij voor de
inktvullingen met uitzondering van inktvullingen van
zelfgekochte pennen, waarvan de inktvullingen niet universeel
zijn.
Ook wordt
aan het begin van het schooljaar een inktwisser verstrekt (werkt
alleen bij universele vullingen). In de loop van het jaar kan
een nieuwe wisser voor € 0,25 worden gekocht.
In de
groepen 4, 5, 6, 7 en 8 gebruiken de kinderen een liniaal.
Wanneer deze opzettelijk wordt kapotgemaakt of hij gaat
verloren, moet deze voor € 0,25 worden vervangen. Regelmatig
raken leerlingen spullen kwijt die door school in bruikleen
worden gegeven (schaar, kleurpotloden, zelfs boeken). Het is in
extreme gevallen mogelijk dat hiervoor een vergoeding moet
worden gevraagd.
Verf-/lijmvlekken.
Verfvlekken
zijn te verwijderen door zo snel mogelijk het kledingstuk te
wassen. Behalve ecoline is alle door ons gebruikte verf
waterverf. Toch is snel wassen belangrijk. Het blijkt af en toe
dat zelfs waterverf, met name zwart en rood, moeilijk te
verwijderen is.
Voor
hardnekkige vlekken kunt u het eens proberen met een papje van
spiritus en biotex. Ook ossegalzeep biedt soms uitkomst.
Overigens
wordt nog slechts sporadisch gebruik gemaakt van lijm met een
oplosmiddel.
Schriften mee.
Regelmatig
geven we de schriften op donderdag mee naar huis, om zo ouders
tussendoor op de hoogte te houden van de werkzaamheden in de
school. De schriften worden eens in de vijf à zes weken
meegegeven. Het werk wordt in een map in een plastic tas mee
naar huis genomen. In de bovenbouw wordt aan een van de ouders
gevraagd het begeleidende briefje te ondertekenen. Wil men
tussendoor inzicht in dit of overig werk, neem dan even contact
op met de leerkracht.
De
schriften moeten beslist de volgende dag mee naar school worden
genomen. Er wordt dan weer in gewerkt.
Snoepen/traktaties.
Snoepen is
slecht voor de gezondheid. We stellen dan ook in het kader van
gezondheidsvoorlichting en -opvoeding dat snoepen in school én
op het schoolplein niet is toegestaan. Laat voor de pauze ook
geen zoetigheid meenemen. Ook koek (waaronder Liga en Evergreen)
blijkt slecht voor de tanden te zijn. We vragen u dan ook dit
niet mee te laten nemen. Het is niet toegestaan drinken mee naar
school te nemen voor in de kleine pauzes. Dit is alleen
toegestaan bij het overblijven. Water drinken mag uiteraard
altijd!
Het
trakteren neemt soms exorbitante vormen aan. We willen geen
normen aangeven, maar we zouden willen stimuleren de prijs van
de traktaties binnen algemeen aanvaardbare proporties te houden
en ook hier het gebruik van snoep willen ontmoedigen, ook als
traktatie aan het personeel.
Fruit.
De kleuters eten elke morgen
gezamenlijk fruit. Wilt u dit gereed voor consumptie meegeven?
Graag met naam erop.
Geen
drinken i.v.m. het knoeien. De kinderen mogen altijd water
drinken als ze dorst hebben. Hiervoor hebben de leerlingen een
eigen beker.
Ook de
kinderen van de middenbouw en bovenbouw eten in de pauze hun
fruit op. Zij doen dat echter buiten. De kinderen van de
middenbouw leggen hun fruitbakje in het rode kratje in de
voorste hal. Graag naam op het bakje.
Bovenbouwers kunnen hun fruit in het bruine bakje bij de deur
van het bovenbouwlokaal doen.
Speelgoed van thuis.
Hebben de
kinderen een cadeautje gekregen of iets speciaals, dat leuk is
om te laten zien, of om mee te spelen, dan mogen ze dit
meenemen. Liever niet elke dag spullen laten zien.
Ook als
over een bepaald thema wordt gewerkt, mag iets worden
meegenomen.
In de
onderbouw is het dit schooljaar eens in de maand op
dinsdagmiddag “speelgoedmiddag”. Dit staat op de kalender
aangegeven. De kleuters mogen dan speelgoed van thuis meenemen.
Hoofdluis.
Een lastig
probleem waar iedere school met regelmaat mee te maken krijgt.
Volgens de richtlijnen en adviezen van de GGD, adviseren wij om
uw kind(eren) regelmatig te controleren op neten / luizen.
Mocht u
hoofdluis bij uw kind(eren) constateren dan verzoeken wij u dit
door te geven aan de groepsleerkracht. Vanuit de school gaat er
een brief mee met advies ter behandeling.
Oud papier.
Ook dit
jaar wordt er weer oud papier verzameld.
Elke drie
weken wordt er een container bij school geplaatst. Het is zonde
om te zien dat er in ons dorp nog zoveel papier bij de groene
container wordt geplaatst. De data staan op de kalender.
Wilt u het papier a.u.b. voor de
school bewaren en komen brengen? Misschien kunt u het ook nog
verzamelen van opa en oma, oom en tante, vrienden en bekenden.
Neemt u alstublieft even de moeite en breng het oud papier of
laat het brengen.
De
opbrengst van het oud papier komt voor 2/3 deel in de
schoolfondspot en voor 1/3 deel bij de schoolreizen.
7.
Adressen
Het team:
Directeur
:
Dhr. H. Norder
Directeur
a.i. : Mevr. W.L.Mulder
Groep 1 en 2 : Mevr. M.J. Bijlsma,
e-mail:
margiet.beuker@butte.picto.nl
Groep 3, 4 en 5 : Mevr. L.Y. Bolling,
e-mail:
lo.bolling@butte.picto.nl
Groep 1, 2, 3, 4,5 : Mevr. G. T.
Ottenga, e-mail:
gerda.ottenga@butte.picto.nl
Groep 6, 7
en 8 : Mevr. E.S. Verbruggen, e-mail:
els.verbruggen@butte.picto.nl
Groep 6, 7 en 8 : Mevr. N.A.
Warntjes (invalkracht), email:
nicole.warntjes@butte.picto.nl
Groep 3 t/m
8 : M. Boiten, gymleerkracht,
Bevoegd
gezag:
Het adres van de stichting en
algemene directie is:
Stichting Openbaar Primair
Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam
Hoogveen 1, Stadskanaal
Postbus 310
9500 AH Stadskanaal
Tel. 0599 – 696390
Algemene directie:drs. H. Poppen
& dhr.H.E. Oosterwijk
Inspectie:
Inspectie
van het onderwijs,
info@owinsp.nl
www.onderwijsinspectie.nl
Vragen over
onderwijs: 0800-8051 (gratis)
Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik,
ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt
vertrouwensinspecteurs: 0900-1113111 (lokaal tarief)
Overblijfcoördinator:
Mevr. W.
Ludolphie
Literatuurlijst:
Model
jaarverslag voor het basisonderwijs (VOO; 1994)
Raamplan
schoolgids van de gemeente Veendam (1998)
Handreiking
voor het maken van een schoolgids (Sardes; 1996)
Lijst
aandachtspunten schoolgids 1999/2000 (Inspectie basisonderwijs;
1998)
School(werk)plan/activiteitenplan van obs De Butte (1999)
Schoolplan
2007-2011
Jaarverslag
en jaarplan odbs De Butte (jaarlijks)
Afkortingen:
NME:
Natuur- en milieueducatie.
SBO:
Speciaal basisonderwijs
*) vanwege
afwezigheid van de directeur en de onzekerheid over voortgang
ABS zijn deze activiteiten tijdelijk stopgezet.
Bijlage
Informatie OPRON (alle scholen hetzelfde)
Waar kunt u terecht met klachten of opmerkingen?
Hieronder wordt stapsgewijs aangegeven hoe u verder kunt wanneer
u het gevoel heeft dat uw problemen niet naar behoren worden
afgehandeld. In eerste instantie gaat u met uw klacht gewoon
naar:
1. De groepsleerkracht van uw kind
De groepsleerkracht kent uw kind normaal gesproken het best en
zal ook in veel gevallen voor een oplossing kunnen zorgen. Heeft
u het gevoel dat:
·
u bij de groepsleerkracht geen gehoor krijgt,
·
deze uw problemen niet kan oplossen,
·
het een schoolprobleem is,
dan gaat u naar:
2. De directie van de school
U bespreekt met de directeur het probleem. Deze zal proberen uw
probleem, indien mogelijk, op te lossen. Mocht u echter met deze
oplossing niet tevreden zijn, of heeft u het gevoel dat uw
klacht niet goed is afgehandeld, dan kunt u contact opnemen met:
3.De algemene directie
In de eerste plaats kunt u dit schriftelijk doen. De algemene
directie neemt dan zo mogelijk binnen één schoolweek telefonisch
contact met u op. Ook kunt u telefonisch contact opnemen met de
algemene directie. Indien nodig wordt u uitgenodigd voor een
gesprek, om samen naar een oplossing te zoeken. Wordt u klacht
of probleem niet naar tevredenheid afgehandeld, dan kunt u:
4. Een klacht indienen bij het bevoegd gezag van de school
Dat moet dan wel schriftelijk. U kunt uw klacht sturen naar
OPRON Postbus 9500 AH Stadskanaal. Wordt naar uw mening uw
klacht dan ook nog niet zorgvuldig afgehandeld, dan kunt u:
5. Een officiële klacht indienen bij de Landelijke
klachtencommissie voor het openbaar onderwijs
Het adres is: Postbus 162, 3440 AD Woerden, tel: 0348-405245 /
fax: 0348-405244.
Als u een officiële klacht indient bij het bevoegd gezag of bij
de Landelijke klachtencommissie, is de officiële
klachtenregeling van toepassing. Deze regeling ligt op school,
bij de bovenschoolse directie en bij de gemeente ter inzage.
Contactpersoon
Elke school heeft een contactpersoon, die u kan doorverwijzen
naar de vertrouwenspersoon. Voor alle duidelijkheid; de
contactpersoon mag zich niet met het probleem bemoeien. Voor
onze school is de functie van contactpersoon vacant i.v.m. het
met FPU gaan van dhr. Nico Spoor in juli 2009. Zodra het bekend
is wie hem opvolgt kunt u een voor u vertrouwde groepsleider of
de directeur vragen.
Vertrouwenspersoon
Als u een klacht heeft, kunt u ook de vertrouwenspersoon
aanspreken. De vertrouwenspersoon gaat na of u samen met de
school de klacht heeft proberen op te lossen, gaat na of door
bemiddeling een oplossing kan worden bereikt en gaat na of de
gebeurtenis aanleiding geeft tot het indienen van een klacht.
Verder kan de vertrouwenspersoon u helpen bij het indienen van
een klacht bij de klachtencommissie. De vertrouwenspersoon maakt
geen deel uit van de school.
De vertrouwenspersoon is mevrouw Dorja Hoving. Zij is bereikbaar
bij:
ARBO – Noord, tel. 050 524 2800
Postadres: postbus 682, 9700 AK Groningen
Commissie voor bezwaar – en beroepschriften en klachten
Postbus 20004, 9640 PA Veendam
Leden van de commissie:
Dhr. S.H. Spoormans, voorzitter;
Mevrouw D.A. Dik, lid;
Dhr. H Hoekstra, lid;
Mevrouw N. Germeraad , secretaris van de commissie,
bereikbaar onder nummer: 0598 652233
Taakuitbreiding meldpunt vertrouwensinspecteurs
Betrokkenen bij het onderwijs kunnen bij dit meldpunt terecht
met klachtmeldingen over seksueel misbruik, seksuele intimidatie,
fysiek geweld en psychisch geweld, zoals grove pesterijen.
Besloten is om aan deze aandachtsgebieden toe te voegen signalen
inzake discriminatie, onverdraagzaamheid, fundamentalisme,
radicalisme, extremisme, e.d. Wie binnen de school of in relatie
tot de school geconfronteerd wordt met dergelijke signalen kan
contact opnemen met een van de vertrouwensinspecteurs. Deze zal
bezien op welke zorgvuldige wijze hiermee om kan worden gegaan.
Het meldpunt is te bereiken op: 0900 1113111 (tijdens
kantooruren en tegen lokaal tarief)
En tot slot.........
Ook met een goede klachtenregeling zal het niet mogelijk zijn om
alle problemen helemaal bevredigend op te lossen. Het kan zelfs
zo zijn dat uw klacht door ons niet op te lossen is. Wij zeggen
u echter toe uw klacht uiterst serieus te zullen nemen.
|