Openbare Daltonschool "De Butte"

 

 

Ouders > schoolgids

 

 Schoolgids 

van

openbare dalton basisschool

De Butte

schooljaar 2009-2010 

 

      

Inhoud Schoolgids 2009/2010 van odbs De Butte, Borgercompagnie.

 

1.      Inleiding

 

2.      De school

-          zakelijke gegevens

-          schooltijden

-          richting/identiteit

-          situering/huisvesting

-          bestuur

-          vakanties in het schooljaar 2009/2010

-          protocol verzuim en verlof

-          vervangend onderwijs

-          uitvoeringsreglement voor het overblijven

-          BSO (Buitenschoolse opvang)

-          sponsoring

-          maatregelen ter voorkoming van lesuitval

-          onderwijskundige rapporten

-          schorsing en verwijdering

-          de rugzak in het basisonderwijs

-          het pedagogisch klimaat

-          globale onderwijsinhoud

-          leerresultaten

-          groepsverdeling

 

3.      Het motto van de school en de gevolgen daarvan voor de schoolorganisatie en de werkwijze

-          onze school is een openbare school

-          onze school is een openbare Daltonschool

-          onze school is een zorgverbredende, openbare Daltonschool

-          onze school is een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool.

-          Onze school is een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool met aandacht voor cultuureducatie.

-           Onze school wordt een academische basisschool met blended learning als  uitgangspunt.

-            

4.      Ontwikkelingen; jaarverslag en jaarplan

 

5.      De ouders

-          ouderinformatie

-          huiswerk

-          ouderhulp

-          ouderbijdrage

-          schoolreizen

-          de medezeggenschapsraad

-          de ouderraad

-          klachtenregeling

-          criteria voor doubleren

 

6.      Algemene informatie over de school

-          inzet personeel

-          deskundigheidsbevordering personeel

-          bibliobus

-          gym en spel

-          zwemmen

-          godsdienst

-          schoolongevallen en aansprakelijkheid

-          schoolvoorstellingen

-          de jeugdgezondheidszorg

-          vulpennen/inktwissers/linialen

-          verf-/lijmvlekken

-          schriften mee

-          snoepen/traktaties

-          oud papier

-          kosteloos materiaal

-          speelgoed van thuis

-          hoofdluis

 

7.      Adressen

 

1.  Inleiding

 

Voor u ligt de schoolgids voor het schooljaar 2009/2010 van onze school. Deze schoolgids geeft de stand van zaken van de school weer en informeert u over de ontwikkelingen en de effecten van die ontwikkelingen. Hoewel de inhoud van de schoolgids veel gelijkenis toont met de schoolgids van het vorig schooljaar, vragen we u toch nadrukkelijk aandacht voor de deels vernieuwde inhoud. Op detail zijn er toch weer een aantal zaken aangepast. Deze schoolgids wordt dit schooljaar alleen in digitale vorm uitgegeven.

 

De schoolgids is een wettelijk verplicht kwaliteitsinstrument. Het zorgt er voor dat, door verantwoording af te leggen, de kwaliteit van het onderwijs gewaarborgd wordt.

De schoolgids is nadrukkelijk bedoeld voor ouders die nu kinderen op onze school hebben en voor ouders van toekomstige leerlingen. Het vormt een aanvulling op andere documenten, zoals het schoolplan, dat in de zomer / het najaar van 2007 opnieuw is opgesteld voor de periode 2007-2011, het jaarverslag en het jaarplan.

 

Elke school is uniek. Dat heeft te maken met de leerkrachten, hun specialistische ontwikkelingen, de schoolbevolking en typerende omgevingskenmerken. Door deze verschillen heeft iedere school een eigen gezicht. Zo ook de onze.

 

De schoolgids wordt op voorstel van de directie ter goedkeuring aangeboden aan de MR en daarna vastgesteld door het bevoegd gezag. De bijbehorende kalender is al op de laatste schooldag uitgegeven.

 

De inhoud van deze schoolgids wordt op de website van onze school geplaatst, echter zonder persoonlijke gegevens.

 

 

Deze schoolgids is ingezien door de MR: 01.2010

 

Deze schoolgids is vastgesteld op de MR-vergadering van        2010 

2.  De school

 

Zakelijke gegevens.

 

Naam:                                     openbare dalton basisschool (odbs) De Butte

Adres:                                     Borgercompagnie 117, 9631 TE Borgercompagnie

Telefoonnummer                   0598-612070 (verzoek niet te bellen onder schooltijd)

E-mail-adres:                          butte@picto.nl

Internet-adres:                        www.butte.picto.nl

Banknummer school:             900661445 bij de SNS-bank te Veendam

Banknummer ouderraad:       957038836 bij de SNS-bank te Veendam

Aantal leerlingen:                    per 1 oktober 2009 40 leerlingen.

Aantal leerkrachten:               5 groepsleerkrachten (deels ingezet voor aparte taken) en een vakleerkracht lichamelijke oefening.

 

Schooltijden.                        Groepen 1, 2, 3 en 4:

                                               maandag        : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               dinsdag           : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               woensdag       : 8.30 - 11.30 uur.

                                               donderdag      : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               vrijdag             : 8.30 - 11.45 uur.

                                                                                                          totaal: 22.45 uur.

                                              

Voor een heel schooljaar komt dit, met aftrek van  vakanties en studiedagen, neer op ruim 880 lesuren voor de groepen 1 t/m 4.

           

                                               Groepen 5, 6, 7 en 8:

                                               maandag        : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               dinsdag           : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               woensdag       : 8.30 - 12.30 uur.

                                               donderdag      : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                               vrijdag             : 8.30 - 11.45 uur en 13.15 - 15.30 uur.

                                                                                                          totaal 26 uur.

Voor een heel schooljaar komt dit, met aftrek van vakanties en studiedagen, neer op ruim 1000 lesuren voor groep 5 t/m 8.

 

- Alle leerlingen van groep 3 t/m 8 mogen tussen 8.20 uur en 8.30 uur, in de pauze én tussen 13.05 uur en 13.15 uur kiezen of ze buiten of binnen willen zijn;

- De leerlingen mogen binnen komen op het moment dat de pleindienst naar buiten gaat;

- Als voor binnen wordt gekozen, is die keuze definitief voor dat moment;

- De bedoeling is dat de kinderen in die tijd rustig bezig zijn, dat kan zijn: een spelletje doen, lezen, praten, e.d.; het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat er druk gespeeld wordt; daarvoor moeten ze buiten zijn; hierover worden in de klassen nadere afspraken gemaakt;

- De kinderen van groep 1 en 2 gaan voor schooltijd altijd naar binnen, echter niet eerder dan 10 minuten voor begin schooltijd; dit is gelijktijdig met het naar buiten gaan van de pleindienst;

- Aan de ouders van de kinderen van groep 2 vragen we na binnenkomst in de klas het contact zo kort mogelijk te houden; voor de ouders van de kinderen van groep 1 is dan iets meer ruimte/tijd; we verzoeken de ouders niet op de stoeltjes / tafeltjes van de kinderen te gaan zitten; jonge kleuters worden afgeschrikt door zoveel “grote” mensen; breng uw kleuter in de klas en houd het afscheid kort, zeker als uw kind al wat langer op school zit;

- Voor alle groepen (1 t/m 8) geldt dat er om half negen moet worden begonnen; bij de bel om half negen gaan de buitenspelende kinderen naar binnen, de kinderen die binnen zijn ruimen hun spullen op en gaan naar hun werkplek en de ouders van de leerlingen van groep 1&2 nemen uiterlijk op dat moment afscheid;

- Vanaf 10 minuten voor aanvang van de ochtend- en middagschooltijd en in de pauze houdt een leerkracht toezicht op het schoolplein. Ook bij het verlaten van de school is er toezicht. We willen de ouders nadrukkelijk vragen de kinderen niet eerder dan 10 minuten voor aanvang van de schooltijd op school te laten zijn.

- Tot 10 minuten voor aanvang van de lessen is de buitendeur op slot. De deur wordt bij aanvang van de lessen eveneens gesloten. Wanneer iemand toch naar binnen wil, kan hiervoor de deurbel worden gebruikt.

Het is van belang dat kinderen op tijd aanwezig zijn. Het is erg storend als de les al is begonnen.

- Voor het ophalen van de kinderen vragen we de ouders op het plein of bij de tafeltennistafel te gaan staan. Niet op het fietspad. Dit is voor de kinderen onoverzichtelijker. Het afhalen van de kinderen bij regen bij voorkeur ook buiten.

Bij het ophalen en brengen van de kinderen de auto vooral niet op de oprit voor school laten staan (voorschrift van de brandweer).

 

Spelles:         onderbouw (groepen 1 en 2): dagelijks,

                        zowel 's morgens als ’s  middags; bij voorkeur wordt buiten gespeeld.

Gymles:          middenbouw (groepen 3, 4 en 5):

vrijdag : meester Marc Boiten.

(daarnaast wordt bij mooi weer wel eens buiten gespeeld); zwemmen in de oneven weken voor de groepen 4,5 en 6; elke middag is er een kort spelmoment/korte pauze

bovenbouw (groepen 6, 7 en 8):    

vrijdag : meester Marc Boiten.

Als de gymles van de vakleerkracht uitvalt en er is geen vervanging, dan is er die dag geen gymles.

 

Richting/identiteit.

Onze school is een openbare Daltonbasisschool. Dat wil zeggen dat we werken volgens de doelstelling van het openbaar onderwijs, zoals die in de wet is vastgelegd. Leerlingen van elke godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging zijn welkom én gelijkwaardig bij ons. Wij geven onze lessen niet vanuit één bepaalde maatschappijopvatting of levensbeschouwelijke visie. Wel werken wij volgens bepaalde onderwijskundige principes: de daltonprincipes. Dit houdt in dat we werken volgens de ideeën van Helen Parkhurst, de grondlegster van het Daltononderwijs

De weektaak is hierbij een belangrijk instrument. Zelfstandigheid, samenwerken en vrijheid in gebondenheid (verantwoordelijkheid) zijn de pedagogisch-didactische (opvoedkundige en onderwijskundige) peilers van onze school.

In de hoofdstukken 3, 4 en 5  wordt dit verder uitgewerkt.

Onze school is een zelfstandige basisschool. Enige jaren geleden heeft de gemeenteraad van de gemeente Veendam uitgesproken dit zo te willen houden.

 

Situering/huisvesting.

Onze school ligt in een langgerekt veendorp met lintbebouwing met redelijk veel import. De afgelopen jaren heeft een snelle wisseling van bevolking plaatsgevonden. Onze school neemt in de dorpsgemeenschap een belangrijke plaats in.

De school als instituut bestaat op deze plek reeds vanaf 1742.

Het schoolgebouw dateert uit het begin van de vorige eeuw. In 1986 is het aanzienlijk aangepast.

Door de aanpassingen en verbouwingen van de laatste twee jaar hebben we nu en moderne frisse school Het gebouw is drie-klassig met een inpandige gemeenschapsruimte. Er zijn verschillende plekken aanwezig om zelfstandig te kunnen werken. Het gebouw wordt optimaal benut.

De school is via fietspaden relatief goed en veilig te bereiken.

 

Bestuur.

STICHTING OPENBAAR PRIMAIR ONDERWIJS [OPRON]

De Butte maakt deel uit van de Stichting Primair Openbaar Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam. Deze stichting is het bestuur van de 20 openbare basisscholen, een school voor speciaal basisonderwijs en een school voor speciaal onderwijs in de drie gemeenten. In totaal vallen dus 22 scholen onder dit bestuur.

Het bestuur van de stichting bestaat uit zeven personen. De bestuurleden zijn benoemd door de gemeenteraden van Menterwolde, Stadskanaal en Veendam, deels op bindende voordracht van de oudergeleding van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR).

De stichting heeft een algemene directie bestaande uit twee personen. Zij zijn verantwoordelijk voor de totale organisatie. De taken van de algemene directie hebben betrekking op het algemene onderwijskundig beleid, personele zaken en beleid, financiën en onderhoud / huisvesting.

Elke school heeft een eigen directie. De schooldirectie is verantwoordelijk voor het schoolspecifieke beleid en de dagelijkse gang van zaken op de school. De directie onderhoudt de contacten met de medezeggenschapsraad en is aanspreekpunt voor de ouders. Bestuur, algemene directie en de directies van de scholen worden ondersteund door het stafbureau.

Dat deze 22 scholen onder één bestuur vallen wil niet zeggen dat ze allemaal gelijk zijn. Integendeel, elke school staat in zijn eigen omgeving, heeft zijn eigen kinderen en probeert in zijn onderwijs daar zo goed mogelijk bij aan te sluiten. De scholen kunnen

De openbare scholen die bij de stichting horen, werken zo veel mogelijk samen op gebieden die voor alle scholen van belang zijn. Samen kun je taken effectiever en efficiënter aanpakken, waardoor er voor elke school meer tijd en mogelijkheden zijn om te werken aan de kwaliteit van het onderwijs op de school zelf.

 

Het adres van de stichting en algemene directie is:

Stichting Openbaar Primair Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam

OPRON

Hoogveen 1, Stadskanaal (bezoekadres)

Postbus 310

9500 AH Stadskanaal

Tel. 0599 – 696390

 

Vakanties en vrije dagen in het schooljaar 2009-2010.

Zie voor de data de bij deze schoolgids horende kalender.

Wilt u bij de planning van uw vakantie rekening houden met het vakantierooster? Hiervan kan niet worden afgeweken. Verlenging van de vakantie met een dag is dan ook niet mogelijk. Van de gemeente zijn strakke richtlijnen ontvangen voor het geven van vrijaf. Om uw vakantie tijdig te kunnen plannen worden de schoolvakanties op het internet gepubliceerd (www.postbus51.nl). Dit geldt voor alle vakanties dus ook voor de wintersportvakantie!

 

Voor de volledigheid zijn de richtlijnen verkort in deze schoolgids opgenomen.

 

Protocol verzuim en verlof.

Leerplicht hangt samen met het leerrecht, of wel het recht op onderwijs. Veel landen hechten er zelfs zoveel waarde aan, dat ze de jeugd via een wet verplichten om naar school te gaan.

De leerplichtwet is kort gezegd, een rechtsmiddel waarmee gewaarborgd wordt dat alle jongeren in Nederland aan het onderwijs kunnen en zullen deelnemen. Het doel van de LPW is dat jongeren zo goed mogelijk worden toegerust met kennis en vaardigheden, die zij nodig hebben om een zelfstandige plek in de samenleving te verwerven. Een afgeronde schoolopleiding is daarvoor een vereiste.

De leerplichtwet gaat er van uit dat de ouder/verzorger voor drie dingen zorgt:

-          u schrijft uw kind op een school in;

-          u zorgt er voor dat uw kind ook naar die school gaat;

-          u zorgt er voor dat uw kind volgens de schooltijden naar school gaat.

 

De gemeente moet er op toezien dat alle leerplichtigen ook echt aan het onderwijs deelnemen. Bij de gemeente is hiervoor een leerplichtambtenaar aangesteld.

 

Uw kind moet volledig dagonderwijs volgen vanaf de eerste schooldag in de maand na de vijfde verjaardag. Uw kind mag al naar school, wanneer het vier jaar is. De schooltijden van een vierjarige worden zonodig in overleg met de leerkracht van groep 1 van geval tot geval apart vastgesteld en zonodig dus langzaam opgebouwd. Ook bij een vijfjarige is dit in principe nog beperkt mogelijk.

 

 

Aanvragen voor verlof.

Als uw kind verzuimt dan moet de school daarvan op de hoogte worden gesteld.

Dit verzuim/verlof is te verdelen in vier categorieën:

A          1. ziekte van het kind

Dit kunt u mondeling aan de school doorgeven (voor aanvang van de schooltijd; wanneer een leerling een kwartier na aanvang van de schooltijd niet aanwezig is en niet is afgemeld, wordt contact met thuis opgenomen).

 

            2. bezoek aan de huisarts, tandarts, specialist

Dit verzoek kunt u mondeling bij de groepsleerkracht indienen.

De beslissingsbevoegdheid ligt bij de groepsleerkracht en/of directie.

Het gaat hierbij dus nadrukkelijk om een verzoek; het kan niet als een mededeling worden afgedaan.

 

B         Bijwonen van huwelijk, bruiloft, jubileum, begrafenis/crematie, verplichtingen vanwege godsdienst of levensbeschouwing

            Hiervoor kunt u uitsluitend een verzoek indienen bij de schooldirectie. Hiervoor moet u een formulier invullen. Dit formulier is bij de directie te verkrijgen.

De beslissingsbevoegdheid ligt uitsluitend bij de directeur.

 

C         Bijzondere aard van bedrijf of beroep

Voor ten hoogste één maal per jaar voor maximaal tien dagen kan verlof worden verleend voor extra vakantie als er gedurende de reguliere vakantieperioden, binnen 1 heel schooljaar, sprake is van onmisbaarheid in het bedrijf (bijv. landbouwers). Hiervoor kan een verzoek worden ingediend bij de directie. Hiervoor moet u minimaal drie weken van te voren een formulier invullen. De beslissingsbevoegdheid ligt bij de directeur. Bij afwijzing kun u bezwaar maken bij de directeur.

Geldt het verzoek voor een periode langer dan 10 dagen dan is de beslissingsbevoegdheid bij de leerplichtambtenaar. Deze verzoeken moeten minimaal dertien weken van tevoren schriftelijk worden ingediend. U ontvangt schriftelijk bericht. Bij afwijzing kunt u bezwaar maken bij de leerplichtambtenaar. In de leerplichtwet staat aangegeven dat deze regeling niet kan worden toegepast in de eerste twee lesweken van een nieuw schooljaar. Ook staat in de leerplichtwet dat uitvoering van deze regeling geen recht is.

 

D         Alle andere verzoeken om verlof

            In bijna alle andere gevallen worden verzoeken om verlof afgewezen

Hiervoor moet u ook een formulier invullen. Dit formulier is bij de directie verkrijgbaar.

De beslissingsbevoegdheid ligt bij de leerplichtambtenaar.

Vrijaf voor verlenging van vakantie of een lang weekend kan in principe nooit worden gegeven. We ontvingen hierover een brief van het Openbaar Ministerie. Er staat ons een hoge boete te wachten als we hieraan medewerking zouden verlenen.

 

Ongeoorloofd schoolverzuim.

Wanneer een leerling een kwartier na aanvang van de schooltijd niet aanwezig is en niet is afgemeld, wordt door de leerkracht contact met thuis opgenomen.

Als uw kind om een andere ongeldige reden niet naar school gaat, is er sprake van ongeoorloofd schoolverzuim (extra vakantie opnemen buiten de schoolvakanties om).

-          De leerkracht zal alsnog contact met u opnemen om na te gaan wat er aan de hand is.

-          De leerkracht rapporteert bij de directeur.

-          De directeur stelt een schriftelijk, gedateerd verslag op van hetgeen is besproken/vastgesteld. Bij meningsverschil over de geldigheid van een reden stelt de directeur onmiddellijk de leerplichtambtenaar in kennis.

-          De leerplichtambtenaar stelt zich telefonisch op de hoogte.

-          De leerplichtambtenaar zal vervolgens de ouders oproepen voor een gesprek om eventueel proces-verbaal te (kunnen) laten opmaken.

-          Er kan een waarschuwing of een boete volgen.

 

Te laat komen.

-          Als een kind regelmatig te laat is gekomen, neemt de leerkracht tot maximaal twee keer contact op met de ouders/verzorgers. Dit kan telefonisch of in de vorm van een oudergesprek. Liefst zijn beide ouders hierbij aanwezig.

-          Mocht bovenstaande niet tot het gewenste resultaat leiden, dan zal de directeur de ouders ten hoogste één keer telefonisch en daarna in een oudergesprek spreken

-          Leidt ook dit niet tot het gewenste resultaat dan zal de leerplichtambtenaar in kennis worden gesteld

-          De leerplichtambtenaar stelt zich telefonisch op de hoogte.

-          De leerplichtambtenaar zal vervolgens de ouders oproepen voor een gesprek om eventueel proces-verbaal te (kunnen) laten opmaken.

-          Er kan een waarschuwing of een boete volgen.

 

Vervangend onderwijs.

Indien leerlingen op grond van religieuze argumenten niet mogen deelnemen aan bijzondere activiteiten georganiseerd door de school, dan zijn deze leerlingen niet vrij maar krijgen zij een vervangend programma aangeboden.

 

Uitvoeringsreglement voor het overblijven (TSO)

Op onze school is een overblijfregeling. Gezien de belangstelling is er duidelijk behoefte. De vaste overblijfhulpen zijn Mevr.W.Ludolphie (06-10876474) en Mevr. E.Korthuis (06-52619657). Er is op dit moment één begeleider die op afroep beschikbaar is, Mevr. K.Wildeboer.

 

Onderstaand een korte beschrijving van de gang van zaken.

-          Vóór half negen aanmelden voor het overblijven op de roosters op het prikbord in de gang. Regelmatig overblijvende kinderen worden door de overblijfhulpen bijgeschreven. Wanneer een kind wel is aangemeld, maar niet overblijft, wordt € 1,50 in rekening gebracht. Afmelden moet ook gebeuren vóór half negen bij de overblijfouders Geef bij afmelding wegens ziekte alstublieft ook even tegelijk door dat het kind van de lijst moet worden verwijderd. Dit voorkomt misverstanden.

-          Uiteraard is de overblijfregeling voor alle leerlingen van de school.

-          De kinderen nemen zelf hun eten en drinken en eventueel fruit mee. Snoep en zoetwaren (koekjes en al te lekkere luxe broodjes) worden, vanwege gezondheidsaspecten, ten zeerste afgeraden. We gaan er van uit dat ouders hierin onze mening delen.

-          Om kwart voor twaalf melden de overblijvers zich in de gemeenschapsruimte.

-          De kinderen nemen plaats (gestimuleerd wordt om oudere en jongere kinderen door elkaar heen te laten zitten).

-          Controle op schone handen.

-          De spullen worden van tevoren klaar gezet door de overblijfkrachten.

-          Er wordt op orde en rust gewezen tijdens het eten.

-          Na het eten tanden poetsen. Voor regelmatig overblijvende kinderen zijn tandenborstels, bekers en tandpasta aanwezig. Eventueel kan dat ook van huis worden meegenomen. Incidenteel overblijvende kinderen nemen uiteraard hun tandenpoetsmaterialen mee van huis.

-          Notatie van de aanwezige kinderen en afrekenen.

-          Vrij spelen, binnen (spelletjes, lezen, tekenen, eenvoudig knutselwerk) of buiten, binnen de aan te geven grenzen.

-          Om 13.05 uur zit de taak van de overblijfhulpen er op.

-          De kosten van het overblijven bedragen € 1,50 per middag. Er kan voor het overblijven een knipkaart worden aangeschaft voor tien keer overblijven (één knipkaart per kind).

-          Voor hun bijdrage ontvangen de overblijfkrachten een vast bedrag van € 10,-- per middag.

-          Van 1 tot en met 5 kinderen is er één overblijfkracht. Bij meer dan 5 kinderen zijn er twee overblijfkrachten. Bij meer dan 15 kinderen zijn er drie overblijfkrachten.

-          Op het overblijven is de door de school afgesloten ongevallenverzekering van toepassing. Echter, de school heeft geen WA-verzekering voor de leerlingen. Zoals ook verderop in deze schoolgids is vermeld, blijven de ouders verantwoordelijk en  aansprakelijk voor (het gedrag van) hun kind, ook onder schooltijd. Bij eventuele schade moeten zij een beroep doen op hun eigen WA-verzekering.

 

Voor de ouders van niet-overblijvende kinderen:

De overblijfhulpen zijn niet verantwoordelijk en zeker geen oppas voor de niet-overblijvende kinderen die (te) vroeg naar school komen. We willen dan ook nadrukkelijk vragen de kinderen niet voor 13.05 uur naar school te laten gaan, het hek is dan nog gesloten.

 

BSO (buitenschoolse opvang).

Vanaf 1 augustus 2007 is elke school verplicht buitenschoolse opvang aan de ouders aan te bieden. Het vorig jaar is daarvoor een convenant afgesloten met de Stichting Meander. Contactpersoon daar is Mevr. G.Bos, telefoon: 0598-617540. Omdat onze school in een buitengebied ligt is in het convenant opgenomen dat opvang vanaf onze school slechts mogelijk is wanneer minimaal vijf kinderen gebruik maken van buitenschoolse opvang. Dat is op dit moment het geval. Ook bestaat de mogelijkheid gebruik te maken van de gastouderopvang. Daarvoor is een convenant afgesloten met Kinderopvang Oost-Groningen. Contactpersoon daar is Mevr. Uuldriks, telefoon: 0597-454988. Ouders die gebruik willen maken van buitenschoolse opvang dienen zelf contact op te nemen met Meander of Kinderopvang Oost-Groningen. Uiteraard kunnen ouders ook kiezen voor andere vormen van opvang. Mocht de opvang niet lukken dan willen we als school daar best in meedenken, maar we zijn niet verantwoordelijk als dit niet mocht lukken.

 

Sponsoring.

We hebben de wettelijke plicht sponsorbeleid vorm te geven. We sluiten daarbij aan bij de door het ministerie van Onderwijs en vijftien andere organisaties afgesloten overeenkomst.

Dit houdt met name in dat bij financiële sponsoring de instemming van de MR nodig is, waardoor ouders inspraak hebben in deze vorm van sponsoring. Verder betekent het dat er bij sponsoring niet een naamsvermelding van de sponsor kan worden afgedwongen.

 

Maatregelen ter voorkoming van lesuitval.

In principe wordt er bij ziekte of andere afwezigheid van een leerkracht altijd vervangen, het liefst door een bekende leerkracht van onze eigen school.

 

Onderwijskundige rapporten.

We hanteren een algemeen onderwijskundig rapport wanneer een leerling onze school tussentijds verlaat. Bij aanmelding van een leerling bij de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) wordt een onderwijskundig rapport gebruikt dat is ontwikkeld door het Veendammer Zorgplatform.

 

Toelating.

Het basisonderwijs is bestemd voor kinderen van vier tot twaalf jaar. Een kind mag naar school zodra het vier jaar oud is. Nadat een toekomstige leerling van groep 1 is aangemeld ontvangen de ouders een bevestiging van deze aanmelding. De ouders ontvangen ook een schoolgids van het lopende schooljaar.Daarmee informeren we ouders in eerste instantie over de school. Ouders kunnen ook vragen om een persoonlijk gesprek. Enkele weken voor de definitieve plaatsing wordt de kleuter uitgenodigd voor een kennismakingsochtend.

De leerkracht komt daarna ook nog eens op huisbezoek.

Als uw kind vijf jaar is, is het leerplichtig.

 

Art. 46 van de Wet op het Primair onderwijs bepaalt dat openbare scholen “toegankelijk zijn voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing”.

Dit betekent dat het openbaar onderwijs algemeen toegankelijk is. Het betekent echter niet dat altijd alle kinderen moeten worden toegelaten. In uitzonderlijke situaties kan het bevoegd gezag een kind niet toelaten.

Voor toelating van een kind met een rugzak of andere vorm van zorg geldt een apart protocol. Dit protocol maakt onderdeel uit van het zorgprotocol dat in het najaar van 2008 wordt vastgesteld.

 

Schorsing en verwijdering.

Schorsing en/of verwijdering van een leerling is een aangrijpende aangelegenheid, waartoe niet zomaar wordt besloten. Er zijn echter situaties, waarin er eigenlijk geen andere mogelijkheden meer voor handen zijn om een enigszins normale gang van zaken op school te blijven garanderen. In dat uiterste geval kan een schorsing of verwijdering overwogen worden. Protocol schorsing en verwijdering is op school ter inzage aanwezig.

 

De Rugzak (leerling gebonden financiering) in het basisonderwijs.

Ouders van kinderen met een handicap of stoornis kunnen vanaf 1 augustus 2002 een bewuste keus maken voor een school die het beste bij hun kind past: de school in de buurt of een speciale school. Kiezen ouders voor een gewone school in de buurt, dan moet deze school de juiste zorg en aandacht kunnen geven. Daarom komt er meer samenwerking tussen gewone (reguliere) en speciale scholen. Speciale scholen gaan niet alleen intensiever samenwerken met reguliere scholen, maar ook met elkaar. Hun deskundigheid bundelen de speciale scholen in Regionale Expertise Centra (REC’s). Er zijn vier clusters (soorten) REC’s, al naar gelang het soort handicap of stoornis van een kind.

 

Leerlinggebonden financiering (de Rugzak) is bedoeld voor kinderen met een handicap of stoornis die extra voorzieningen nodig hebben om basis- of voortgezet onderwijs te kunnen volgen. Het gaat dus om kinderen die zonder extra begeleiding geen gewone school kunnen bezoeken. Deze kinderen krijgen leerlinggebonden financiering. De leerlinggebonden financiering is ook bedoeld om ouders meer keuzevrijheid te geven tussen gewoon en speciaal onderwijs. De middelen die voor een kind met een handicap of stoornis nodig zijn om onderwijs te volgen, gaan als het ware in een rugzakje mee als het naar een gewone school gaat. Overigens krijgen ouders die middelen niet zelf in handen. Die zijn bestemd voor de school. Die gebruikt het geld voor extra ondersteuning van de leerkracht. Bijvoorbeeld door deze te scholen of te laten begeleiden. Ook extra hulp aan de leerling betaalt de school daaruit. Bijvoorbeeld extra leermiddelen, zoals een speciale reken- of leesmethode of aangepast meubilair.

 

Kinderen met een handicap of stoornis hebben extra voorzieningen nodig. De vraag is welke kinderen die voorzieningen écht nodig hebben. Om dit te beoordelen zijn er per Regionaal Expertise Centrum onafhankelijke commissies. Daar moeten ouders een verzoek indienen. Deze Commissies voor Indicatiestelling (CVI), zoals ze officieel heten, beoordelen op grond van objectieve landelijke criteria of een kind in aanmerking komt voor leerlinggebonden financiering. Zo’n commissie bestudeert daarvoor onder meer bestaande medische dossiers over het betreffende kind, een i.q.-test en een onderwijskundig rapport als het kind al op school zit. Beslist de commissie dat een kind niet voor leerlinggebonden financiering in aanmerking komt, dan gaat het naar een ‘gewone’ school of naar een sbo-school (in regio Veendam de Wim Monnereau-school). Zijn ouders het niet met de beslissing eens, dan kunnen ze eventueel bezwaar aantekenen.

 

Komt een kind in aanmerking voor leerlinggebonden financiering, dan kunnen ouders een keuze maken voor gewoon of speciaal onderwijs. Daarvoor gaan ze een gesprek aan met een school. Een vertegenwoordiger van het speciaal onderwijs kan de ouders begeleiden. In dit gesprek geeft de school aan welke mogelijkheden er zijn om het kind onderwijs te bieden. Ouders vertellen wat zij verwachten van de school. Een reguliere basisschool mag een kind alleen weigeren als er geldige redenen voor zijn.

 

Informatie over de rugzak of een leerling aanmelden? Dit zijn de Regionale Expertise Centra (REC) in Noord Nederland:

 

Cluster 1. Scholen voor kinderen met visuele (meervoudige) handicaps:

Visio Onderwijsinstelling Noord, Rummerinkhof 6a, 9751 SL Haren, tel. 050-534 3300 en Rijksstraatweg 284, 9752 CL Haren, tel.: 050-5349569 of 4028518

 

Cluster 2. Scholen voor kinderen met spraaktaalstoornissen en auditieve handicap:

Stichting Onderwijs Noord Nederland (SONN), Rijksstraatweg 63, 9752 AC Haren, tel. 050-5343941

 
Cluster 3. Scholen voor kinderen met verstandelijke en lichamelijke handicaps (zmlk-, mytyl-, tyltyl- en scholen voor zieke kinderen met somatische aandoeningen):

Regionaal Expertise Centrum Noordoost Nederland, Dilgtplein 1, 9751 NJ Haren, tel. 050-5371219 .


Cluster 4. Scholen voor kinderen met psychiatrische en gedragsproblemen (zmok-, lzk-scholen voor kinderen met psychische/psychiatrische problemen en pi-scholen):

RENN 4, Postbus 8091, 9702 KB  Groningen, tel. 050- 3097100.

             

Het pedagogisch klimaat:

-     T.a.v. de omgang van de leerkracht met de leerlingen. We willen in onze omgang met de leerlingen de eigen verantwoordelijkheid en zelfstandigheid van de leerlingen bevorderen. Dat betekent dat wij onze rol als leerkracht vooral zien als die van stimulator/begeleider.

-          T.a.v. de omgang tussen de leerlingen onderling. We vinden het belangrijk dat kinderen zich veilig voelen op school. We proberen een veilige sfeer te bereiken door constante aandacht voor sociaal-emotionele situaties. Zo wordt een programma uitgevoerd waarbij wekelijks een sociaal-emotioneel onderwerp (waaronder jaarlijks de eerste drie weken het onderwerp “pesten”) centraal staat. Daarnaast is nog van belang te vermelden dat vanaf 10 minuten voor aanvang van de ochtend- en middagschooltijd en tijdens de pauze en bij het uitgaan van de school toezicht op het schoolplein aanwezig is.

Onze school heeft regels en afspraken. Deze regels zijn er vooral om als school beschermend te zijn naar leerlingen en daarmee naar ouders/verzorgers.

In het schooljaar 2007-2008 heeft scholing plaatsgevonden m.b.t. de oplossingsgerichte strategie en de anti-pestaanpak ‘no-blame’. De invoering daarvan in de dagelijkse onderwijspraktijk is niet eenvoudig en vraagt veel van het team. We zullen daar het komende schooljaar nog actief mee verder gaan. Het geheel moet leiden tot een way-of-life m.b.t. de sociale omgang met elkaar en de vaststelling van het concept pestprotocol.

 

Globale onderwijsinhoud.

Van de verplichte onderwijstijd wordt ongeveer de helft besteed aan de vakken rekenen en wiskunde, Nederlandse taal en lezen. De rest van de tijd wordt evenredig verdeeld over de overige vakgebieden. De weektaak geeft een wekelijks beeld van de in die week geplande onderwijsactiviteiten. Het lukt elk jaar om de in methoden genoemde lessen nagenoeg compleet uit te voeren.

 

Met betrekking tot de vakgebieden valt nog het volgende op te merken.

Zoals bovenstaand al is aangegeven draagt het onderwijs aan de openbare Daltonbasisschool "De Butte" een kindgericht karakter. We beschouwen het als een verworvenheid van de kleine school om constant een aandachtig oog en oor te kunnen hebben voor elk individueel kind, zowel op intellectueel als op sociaal-emotioneel gebied ook al ervaren we regelmatig dat hier grenzen zijn.

Om niet in individualisme te vervallen en beter aan te sluiten bij de wereld rond het kind, wordt het onderwijs in de kennisgebieden (aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, e.d.) deels thematisch aangeboden, waarbij soms een "bouw" en soms de hele school aan een thema werkt. Bij de kleuters (= onderbouw) wordt meestal vanuit een thema gewerkt. De gezamenlijke beleving hierbij staat voorop en ook maken excursies regelmatig deel uit van een thema, steeds met de bedoeling zintuiglijke waarneming mogelijk te maken. Voor de niet thematische aanpak wordt gebruik gemaakt van methoden. Voor aardrijkskunde (Geobas nieuw herzien) en geschiedenis (Wijzer door de tijd) gebruiken we nieuw, up-to-date materiaal. Wel zal ook in het komende jaar worden bekeken in hoeverre we meer thematisch kunnen werken bij deze wereldoriënterende vakken. Het afgelopen schooljaar is daar een voorzichtige start mee gemaakt.

De confrontatie met de werkelijkheid komt verder tot uitdrukking door de leerlingen veel "doende" bezig te laten zijn: zelfstandig zoeken, spelen, maar ook experimenteren behoren tot de mogelijkheden.

Rekenen en taal/lezen worden in een van tevoren vastgestelde lijn aangeboden, waarbij het onze zorg is, direct en adequaat, individueel aandacht te besteden aan de leerproblemen van een kind, maar ook aan de leermogelijkheden van het kind.

Er worden actuele leermiddelen gebruikt. Voor rekenen maken we gebruik van de  methode Pluspunt. Voor taal maken we gebruik van de taalmethode Taal Actief 3.  In groep 3 werken we met Veilig Leren Lezen een methode voor aanvankelijk lezen en taalonderwijs.

In de lokalen van de middenbouw en de bovenbouw wordt gebruik gemaakt van een active-bord.

 

De creatieve vakken staan inhoudelijk deels in dienst van de thema's. Ze vormen er altijd een onderdeel van.

In het schooljaar 2005-2006 is een cultuureducatieplan opgesteld. Deze zal de komende jaren de leidraad zijn voor het werken aan de creatieve vorming.

 

Leerresultaten.

De opbrengsten (leerresultaten) mogen zonder meer goed worden genoemd. De opbrengsten worden per leerling zichtbaar gemaakt in het leerlingvolgsysteem, waarbij de resultaten van de individuele leerling worden afgezet tegen een landelijk gemiddelde van dat afnamemoment. Ook wordt dit voor de gehele groep in beeld gebracht (veelal m.b.v. Citotoetsen).

Beter zou zijn de ontwikkelingen van ieder kind af te zetten tegen zijn eigen mogelijkheden. Een goed toetsinstrument hiervoor ontbreekt echter.

De Cito-eindtoets wordt door alle leerlingen naar behoren gemaakt. De geringe grootte van  onze groepen 8 (tussen 4 en 10 leerlingen) geeft een onnauwkeurig beeld, omdat goede leerlingen en zwakke leerlingen een groter effect zullen hebben op de score. Onderstaande grafiek geeft het resultaat weer van de Cito-eindtoets, afgezet tegen het landelijk gemiddelde schoolgewicht van vergelijkbare populatie leerlingen over de afgelopen 8 jaren.

 

 

Vanaf schooljaar 2002-2003 wordt jaarlijks een analyse gemaakt van de eindtoets, waarbij ook naar de verschillende onderdelen en subonderdelen apart wordt gekeken. Dit om het eigen onderwijs te evalueren en te verbeteren.

 

Groepsverdeling.

In onze drieklassige school zijn de groepen als volgt verdeeld:

-     De onderbouw met de groepen 1 en 2;

-     De middenbouw met de groepen 3, 4 en 5;

-     De bovenbouw met de groepen 6, 7 en 8.

Jaarlijks is dit ook de basis voor de inzet van het personeel (zie hoofdstuk 8).

 

3. Het motto/ de visie van de school

 

Wij ambiëren een leeromgeving van blended learning voor zowel leerlingen als leerkrachten. Blended learning staat daarbij voor een goede mix van digitaal en níet-digitaal onderwijs. Het impliceert nieuwe didactische vaardigheden.

Ontwikkeling en modernisering is dus noodzakelijk. Het gaat daarbij om de ontwikkeling van leerlingen en leerkrachten, maar ook van studenten. De visie is dat leren/professionaliseren op de werkplek moet gebeuren. Deze professionalisering staat in dienst van de ontwikkelingsonderwerpen van de school.

Willen we studenten opleiden voor de school van de toekomst dan kunnen we als opleidingsschool niet werken volgens een traditie van het onderwijs uit het eind van de vorige eeuw, maar zullen we moeten werken volgens de inzichten van het begin van de 21e eeuw, waarbij coaching en begeleiding de plaats innemen van onderwijzen.

We denken daarbij aan een volledig integrale benadering van verschillende ontwikkelingsonderwerpen. Alle ontwikkelingsonderwerpen van dit moment grijpen sterk in elkaar; er is een grote mate van samenhang. Dit móet er ook zijn om een en ander te kunnen behappen. Onderstaande ontwikkelingsonderwerpen sluiten nauw aan bij de stand van zaken van de school van dit moment.

Met het project “Academische basisschool”, gecombineerd met de nog verder te ontwikkelen digitale themaomgeving krijgen we de mogelijkheid dit tevens te gebruiken als ICT-implementatieproject. Daarnaast biedt dit de mogelijkheid om hierin “Techniek in de basisschool” te integreren.  

Naast bovenstaande motto/visie blijven eerdere uitgangspunten uiteraard van kracht en ook in deze schoolgids genoemd.

 

“Onze school is een openbare school.”

Dit betekent:

-     bij de toelating geen discriminatie op grond van godsdienst, politieke overtuiging, ras, geslacht, afkomst;

-     geen financiële drempel bij toelating tot de school;

-     het bevorderen van een eigen mening en het respecteren van andere meningen;

-     m.b.t. de medezeggenschap gelijke democratische rechten voor allen;

-     bevorderen van emancipatie en mondigheid;

-     aanbieden van godsdienst- of levensbeschouwelijk onderwijs.

De gevolgen van dit motto voor de werkwijze zitten verweven in de dagelijkse gang van zaken. Soms wordt er specifiek aandacht voor gevraagd tijdens een thema of naar aanleiding van een actualiteit.

 

“Onze school is een openbare Daltonschool.”

Dit betekent dat we, naast het bovenstaande, uitgaan van de Daltonprincipes:

·         Zelfstandigheid: “Het is van belang dat kinderen steeds meer leren onafhankelijk te zijn”.

·         Samenwerken: “In het dagelijkse leven moet een mens samenwerken met allerlei andere mensen die hij soms, maar niet altijd, zelf gekozen heeft. Niets is beter dan zo’n teamverband al op school te laten starten”.

·         Vrijheid in gebondenheid (verantwoordelijkheid): “Vrijheid is essentieel voor de ontplooiing van de persoonlijkheid van de mens”.

 

In 1991 zijn we lid geworden van de Nederlandse Daltonvereniging. In juni 1996 hebben het Daltonpredikaat ontvangen. Eens in de vijf jaar vindt er een visitatie plaats, waarbij wordt nagegaan in hoeverre de school nog voldoet aan de voorwaarden om Daltonschool te mogen zijn. Dit heeft in maart 2007 voor de tweede keer  plaats gevonden.

 

Opvallend in onze schoolorganisatie is dat de kinderen veelvuldig gebruik maken van andere werkplekken dan hun vaste werkplek in de groep. Zo kun je kinderen alleen of in groepjes zien werken in de gemeenschapsruimte of op de nieuwe zolder in het lokaal van de middenbouw. Zij kiezen deze werkplek zelf en ze zijn dan met verschillende, zelf gekozen activiteiten van hun weektaak bezig. Zelfstandig werken neemt een zeer belangrijke plaats in op onze school.

Op eigen initiatief gaan de leerlingen al of niet met iemand samenwerken.

Een groot deel van het materiaal is dusdanig toegankelijk dat de leerlingen er zelfstandig mee om kunnen gaan. Dit gebeurt met name in de werkuren (taakuren).

Tijdens de instructie hebben de leerlingen wel een vaste plaats in hun groep.

Naast de instructietijd en de werktijd is er tijd voor gezamenlijke activiteiten, zoals projecten en thema’s. Deze vinden meestal met alle leerlingen van een “-bouw” plaats om daardoor gezamenlijke beleving mogelijk te maken.

 

De drie Daltonprincipes nader uitgewerkt.

 

Samenwerken.

In het dagelijkse leven moet een mens samenwerken met allerlei andere mensen, die hij/zij soms wel, maar niet altijd zelf heeft gekozen. Niets is beter dan dit samenwerken al op de basisschool te laten starten. In een Daltonschool kunnen de kinderen met elkaar werken, ze kunnen elkaar helpen, ze kunnen elkaar dingen uitleggen. Leerlingen helpen elkaar door het stellen van vragen aan elkaar, door samen een oplossing te zoeken en vooral ook door elkaar te stimuleren.

Samenwerken komt bij ons in alle groepen voor. Natuurlijk zal het niveau in de onderbouw anders zijn dan in de bovenbouw en ook bestaan er individuele verschillen.

 

De kinderen kunnen tijdens de werkuren:

- met elkaar overleggen;

- zachtjes praten met elkaar;

- elkaar helpen;

- vragen stellen aan elkaar;

- samen oplossingen voor problemen zoeken.

 

De samenwerking bestaat uit:

- overleggen met elkaar in tweetallen of in kleine groepjes;

- ondersteunen van elkaars werkzaamheden;

- het gebruik maken van de kennis van anderen.

 

Voorwaarden:

- aanvaarding van licht achtergrondgeruis;

- ruimten met de mogelijkheid om te kunnen samenwerken;

- plaatsen om in stilte te kunnen werken;

- opkomen voor je zelf met respect voor anderen.

 

Zelfstandigheid.

In ons schoolplan schrijven we: “Het is van belang dat kinderen steeds meer leren onafhankelijk te zijn”.

Zelf actief problemen oplossen leert kinderen zelfstandig nadenken en beter begrijpen. Deze werkvorm vraagt meer energie van het kind dan het passief repeteren van het eerder gehoorde.

Het kind leert creatief denken en handelen. Hoe zelfstandiger een kind wordt, des te gemakkelijker zal het leren beredeneerde keuzes te maken.

 

De kinderen kunnen tijdens de werkuren:

- zelfstandig naslagwerken gebruiken;

- zelf hun materialen halen en brengen;

- zelf beslissen of ze willen samenwerken of niet;

- zelf bepalen wie of wat zij nodig hebben bij hun werk;

- zelf oplossingen bedenken bij het werken.

 

Het zelfstandig werken bestaat uit:

- het leren onafhankelijk te zijn;

- werken met een dag- en/of weektaak;

- werk te kiezen en te maken op eigen niveau;

- het leren omgaan met "uitgestelde aandacht" (= wachten, maar doorgaan met ander werk tot de leerkracht tijd voor je heeft).

 

Voorwaarden:

- aanvaarden van meerdere oplossingen voor een probleem;

- aanvaarden van door kinderen aangedragen oplossingen voor een probleem;

- het afleggen van verantwoording.

 

 

Vrijheid in gebondenheid.

Vrijheid is essentieel voor de ontplooiing van de persoonlijkheid van de mens. Het kind moet leren die vrijheid te hanteren. De school moet duidelijk maken dat vrijheid iets anders is dan ongebondenheid. Een kind kan niet vroeg genoeg beginnen met de beperking van de eigen mogelijkheden te leren aanvaarden.

De dag- of weektaak is een belangrijk instrument voor het hanteren van de vrijheid. In de opgedragen taken vindt een kind vrijheid en verantwoordelijkheid, maar ook de gebondenheid.

 

De kinderen kunnen tijdens de werkuren:

- zelf hun materialen halen (en moeten het ook weer opruimen);

- hun eigen werkplek kiezen;

- kiezen voor samenwerking of individueel (in stilte) werken;

- na het voorgeschreven werk (dag- en/of weektaak) kiezen voor keuzewerk;

- het tempo en de volgorde van het werk bepalen;

- gebruik maken van de technische apparatuur;

- zelf eerst oplossingen zoeken voor problemen;

- bepalen hoeveel tijd er aan een bepaald onderdeel wordt besteed.

 

De gebondenheid bestaat uit:

- het zich houden aan de regels en de afspraken;

- strakkere afspraken voor leerlingen die minder vrijheid aan kunnen;

- het verplicht afmaken van de weektaak;

- het steeds weer verantwoording afleggen van de gebruikte vrijheid;

- het soms niet zelf kiezen van een partner om mee samen te werken;

- je verantwoordelijk voelen voor de werksfeer in de groep.

 

Voorwaarden:

- structuur in de plaatsing van materialen in de klas;

- regelmatige bespreking van de regels en afspraken;

- de zin van de regels en afspraken duidelijk maken.

 

Uit bovenstaande blijkt dat de drie daltonprincipes zowel een opvoedkundig als een organisatorisch doel hebben. Dalton is een manier van omgaan met elkaar, een way-of-life. Een daltonschool schept ruimte en geeft kinderen gelegenheid om alleen of samen zelfstandig te werken aan een afgesproken taak. De drie principes vormen het uitgangspunt van de dalton-aanpak. De weektaak is het middel om die drie principes te verwezenlijken.            

 

“Onze school is een zorgverbredende, openbare Daltonschool.”

Dit betekent, naast het bovenstaande:

-     de leerlingenzorg neemt op De Butte een belangrijke plaats in;

-     de interne begeleider (in onze school juf Lo Bolling) vervult een speciale taak, met name in de middenbouw;

-     de aanwezigheid van een leerlingvolgsysteem;

-     twee keer per jaar een groepsbespreking met daaraan gekoppeld leerlingenbesprekingen;

-     het werken met handelingsplannen;

-          vooral veel oog en oor voor het individuele kind

 

Zelfstandig werken is een voorwaarde om in de klas leerlingen te kunnen helpen die dat nodig hebben. De werkuren zijn dan ook een goed middel om individuele leerhulp aan kinderen in het eigen werklokaal mogelijk te maken. Individuele instructie vindt dan ook in de groep plaats. Bovendien vindt er indien nodig eveneens extra leerhulp buiten het lokaal plaats.

Omdat er veel niveauverschil kan zitten tussen de leerlingen is er (beperkt) de mogelijkheid leerlingen een eigen programma aan te bieden. Dit wordt op de weektaak zichtbaar gemaakt. Dit geldt zowel voor zwakkere als voor beter presterende leerlingen. Sommige leerlingen werken met een eigen methode.

Er wordt nauwlettend gekeken naar de mogelijkheden van het individuele kind, terwijl gelijktijdig gelet wordt op een zo effectief mogelijke instructie en inzet van de leerkracht.

 

In onze school wordt reeds sinds jaren getracht inhoud te geven aan een zo optimaal mogelijke zorg voor elke leerling. We proberen dit te bereiken door een zo kindgericht mogelijke benadering, waarbij zoveel mogelijk rekening gehouden wordt met zowel kinderen met minder, als met kinderen met meer mogelijkheden. In ons schoolplan hanteren we hiervoor eveneens de Dalton-term "way-of-life".

 

Sinds augustus 1989 neemt onze school actief deel aan het Samenwerkingsverband Zorgverbreding in de gemeente Veendam.

In de jaren daarvoor was al op eigen initiatief een summier overzicht gemaakt van de korte en lange termijn evaluatie-instrumenten en was reeds een cursus zelfstandig werken gevolgd. Deze cursus heeft de door ons reeds gehanteerde werkwijze meer vorm gegeven. Deze werkwijze kenmerkt zich door het vinden van tijd om kinderen extra te begeleiden en aandacht te schenken aan verschillende vormen van gedifferentieerd onderwijs.

 

Binnen het zorgverbredingsproject van de gemeente Veendam heeft onze school gewerkt aan het vervolmaken van het systeem van signaleren, diagnosticeren en remediëren van problemen om zoveel mogelijk kinderen goed onderwijs te bieden en de toestroom naar het speciaal onderwijs te verminderen.

Hiermee zijn de twee doelstellingen duidelijk aangegeven:

-     het geven van goed onderwijs i.c. het kwalitatieve aspect en

-     het verminderen van de toestroom naar het speciaal onderwijs i.c. het kwantitatieve aspect.

Ten aanzien van het signaleren en diagnosticeren is in de afgelopen jaren een tamelijk omvangrijk leerlingvolgsysteem ontwikkeld, gekoppeld aan diverse korte (aan methoden gekoppelde) toetsen en lange termijn-(grotendeels Cito-) toetsen, al dan niet schooloverstijgend.

Naar aanleiding hiervan is het structureel voeren van functionele leerlingenbesprekingen ingevoerd. Uitgangspunt hierbij is de groepsbespreking (twee maal per jaar). Hierna volgen de individuele leerlingenbesprekingen. Aan de hand hiervan worden afspraken gemaakt (handelingsplannen). Na een afgesproken periode volgt de evaluatie.

Om het remediëren voldoende inhoud te geven is een orthotheek aanwezig.

Er wordt naar gestreefd het leerlingvolgsysteem en/of de orthotheek voor een belangrijk deel te digitaliseren.

 

Voor het verkrijgen van specialistische kennis zijn, daar waar mogelijk, nascholing, teamactiviteiten en cursussen opgezet.

 

Daar waar nodig wordt hulp gevraagd van het speciaal onderwijs.  Er kan gebruik worden gemaakt van de expertise van het zorgplatform. Eventueel wordt een beroep gedaan op andere hulpverleningsinstanties.

 

Om bovenstaande voldoende inhoud te kunnen geven is op onze school een groepsleerkracht aangesteld als interne begeleider. Voor onze school is dat juf Bolling. Zij is voor ongeveer één dag lesvrij geroosterd.

De interne begeleider coördineert de werkzaamheden m.b.t. de zorgverbreding, neemt indien nodig pedagogisch didactische onderzoeken af en beheert de orthotheek.

Er bestaat een mogelijkheid kinderen door te verwijzen naar het speciale basisonderwijs. Er volgt dan een traject, waarbij de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) zijn instemming moet geven.

 

We achten het van het grootste belang dat kinderen zich prettig voelen op school. Kinderen zullen zich immers het beste ontwikkelen in een goed sociaal klimaat.

 

“Onze school is een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool.”

Dit betekent, naast het bovenstaande:

-     informatievoorziening via verschillende media als voortdurend speerpunt;

-     uitbreiding van het computergebruik;

-          gebruik maken van een netwerk;

-     gebruik van nieuwe media als internet en e-mail;

-     een doorgaande leerlijn voor ICT-vaardigheden in de groepen 1 t/m 8, volledig geïntegreerd in het totale onderwijs;

-          verdergaande integratie van ICT in het onderwijs (blended learning);

-          ontwikkeling van een elektronische leeromgeving (ElO) met eigen websites voor de leerlingen, waarbij ook thuis kan worden ingelogd.

-          Participatie in het project Techniek in het basisonderwijs gedurende de jaren 2006 - 2009.

 

In ons schoolplan en in het ICT-plan zal een en ander nader uiteen worden gezet.

 

Zelfstandig informatie opdoen is in onze school het aandachtspunt voor nu en voor de komende jaren. Computers staan op verschillende plaatsen, zowel in als buiten het klaslokaal, opgesteld, waar kinderen zelfstandig mee kunnen werken. In de afgelopen twee jaren en ook in de komende schooljaren neemt onze school deel aan een ICT-implementatieproject onder begeleiding van PICTO, ons ICT-samenwerkingsverband.

 

“Onze school is een multimediale, zorgverbredende, openbare Daltonschool met aandacht voor cultuureducatie.”

De voorlaatste aanpassing aan het motto van onze school is in de loop van het schooljaar 2005-2006 ontstaan.

In het najaar van 2004 zijn we vanwege mogelijke subsidiebronnen én vanwege het feit dat we een nieuw onderwerp voor de lange termijn zochten uitgekomen bij cultuureducatie. In het schooljaar 2005-2006 is een cultuureducatieplan opgesteld, waarmee de komende jaren gewerkt gaat worden. Dit heeft geleid tot afspraken over de cultuureducatie op klassenniveau. Dit is vanaf het schooljaar 2006-2007 uitgevoerd. Het gaat hierbij dan om cultuureducatie in de breedste zin van het woord. Belangrijke peilers hierbij zijn de jaarlijkse toneeluitvoering, waarin met name muziek,  dans en drama kunnen worden gepresenteerd en de tweejaarlijkse thematentoonstelling, waarin met name handvaardigheid en tekenen gepresenteerd worden.

Daarnaast zijn een aantal kleinere peilers, waarin cultuureducatieve elementen zijn ondergebracht. Er wordt gezocht naar een manier om diverse elementen in samenhang met elkaar te brengen. Daarnaast krijgen we ondersteuning van Kunststation Cultuur, een provinciale instelling voor kunst en cultuur. Samen met deze instantie is in het afgelopen schooljaar op teamniveau al een beginsituatie in beeld gebracht. Dit is uitgewerkt tot een cultuureducatieplan. In het schooljaar 2007-2008 is een samenwerkingsverband aangegaan met de stichting MMC uit Borgercompagnie.

 

“Onze school wordt een academische basisschool met blended learning als  uitgangspunt”.

In het schooljaar 2006-2007 is onze school gestart met deelname aan een dieptepilot om academische basisschool te worden. Een academische basisschool staat voor onderzoek en opleiding van zowel externen (onderzoekers en studenten) als internen (eigen onderwijspersoneel). Dit alles in het kader van de eigen schoolontwikkeling.

Duidelijk is dat hierin vorig jaar en ook dit jaar veel tijd en menskracht wordt geïnvesteerd.

Een ander gevolg voor de schoolorganisatie is dat er meer studenten in school komen, die aan de slag gaan met de schoolontwikkeling onderwerpen van onze school en ook dat de eigen leerkrachten meer dan in het verleden gericht onderzoek doen op het gebeid van de schoolontwikkeling onderwerpen.

We willen onderzoeken op welke manier we meer leerlingen beter kunnen betrekken bij het onderwijs in de wereldoriënterende vakken (aardrijkskunde, geschiedenis en natuur) en ook de algemene motivatie bij deze vakken kunnen verbeteren. We denken daarbij aan het deels werken met thema’s en deels uit de bestaande methoden in plaats van alleen uit methoden

Daarnaast wordt onderzocht welke digitale middelen geschikt zijn om kinderen met een speciale onderwijsbehoefte (bijv. dyslectische kinderen) goed te kunnen bedienen.

Onderzoek vindt deels plaats door studenten  en deels door de eigen leerkrachten.

 

4.    Ontwikkelingen

 

In de afgelopen jaren heeft de ontwikkeling van onze school niet stilgestaan:

-          Het zorgtraject is nagenoeg ingevuld; middels het bestuurlijke zorgplan vindt verdere ontwikkeling van de zorgstructuur plaats;

-          het Daltonpredikaat is verkregen en al weer voor de tweede keer verlengd met een periode van vijf jaar; in maart 2007 heeft de vijfjaarlijkse visitatie opnieuw plaats gevonden; aan de hand van een eigen aandachtspuntenlijst en m.b.v. de Daltonvereniging zal ook het Daltongehalte van onze school voortdurend worden ontwikkeld en geëvalueerd, immers, alle Daltonscholen worden eens in de vijf jaar gevisiteerd om hun Daltongehalte te verantwoorden.;

-          ICT-ontwikkeling heeft geresulteerd in een doorgaande lijn ICT-vaardigheden voor de groepen 1 t/m 8; de verdergaande ontwikkeling van ICT richt zich in de toekomst op de elektronische leeromgeving (ElO) en “Blended learning” (een volledige integratie van ICT in de dagelijkse onderwijspraktijk met een goede mix van digitale en analoge werkvormen*).

 

Kinderen van nu groeien op in een wereld waarin nieuwe media een zeer grote rol spelen. We willen het gebruik van die nieuwe media stimuleren. Onze kinderen hebben en krijgen er hun hele leven mee te maken. We willen ze daarin op een goede manier ondersteunen.

-          De leerlingen van de bovenbouw moeten de fundamentele werking van de tekstverwerker Word voor Windows  beheersen.

-          De leerlingen moeten kunnen beschikken over meerdere informatiestromen. Met name Internet (afgeschermd voor ongeschikt gebruik) is daarbij een medium. Ook op cd-rom uitgebrachte informatieve software biedt nieuwe mogelijkheden.

-          Het volledig verwerken van deze informatie m.b.v de computer is een vereiste.

-     Aanvullend computermateriaal in het kader van de zorgverbreding verdient bijzondere aandacht.

-          Het documentatiecentrum is geautomatiseerd. De komende schooljaren zal dit verder worden uitgebreid. Ook zal de inhoud van het werken in het documentatiecentrum meer in het teken van het geven van presentaties komen te staan.

-          Uitgebrachte software bij in gebruik zijnde methoden is aangeschaft (Pluspunt en Taal Actief). Deze software maakt integraal deel uit van de leerstof. Een deel van de klassikaal voor te lezen dictees door de leerkracht is vervallen. Dit is overgenomen door de computer. Het computerprogramma van Taal Actief geeft namelijk zelf deze dictees.

 

Aanvullend participeerde onze school van enige jaren geleden in een groots opgezet ICT-project. Daarmee is duidelijk geworden welke leerstofinhouden met betrekking tot ICT-vaardigheden gehanteerd gaan worden in de groepen 1 t/m 8.

Bovenstaande is gerealiseerd in het schooljaar 2004-2005. Tijdens het project is in het gebied waar Picto (onze schooloverstijgende ICT-helpdesk en netwerkbeheerder) opereert (Veendam, Menterwolde, Aa en Hunze en Stadskanaal) een en ander  doorgegeven aan andere scholen.

 

Bovengenoemd project heeft inhoudelijk een aantal onderwijsinhoudelijke consequenties:

-          In groep 6 wordt gestart met een typevaardigheidsprogramma;

-          er wordt structureel door alle leerlingen gewerkt met software om de eerder genoemde doorgaande lijn te kunnen realiseren;

-          in groep 8 is de presentatie van een werkstuk veranderd. Dit gaat nu deels met Powerpoint (presentatieprogramma op de computer).

 

In het schoollaar 2005-2006 is het cultuureducatieplan ontwikkeld.

 

Het komende schooljaar gaan we het vierde jaar in met het onderzoeken en invoeren van techniek in  de basisschool (subsidie € 12000 voor vier jaren). Er is voor de jaren 2007-2011 een techniekplan geschreven.

 

Naast bovengenoemde onderwerpen vormen ook andere een aandachtspunt. Het meerjarenplan, onderdeel van het schoolplan, geeft een volledig overzicht van alle aandachtspunten. Het merendeel  is voor de wat kortere termijn. De onderwerpen van het meerjarenplan die van toepassing zijn op het komende schooljaar zijn opgenomen in het jaarplan hieronder en afgeleid van het jaarplan op teamniveau.

 

Nadat we in de loop van 2005-2006 een projectvoorstel hadden ingediend, hoorden we op de laatste schooldag voor de zomervakantie van 2006 dat we, samen met de Westerschool in  Wildervank, één school uit Tynaarlo, vier scholen uit de gemeente Groningen, twee scholen uit de gemeente Scheemda, de Pedagogische Academie uit Groningen en de Rijksuniversiteit van Groningen  een projectplan mochten indienen met als doel een academische basisschool te gaan worden. Nadat aanvankelijk het projectvoorstel is afgewezen is uiteindelijk na heel veel overleg en veel tijdsinvestering in januari 2007 alsnog het projectplan goedgekeurd en is gestart met deze pilot. Inhoudelijk betekent dit dat we in intensief overleg met de Pedagogische academie studenten begeleiden in het doen van onderzoek op het terrein van de schoolontwikkelingsonderwerpen. Verder betekent het een goede mogelijkheid om met deze schoolontwikkelingsonderwerpen aan de slag te gaan.

 

 

Jaarverslag algemeen.

a.      Vervangingen/vernieuwingen.

-          Er zijn 3 kasten met lesmateriaal voor techniek in de basisschool aangeschaft voor onderbouw, middenbouw en bovenbouw

-          Afgelopen jaar is het meubilair vervangen.

-          Vervanging van de aanvankelijk leesmethode is doorgeschoven naar het begin van het schooljaar 2009/2010.

b.      In het kader van de academische basisschool zijn er door leerkrachten onderzoeken gedaan naar schoolontwikkelingsonderwerpen.

c.      We hebben deelgenomen aan de dieptepilot Academische basisschool. Door  onderzoekers van de ABCG is hierover een onderzoeksverslag gemaakt.

d.      In het kader van Blended learning ( een integratie van zowel digitaal als niet digitaal onderwijs) zijn er twee digitale schoolborden aangeschaft met de benodigde randapparatuur. Zowel de bovenbouw als de middenbouw hebben de beschikking over een active- bord.

e.      Techniek in de basisschool. In het kader van VTB is een plan ontwikkeld om techniek in ons onderwijs in te bedden.

f.        Het programma “Werken met kwaliteitskaarten” (KWINTOO) zal ook de komende jaren een zinvolle bijdrage blijven leveren voor de uitvoering van het kwaliteitsbeleid op onze school.

Communicatie. Om de communicatie te verbeteren zijn er drie teambijeenkomsten geweest onder begeleiding van Cedin.

g.      Sociale veiligheid. Onder begeleiding van Cedin is er een sociaal veiligheidsplan gemaakt. Het anti-pestbeleid maakt hier onderdeel van uit. Het team is op de hoogte van de zgn “no-blame” aanpak om pestgedrag beter te kunnen voorkomen en begeleiden.

h.      Er is een schooljaarplan opgesteld.

De inhoud van verschillende bovengenoemde punten is een voorzetting van eerder in gang gezet beleid.

 

Jaarplan algemeen.

a.      Vervangingen. De aanvankelijk leesmethode Veilig Leren Lezen wordt aangeschaft voor groep 3

b.      Academische basisschool

-       realiseren van de randvoorwaarden om Academische basisschool te kunnen zijn zoals huisvesting, financiën, werkplek, enz. *)

-       criteria voor een academische basisschool vastleggen *)

-       maandelijks overleg in het samenwerkingsverband *)

-       werkgroep blended learning (PA en basisscholen) vorm en inhoud geven*)

-       schoolontwikkeling wereldoriëntatie

-          Welke thema’s zijn nog meer (al of niet digitaal) uitvoerbaar in welke groepen en welke onderdelen van de methoden kunnen worden weggelaten?

-          Welke informatiebronnen zijn daarbij nodig?

-          Welke presentatievormen horen daarbij?

-       Schoolontwikkeling techniek; zie punt d.

c.      Dalton

-       Uitwerking van de Daltonontwikkelingslijnen (zelfstandigheid, vrijheid en samenwerking); het “binnenste” van ons onderwijs

-       Het schrijven van een Daltonontwikkelingsplan*)

-       Bespreking doel en functie van het keuzewerk

d.      Techniek

-       Aanschaf materialen. Hiervoor dient eerst geïnventariseerd te worden waar de leemtes zitten wat betreft materiaal

-       Het uitvoeren van een doorgaande leerlijn voor techniek*)

-       Het opzetten van een registratiesysteem bij de nieuw aangeschafte techniekkasten in  het kader van een onderzoek naar betere prestaties bij gebruikmaking van de techniekkasten.

e.      Sociale veiligheid

Voortgang begeleiding oplossingsgerichte strategie en voortgang aanpak no-blame aanpak.

f.        Communicatie

We optimaliseren de communicatie in allerlei opzichten. Naast aanpassing van ons informatie blad “Het Butje”.

g.      Algemeen

-       Voldoende zicht op de financiële situatie (is mede afhankelijk van de input van het ondersteuningsbureau en OSG)

 

5.  De ouders

 

Ouderinformatie.

De ouders ontvangen elk schooljaar bericht dat de actuele versie van de schoolgids op de website is geplaatst. De ouders ontvangen de kalender met activiteiten in de eerste schoolweek. Voorts ontvangen de ouders regelmatig informatie over de school via het bulletin “Het Butje”, in het geel, voor organisatorische en huishoudelijke mededelingen. Jaarlijks zullen ook blauwe Butjes verschijnen met onderwijsinhoudelijke informatie over de school.

Nieuwe ouders ontvangen de schoolgids bij de aanmelding van hun kind in papieren vorm

Het schoolplan is op verzoek door ouders op school in te zien.

 

Twee keer per jaar (vanaf groep 2) - in januari en juni - wordt schriftelijk aan de ouders over de vorderingen van hun kind gerapporteerd en kunnen de ouders hierover spreken met de leerkracht. Overigens is dit ook tussendoor altijd mogelijk. Om de vijf/zes weken krijgen de leerlingen hun schriftelijke werk mee naar huis. Daarbij het dringend verzoek om de schriften / werkboekjes de volgende dag mee naar school terug te geven. Want die hebben de kinderen dan weer nodig om verder te kunnen met hun werk.

 

Overige formele en informele contacten met ouders:

-     nieuwschooljaarsreceptie op de eerste schooldag van elk schooljaar (17 augustus);

-     ouderparticipatie bij niveaulezen, leesspelletjes in groep 3 en spelletjesmiddagen in de groepen 1 en 2 én bij door de school georganiseerde activiteiten als avondvierdaagse, schoolreizen, enz.;

-          informatie-avond (inloop-avond) in september/oktober voor alle groepen (dinsdag  15 september);

-          info-avonden van de groepen 1/ 2, 3, 6 (dinsdag 1 september ) en 8 (dinsdag 13 oktober);

-     de rommelmarkt (zaterdag 29 mei).

-     presentatie van de lampions op woensdag 11 november om 08.30 uur;

-     de zakelijke ouderavond op 25 november;

-     de ontvangst van Sinterklaas op vrijdag 4 december;

-          kleine thematentoonstelling gekoppeld aan de kinderboeken week ( donderdag 15 oktober)

-          de toneeluitvoeringen door de leerlingen van groep 3 t/m 8 in juni/juli;

-          de schoonmaakavond voor de onderbouw; dit jaar op 28 juni.

-          de avondvierdaagse in 31 mei 1, 2, 3 juni.

-          begeleiding en vervoer van leerlingen bij sportactiviteiten en schoolreizen;

-     de laatste schooldag;

-          drie keer per jaar een schoolkrant.

 

Voor ouders bestaat een algemeen landelijk informatienummer over onderwijs: 0800-5010.

 

Huiswerk.

In verschillende groepen wordt huiswerk meegegeven.

Het doel van het huiswerk is (extra) oefening, ondersteuning om betere resultaten te kunnen behalen.

Huiswerk wordt tot een minimum beperkt, maar vormt wel een wezenlijk onderdeel van het onderwijs.

In de middenbouw wordt in overleg met de ouders huiswerk meegegeven voor: spelling, voorbereiding “Goed gelezen!”, toetsvoorbereiding rekenen, topografie. Incidenteel wordt werk meegegeven dat niet af is gekomen. Het is niet de bedoeling dat dit structureel wordt.

In de bovenbouw wordt gebruik gemaakt van de Butte-site (www.butte.picto.nl) als ondersteuning naar de ouders over wat en wanneer.

In de bovenbouw (groep 6,7,8) wordt standaard huiswerk meegegeven voor: aardrijkskunde, topografie en incidenteel voor spelling, voorbereiding “Goed gelezen!”, toetsvoorbereiding voor rekenen en werk dat niet af is gekomen. Het is ook hier niet de bedoeling dat dit structureel wordt.

De ouders mogen van de leerkrachten verwachten dat het huiswerk tijdig wordt meegegeven en dat duidelijk is wat de leerling moet doen.

Van de ouders verwachten we uiteraard een positieve stimulans met betrekking tot het meegegeven huiswerk, dat het op tijd af is en dat het netjes wordt gehouden.

Indien er thuis conflicten ontstaan door huiswerk vragen we nadrukkelijk contact met de leerkracht op te nemen.

 

Ouderhulp.

Op diverse momenten in het schooljaar vraagt de school ouders om mee te helpen. Dat wordt bekend gemaakt via dit bulletin, de borden naast de deuren van de klassen of ouders worden daarvoor rechtstreeks benaderd.

Ook het komend schooljaar wordt er drie keer per week (dinsdag-, woensdag-, en donderdagmorgen van 08.30 – 09.00 uur onder begeleiding van ouders aan niveau lezen (tot en met AVI-4) gedaan. Ouderhulp hiervoor is dan ook dringend gewenst. Opgave bij juf Lo.

Ook vragen we ouders te willen assisteren bij de leesspelletjes in groep 3.

In de onderbouw is één keer per maand een spelletjesmiddag. Hiervoor zijn telkens enkele ouders nodig voor begeleiding. Op het bord in de gang kan telkens worden ingetekend.

 

Bovendien zullen ouders worden gevraagd voor vervoer en begeleiding en hulp bij activiteiten, zoals de avondvierdaagse en bij excursies. We hopen niet tevergeefs een beroep op jullie te doen.

Alle ouderactiviteiten worden verricht onder de verantwoordelijkheid van de leerkrachten. Zij zijn uiteindelijk verantwoordelijk voor de gang van zaken. De rol van de ouders bij deze activiteiten is van groot belang voor het contact tussen school en thuis. Wel vraagt participatie van ouders de nodige verantwoordelijkheid en diskreet omgaan met informatie aan anderen over leerlingen.

 

Ouderbijdrage.

De ouderraad is een reguliere vereniging. Dit houdt in dat de financiële stromen geen onderdeel hoeven uit te maken van de gelden van ons bestuur en tevens dat bestuursleden niet hoofdelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld.

Het gevolg daarvan is, dat ouders in principe lid worden van de ouderraad als vereniging. Voor dit lidmaatschap betalen zij contributie. Deze is even hoog als de, voorheen vrijwillige, bijdrage voor de ouderraad. Ouders hoeven per definitie geen lid te zijn van de ouderraad, maar hebben dan op de zakelijke ouderavond ook geen stemrecht.

De bijdrage bedraagt € 17,50 per leerling (Vastgesteld op de zakelijke ouderavond van 13 februari 2001).

Voor de volledigheid even een opsomming van de activiteiten, die uit de schoolfondsbijdrage betaald worden:

-          Jaarlijkse feesten (Sinterklaas, Sint-Maarten, Kerst)

-          Eerste en laatste schooldag

-          Niet geplande activiteit of aardigheidje

Eventueel andere te maken kosten moeten worden gefinancierd uit extra te organiseren activiteiten en uit de opbrengst van het oud papier.

De ouderbijdrage moet worden overgemaakt op banknr. 95.70.38.836 t.n.v. Ouderraad odbs De Butte in Borgercompagnie. We vragen u dit z.s.m. na de zomervakantie te doen.

 

De ouderraad.

De zittende OR-leden zijn:

Mevr. S. van der Velde (moeder van Niels gr. 4 en Sander gr.1)

Mevr. K. Wildeboer (moeder van Krijne gr.2)

Mevr. N.van Maanen (moeder van Timo gr.2 en Nikki gr.4)

Mevr. H.I. Bakker (moeder van Angelo gr.1)

Mevr. B. Molenaar (moeder van Tijs gr.3 Jop gr.2)

Dhr. L. Schuurman (vader van Sylvain gr.2)

 

De ouderraad is primair bezig met de organisatie en uitvoering van de verschillende (buitenschoolse) activiteiten.

Bij de OR-vergaderingen is steeds een afvaardiging van het team aanwezig.

Op de komende zakelijke ouderavond in november zullen zowel voor de MR als voor de OR verkiezingen zijn. Hiervan wordt u afzonderlijk op de hoogte gesteld.

 

Schoolreizen.

Een aantal jaren geleden is in de OR (ouderraad) gesproken over de vergoedingen voor de schoolreizen en de vervoersregels.

In een gezamenlijke MR-OR-vergadering is afgesproken dat de begeleiding van de schoolreizen door het personeel wordt gevraagd.

De reisdoelen voor de onderbouw en de middenbouw zijn nog niet bekend. Een en ander hangt samen met het reisdoel en het middel van vervoer.

De groepen 6, 7 en 8 gaan dit jaar vermoedelijk naar Roden. De kosten hiervoor bedragen waarschijnlijk € 55,--.

 

De medezeggenschapsraad.

De zittende MR-leden zijn:

Mevr. J. Huizinga                    - secretaris (moeder van Remy (gr 7) en Renée (gr 5)

Dhr. M. Wildeboer                  - lid (vader van Krijne gr.2)

Mevr. G. Ottenga                    - voorzitter bij vergadering (personeelsgeleding)

Mevr. E.S. Verbruggen           - lid (personeelsgeleding)

 

De directeur heeft geen zitting in de MR. Zijn taak is meer die van overlegvoerder tussen het bevoegd gezag (= bestuur) en de MR geworden. Hiervoor krijgt hij van dat bestuur een aantal mandaten. Deze zijn vastgelegd in een managementstatuut.

Het medezeggenschapsreglement ligt op school ter inzage.

Bij het bestuur is een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) ingesteld. De MR is primair bezig met schoolse en bovenschoolse onderwijskundige, huishoudelijke en organisatorische zaken.

 

Klachtenregeling.

In het dagelijks werk op school zijn er vele contacten tussen leerlingen, leerkrachten en ouders. Op elke school doen zich daarbij wel eens probleempjes voor. Dat is op onze school niet anders. De meeste van deze zaken worden gelukkig zonder meer opgelost. Soms lukt dat echter niet direct of minder goed. Daarom hebben we als openbare scholen afspraken gemaakt over de stappen die u kunt nemen om uw problemen aan te kaarten.

 

Waar kunt u terecht met klachten of opmerkingen?

Hieronder wordt stapsgewijs aangegeven hoe u verder kunt wanneer u het gevoel heeft dat uw problemen niet naar behoren worden afgehandeld. In eerste instantie gaat u met uw klacht gewoon naar:

1. De groepsleerkracht van uw kind.

De groepsleerkracht kent uw kind normaal gesproken het best en zal ook in veel gevallen voor een oplossing kunnen zorgen.

Heeft u het gevoel dat:

-          u bij de groepsleerkracht geen gehoor krijgt,

-          deze uw problemen niet kan oplossen,

-          het een schoolprobleem is,

dan gaat u naar:

2. De directie van de school.

U bespreekt met de directeur het probleem. Deze zal proberen uw probleem, indien mogelijk, op te lossen. Mocht u echter met deze oplossing niet  tevreden zijn, of heeft u het gevoel dat uw klacht niet goed is afgehandeld, dan kunt u contact opnemen met:

3. Een klacht indienen bij het bevoegd gezag van de school.

Dat moet dan wel schriftelijk. U kunt uw klacht sturen naar “Stichting Openbaar primair Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam. Postbus 9500 AH Stadskanaal.

Wordt naar uw mening uw klacht dan ook nog niet zorgvuldig afgehandeld, dan kunt u:

4. Een officiële klacht indienen bij de Landelijke klachtencommissie voor het openbaar onderwijs.

Het adres is: Postbus 162, 3440 AD Woerden, tel: 0348-405245 / fax: 0348-405244.

Als u een officiële klacht indient bij het bevoegd gezag of bij de Landelijke klachtencommissie, is de officiële klachtenregeling van toepassing. Deze regeling ligt op school en bij het, bij de bovenschoolse directie en bij de gemeente ter inzage.

 

Contactpersoon.

Elke school heeft een contactpersoon, die u kan doorverwijzen naar de vertrouwenspersoon. Voor alle duidelijkheid; de contactpersoon mag zich niet met het probleem bemoeien. Voor onze school is de contactpersoon: Mevr. E. Verbruggen

 

Vertrouwenspersoon.

Als u een klacht heeft, kunt u ook de vertrouwenspersoon aanspreken. De vertrouwenspersoon gaat na of u samen met de school de klacht heeft proberen op te lossen, gaat na of door bemiddeling een oplossing kan worden bereikt en gaat na of de gebeurtenis aanleiding geeft tot het indienen van een klacht.

Verder kan de vertrouwenspersoon u helpen bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie. De vertrouwenspersoon maakt geen deel uit van de school.

De vertrouwenspersonen zijn: Mevr. D. Hoving. Zij is bereikbaar bij ARBO Noord, tel. 050 524 28 00, postadres: Postbus 682, 9700 AK Groningen.

 

En tot slot.........

Ook met een goede klachtenregeling zal het niet mogelijk zijn om alle problemen helemaal bevredigend op te lossen. Het kan zelfs zo zijn dat uw klacht door ons niet op te lossen is. Wij zeggen u echter toe uw klacht uiterst serieus te zullen nemen.

 

In zijn algemeenheid en naar aanleiding van de Kwaliteitskaart “Contacten met ouders” nog het volgende:

-          de school is verantwoordelijk voor de onderwijskundige keuzes; de school informeert de ouders over de gemaakte keuzes in schoolgids en schoolplan.

-          de ouders zijn verantwoordelijk voor het gedrag van hun kind, zowel in als buiten de school.

-          de school voert de regie over het onderwijs.

-          zittenblijven is in onze school nog steeds mogelijk; we zien het als middel om sommige kinderen wat meer tijd te geven te kunnen groeien; de leerkracht heeft hierbij de doorslaggevende stem; de criteria m.b.t. doubleren en verlengen kleuterperiode zijn vastgesteld en in deze schoolgids opgenomen; daarnaast is het ook mogelijk om te werken op een hoger niveau.

-          de plaatsing in de groep en de groepssamenstelling is volledig aan de leerkracht/directie.

-          al in groep zes komt een voorlopig advies met betrekking tot het vervolgonderwijs ter sprake.

-           eens in de twee jaar houden we een ouder enquête.

 

Criteria voor het doubleren, verlengen  van de kleuterjaren en plaatsen in het SBO.

 

Stappenplan.

 

- In september van elk schooljaar worden alle leerlingen in teamverband individueel besproken, waarbij van alle leerlingen wordt nagegaan of zij eerder hebben gedoubleerd, of zij een D dan wel een E scoorden op een van de laatste Cito toetsen, of zij in sociaal emotioneel opzicht belemmeringen vertonen, of zij hoogbegaafd, motorisch zwak zijn, of zij externe zorg krijgen en van welk niveau van zorg sprake is.

Potentiële doublures/verlenging van kleuterjaren komen ter sprake.

 

- Voor een goed overzicht wordt gebruik gemaakt van een overzichtsformulier dat tevens dient als volgmodel. Op dit volgmodel worden belangrijke zaken tussentijds bijgeschreven.

 

- Aan het begin van het schooljaar wordt (opnieuw) bekeken in hoeverre handelingsplanning, reteaching, externe zorg noodzakelijk en mogelijk is om mogelijke doublure c.q. verlengen van het kleuterjaar te voorkomen. Er kan worden besloten geen extra inspanning te doen als blijkt dat er sprake is van ontbreken van voldoende ”groei”.

Handelingsplanning, reteaching en externe zorg worden duidelijk geregistreerd in eerder ontwikkelde registratieformulieren.

 

Elke verandering van niveau van zorg wordt met de ouders besproken.

 

- In januari worden  toets- en andere gegevens vergeleken met die van juni van het jaar daarvoor en de eerder genoemde groepsbespreking. Opnieuw worden potentiële zittenblijvers of kleuters met mogelijk een verlengd kleuterjaar gesignaleerd. Deze leerlingen worden in januari nogmaals in een teamoverleg besproken. Er wordt opnieuw besproken in hoeverre handelingsplanning, reteaching, externe zorg noodzakelijk en mogelijk is om de doublure, het verlengen van het kleuterjaar te voorkomen.

 

- Rond april/mei van elk schooljaar wordt definitief gekozen voor al of niet doubleren of verlengen van het kleuterjaar. Criteria hiervoor zijn:

-          de leerling is nog niet eerder gedoubleerd;

-          de extra hulp (handelingsplanning, reteaching, enz.) heeft niet geleid tot gewenste resultaat

-          doubleren is acceptabel omdat de leerling de kans moet krijgen op voldoend niveau te komen; de leerling heeft voldoende capaciteiten om na een doublure een voldoend niveau te halen (dit in tegenstelling tot het niet laten doubleren en op eigen niveau verder gaan);

-          de leerling is sociaal-emotioneel nog niet toe aan de volgende groep om met de cognitieve vaardigheden bezig te zijn;

-          er zijn (externe) omstandigheden die een doublure rechtvaardigen;

-          er is overleg geweest over de wensen en verwachtingen van ouders;

-          in de beslissing zijn de expertise en de mogelijkheden van de school betrokken;

-          de uitslagen van de toetsen zijn, al langer, duidelijk onder het niveau van het kind en ook de methodegebonden toetsen zijn en blijven onvoldoende;

-          de leerling is meer gebaat bij doubleren dan bij een eigen leerlijn;

-          de uiteindelijke beslissing voor het doubleren ligt bij de leerkracht, zo nodig in overleg met de IB-er en/of directie;

-          van elk extra overleg wordt een verslag gemaakt; deze gespreksverslagen worden ondertekend door ouders en teamlid.

 

Plaatsing in het SBO.(=Speciaal basis onderwijs)

Bij overweging tot plaatsing in het SBO zijn bovenstaande uitgangspunten eveneens van belang.

-          Met name het feit of een kind zich op onze school ongelukkig voelt (gaat voelen) is een belangrijke factor om het kind in het SBO te plaatsen.

-          Ook de wens en verwachtingen van de ouders speelt een belangrijke rol.

-          Als laatste, maar zeker niet onbelangrijk punt is of met het handhaven van betreffende leerling de te verlenen zorg kan worden geboden, zowel in kwaliteit als in kwantiteit.

 

6.  Algemene informatie over de school

 

Inzet personeel.

Juf Margriet Bijlsma heeft de kleuters onder haar hoede van maandag tot en met woensdag. Op woensdagmorgen is zij om half 12 vrij, gelijk met de kleuters. Op donderdag en vrijdag is juf Gerda Ottenga de kleuterjuf.

Juf Lo Bolling heeft op woensdag, donderdag en vrijdag de groepen 3, 4 en 5. Op maandag en dinsdag werkt  juf Gerda Ottenga in de middenbouw. Een deel van die tijd is juf Lo lesvrij voor haar taken als interne begeleider van de school.

Op maandag heeft juf Lo heeft dan BAPO (Bevordering Arbeids Participatie Ouderen).  

De groepen 6, 7 en 8 krijgen op maandag, dinsdag en donderdag les van juf Els Verbruggen. Op de woensdag en vrijdag geeft juf Nicole Warntjes les aan deze groepen. Op vrijdag en de helft van de woensdagen heeft juf Els BAPO. Verder doet juf Els op de resterende woensdagen oa  cursussen  in het kader van het project academische basisschool.

In februari komt Jantiena Koops als LIO-er (Leraar in Opleiding) in de bovenbouw. De school krijgt vanaf februari een stagiair SPW.

 

Deskundigheidsbevordering personeel.

ABS / VTB / OPLIS / ACTIVE bord

Alle leerkrachten hebben enkele jaren geleden een cursus coaching gevolgd, met name om stagiaires goed en bij de tijd te kunnen begeleiden.

Ten behoeve van een verbetering van de aanpak van de sociale vaardigheden is het afgelopen jaar gestart met begeleiding op het gebied van de oplossingsgerichte strategie en hieraan gekoppeld het realiseren van anti-pestbeleid m.b.v. de no-blame-methodiek. Dit vraagt echter nog om aanzienlijk meer investering daarin om een en ander te realiseren.

In het onderwijs stopt de algemene scholing nooit. Nieuwe ontwikkelingen nopen tot nieuwe studie, maar ook moeten zaken worden bijgehouden en aangescherpt.

De begeleiding door de OBD Groningen in het kader van werken met Kwaliteitskaarten (KWINTOO), waaraan we als volledig team deelnemen, kan zeker onder scholing genoemd worden. De afgelopen jaren zijn de Kwaliteitskaarten “Contacten met ouders”, “Opbrengsten”, “Zorg en begeleiding”, “Leertijd”, “Kwaliteitszorg”, ”Schoolklimaat” en “Toetsing” behandeld. Dit jaar wordt één nieuwe kaart afgehandeld en zullen oude kaarten worden geëvalueerd en bijgesteld. Deze kaarten sluiten nauw aan bij de inspectiebezoeken. Na behandeling in het team worden de kaarten in de MR besproken.

Juf Margriet en juf Gerda volgen jaarlijks de herhalingscursus EHBO en juf Margriet gaat samen met meester Norder jaarlijks de BHV (bedrijfshulpverlening) herhalingscursus doen.

Juf Lo en juf Margriet gaan jaarlijks naar de onderbouwdagen.

In het kader van het Integraal Personeelsbeleid (IPB) zullen er de komende jaren jaarlijks gesprekken volgen tussen personeel en directie m.b.t. loopbaanplanning en gerichte scholing daarop. Naast de vaste jaarlijkse bijeenkomsten zal ten behoeve van de zorgverbreding scholing plaats vinden om de eigen vaardigheden te vergroten en/of op peil te houden.

 

Bibliobus.

De bibliobus komt elke dinsdagmorgen bij school van 8.30 – 9.00 uur. Alle kinderen worden automatisch lid. De kleuters lenen voor of onder schooltijd.

Wilt u er vooral bij de jongere kinderen op letten, dat het kaartje met de datum erop in een van de boeken blijft? Te laat ingeleverde boeken leiden tot boetes. Ouders en kinderen zijn hiervoor zelf verantwoordelijk.

We zullen als school proberen het bibliotheekbezoek te stimuleren. We vragen u als ouder datzelfde te doen. Om de kinderen te begeleiden is een (oud-)ouder in de bus aanwezig.

Ook de kinderen uit de onderbouw worden begeleid naar de bus. Deze groep kan echter niet eerder naar de bus gaan dan nadat alle leerlingen die voor schooltijd lenen in de klas zijn.

 

Gym en spel.

In de gymzaal moeten gym- of sportschoenen worden gedragen.

Wilt u voor de kleuters gymschoentjes met een stroeve zool en zonder veters nemen? Graag in een stoffen zak (met de naam op zak en schoenen) meegeven naar school. De schoenen blijven dan op school.

De groepen 3 t/m 8 gymmen in gymkleding en dragen sportschoenen. Vanwege de hygiëne mogen de schoenen buiten niet gedragen zijn. Ook mogen de schoenen geen zwarte zolen hebben. Gymkleding wordt na de les steeds mee naar huis genomen.

Voor de groepen 3 t/m 8 is na het gymmen douchen verplicht. Mocht dit om welke reden dan ook niet mogelijk zijn, wilt u dat dan even persoonlijk doorgeven?

Wanneer er voetwratten of -schimmel wordt geconstateerd, dan willen we dat graag weten.

 

Zwemmen.

Ook dit jaar worden door het zwembad "Tropiqua" weer zwemlessen verzorgd. De groepen 3, 4 en 5 en 6 zwemmen op woensdagmorgen van 10.00 – 11.00 uur in de even weken. De zwemlessen vormen voor groep 3 t/m 5 een verplicht onderdeel van de schoolweek. Zij worden gezien als een “natte” les bewegingsonderwijs. Verder zijn de zwemlessen erop gericht dat kinderen die nog geen diploma halen deze tijdens het schoolzwemmen kunnen halen.

Naast een van de leerkrachten moet tevens een ouder als begeleiding mee.

Voor het vervoer wordt een bus ingezet.  Door strengere regels (zwemprotocol) mogen de groepen niet te groot worden zowel in de bus als in het bad. Hoewel deze zwemlessen in principe voor de groepen 5 en 6 zijn is voor onze school een uitzondering gemaakt.

 

Godsdienst.

Het komende schooljaar is er weer godsdienstonderwijs voor, dit jaar uitsluitend, groep 8 door mevr. Tineke Huizing.

Het volgen van godsdienstonderwijs is wettelijk niet verplicht. Ouders van kinderen die principieel bezwaar hebben tegen het laten volgen van dit onderwijs, kunnen dit kenbaar maken. Deze kinderen zal dan alternatief werk in de sfeer van geestelijke stromingen worden aangeboden. Een van de voorgaande jaren is in de MR en de OR, naar aanleiding van een vraag van een van de ouders op de zakelijke ouderavond, gekeken naar de mogelijkheid om naast het godsdienstonderwijs ook humanistisch vormingsonderwijs aan te bieden. Voorwaarde van de kant van de school is dan wel dat dit op hetzelfde tijdstip dient te gebeuren.

Van de kant van de gemeente zijn er geen bezwaren. Het initiatief ligt bij de ouders. Het moet overigens wel duidelijk zijn dat deze lessen ook uitsluitend bedoeld zijn voor groep 8.

Onderstaand een klein briefje van mevr. Tineke Huizing dat als aanvulling op de informatie in deze schoolgids is opgenomen.

 

Geachte ouders en verzorgers,

 

Mijn naam is Tineke Huizing.

Sinds enkele jaren geef ik levensbeschouwing op de Butte.

Hoe beschouw je het leven? Hoe kijk je naar de werkelijkheid?

Bij dit vak gaat het om wie je bent en niet om wat je hebt.

We gaan samen nadenken en praten over o.a. liefde, recht en onrecht, jaloezie, racisme, geluk.

Vroeger noemde je het vak “Godsdienst”, en sprak men voornamelijk over het Christendom.

Maar er zijn meerdere godsdiensten, bijv. de Islam, het Jodendom en het Hindoeïsme.

We zullen op een respectvolle manier naar de verschillende religies kijken.’

Waarom geloven mensen eigenlijk? En hoe beleven zij hun geloof?

Ook staat er vaak een excursie naar de Rooms-Katholieke kerk of naar de moskee op het programma.

 

Onderwerpen genoeg om gedachten over uit te wisselen.

Graag zie ik daarom uw kind.

 

                                               Met vriendelijke groeten,

                                                           Tineke Huizing

Schoolongevallen en aansprakelijkheid.

De Stichting Openbaar Primair Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam heeft voor al haar scholen een verzekeringspakket afgesloten, bestaande uit een ongevallenverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering.

 

Ongevallen.

Op grond van de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij schoolactiviteiten ( leerlingen, personeel,vrijwilligers) verzekerd. De verzekering geeft recht op een (beperkte) uitkering indien een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt. Ook zijn de geneeskundige en tandheelkundige kosten gedeeltelijk meeverzekerd (tot een bepaald maximum), voor zover de eigen verzekering van betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door eigen risico). Materiële schade (kapotte bril, fiets enz.) valt niet onder de dekking. Deze schade is voor rekening van de ouders/verzorgers zelf. Leerlingen die op stage gaan zijn tijdens de uitoefening hiervan ook verzekerd voor ongevallen.

 

Aansprakelijkheid.

De aansprakelijkheidsverzekering biedt zowel de school zelf als zij die voor de school actief zijn (bestuursleden, personeel, vrijwilligers) dekking tegen schadeclaims van derden ten gevolge van onrechtmatig handelen uithoofde van de school ten opzichte van deze derden. Binnen de aansprakelijkheidsverzekering is ook dekking voor leerlingen die op stage gaan. Schade tijdens de stage veroorzaakt aan derden alsmede aan de stagegever is onder deze verzekering gedekt.

 

Wij attenderen u in dit verband op twee aspecten, die vaak aanleiding zijn tot misverstand.

Ten eerste is de school/het schoolbestuur niet ( zonder meer) aansprakelijk voor alles wat tijdens de schooluren en buitenschoolse activiteiten gebeurt. Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die in schoolverband ontstaat door de school moet worden vergoed. Deze opvatting leeft wel bij veel mensen, maar is gebaseerd op een misverstand. De school heeft pas een schadevergoedingsplicht wanneer er sprake is van een verwijtbare fout. De school (of zij die voor de school optreden) moeten dus te kort zijn geschoten in hun rechtsplicht. Het is mogelijk dat er schade wordt geleden, zonder dat er sprake is van enige onrechtmatigheid. Bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles wordt er een bal geschopt. Deze komt op een bril van een leerling terecht en de bril is kapot. Die schade valt niet onder de aansprakelijkheidsverzekering, en wordt dan ook niet door de school vergoed.

Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor schade door onrechtmatig gedrag van leerlingen. Leerlingen (of, als zij jonger zijn dan 14 jaar, hun ouders) zijn primair zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens de schooluren of tijdens door de school georganiseerde activiteiten door onrechtmatig handelen schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de ouders) verantwoordelijk voor. Het is dus van belang dat ouders/verzorgers zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering. hebben afgesloten.

 

Schoolvoorstellingen/culturele activiteiten.

Alle leerlingen bezoeken jaarlijks een theatervoorstelling, of nemen deel aan een andere kunstzinnige activiteit.

 

De Jeugdgezondheidszorg op de basisschool.

Vanaf de basisschoolleeftijd krijgen kinderen te maken met de Jeugdgezondheidszorg van de GGD. In dit artikel leest u wat de Jeugdgezondheidszorg van de GGD Groningen u en uw kind te bieden heeft.

 

De Gezond-opgroeien-krant.

De GGD verspreidt onder alle ouders van vierjarige kinderen de Gezond-opgroeien-krant.

In deze krant vindt u informatie over de gezondheid en opvoeding van kinderen.

 

Onderzoek van gehoor, gezichtsvermogen, lengte en gewicht.

In groep 2 komt de doktersassistente van de GGD op school voor een onderzoek van het gehoor en gezichtsvermogen. Ook worden de kinderen tijdens dit onderzoek gemeten en gewogen. De ouders worden uitgenodigd hierbij aanwezig te zijn.

De kinderen worden opnieuw gemeten en gewogen in groep 6.

Er wordt dan ook klassikaal voorlichting gegeven over voeding en bewegen.

De ouders zijn hier niet bij aanwezig.

De onderzoeken vinden alleen plaats als ouders hiervoor toestemming geven.

Als tijdens één van de onderzoeken blijkt dat iets niet (helemaal) goed is, krijgt u hiervan bericht. Samen met u wordt bekeken wat er moet gebeuren.

 

Vragenlijst groep 2.

Ter voorbereiding krijgt u als ouder een vragenlijst over de gezondheid en het welbevinden van uw kind. De doktersassistente neemt met u deze vragenlijst door. Mochten er bijzonderheden of vragen zijn dan wordt u uitgenodigd voor een gesprek met de arts of de verpleegkundige van de GGD.

 

Vragenlijst groep 6.

Ook in groep 6 krijgen ouders een vragenlijst. Op de vragenlijst kunt u aangeven of u prijs stelt op een gesprek met een verpleegkundige of arts van de GGD.

 

Onderzoek van stem-, spraak- en/of taalproblemen.

In een aantal gemeenten in de provincie Groningen worden kinderen in groep 2 onderzocht op stem-, spraak- en/of taalproblemen. Dit gebeurt door de logopedist van de GGD. Ouders ontvangen de uitslag van het onderzoek. Soms kan dit aanleiding zijn voor extra logopedische begeleiding.

 

Vulpennen/inktwissers/linialen.

We willen graag, dat kinderen op school met een vulpen/rollerpen schrijven. Het handschrift wordt hierdoor verbeterd.

De eerste pen, waarmee de kinderen in groep 3 gaan schrijven, krijgen ze van school. Wanneer de pen vervangen moet worden, kan deze voor € 4,50 (vulpen)/ € 3,50 (rollerpen) van school worden gekocht. Het zelf vervangen is uiteraard ook mogelijk. Echter, de zelf gekochte pennen hebben soms een matige kwaliteit of ze schrijven niet goed.

Uiteraard zorgen wij voor de inktvullingen met uitzondering van inktvullingen van zelfgekochte pennen, waarvan de inktvullingen niet universeel zijn.

Ook wordt aan het begin van het schooljaar een inktwisser verstrekt (werkt alleen bij universele vullingen). In de loop van het jaar kan een nieuwe wisser voor € 0,25 worden gekocht.

In de groepen 4, 5, 6, 7 en 8 gebruiken de kinderen een liniaal. Wanneer deze opzettelijk wordt kapotgemaakt of hij gaat verloren, moet deze voor € 0,25 worden vervangen. Regelmatig raken leerlingen spullen kwijt die door school in bruikleen worden gegeven (schaar, kleurpotloden, zelfs boeken). Het is in extreme gevallen mogelijk dat hiervoor een vergoeding moet worden gevraagd.

 

Verf-/lijmvlekken.

Verfvlekken zijn te verwijderen door zo snel mogelijk het kledingstuk te wassen. Behalve ecoline is alle door ons gebruikte verf waterverf. Toch is snel wassen belangrijk. Het blijkt af en toe dat zelfs waterverf, met name zwart en rood, moeilijk te verwijderen is.

Voor hardnekkige vlekken kunt u het eens proberen met een papje van spiritus en biotex. Ook ossegalzeep biedt soms uitkomst.

Overigens wordt nog slechts sporadisch gebruik gemaakt van lijm met een oplosmiddel.

 

Schriften mee.

Regelmatig geven we de schriften op donderdag mee naar huis, om zo ouders tussendoor op de hoogte te houden van de werkzaamheden in de school. De schriften worden eens in de vijf à zes weken meegegeven. Het werk wordt in een map in een plastic tas mee naar huis genomen. In de bovenbouw wordt aan een van de ouders gevraagd het begeleidende briefje te ondertekenen. Wil men tussendoor inzicht in dit of overig werk, neem dan even contact op met de leerkracht.

De schriften moeten beslist de volgende dag mee naar school worden genomen. Er wordt dan weer in gewerkt.

 

Snoepen/traktaties.

Snoepen is slecht voor de gezondheid. We stellen dan ook in het kader van gezondheidsvoorlichting en -opvoeding dat snoepen in school én op het schoolplein niet is toegestaan. Laat voor de pauze ook geen zoetigheid meenemen. Ook koek (waaronder Liga en Evergreen) blijkt slecht voor de tanden te zijn. We vragen u dan ook dit niet mee te laten nemen. Het is niet toegestaan drinken mee naar school te nemen voor in de kleine pauzes. Dit is alleen toegestaan bij het overblijven. Water drinken mag uiteraard altijd!

Het trakteren neemt soms exorbitante vormen aan. We willen geen normen aangeven, maar we zouden willen stimuleren de prijs van de traktaties binnen algemeen aanvaardbare proporties te houden en ook hier het gebruik van snoep willen ontmoedigen, ook  als traktatie aan het personeel.

 

Fruit.

De kleuters eten elke morgen gezamenlijk fruit. Wilt u dit gereed voor consumptie meegeven? Graag met naam erop.

Geen drinken i.v.m. het knoeien. De kinderen mogen altijd water drinken als ze dorst hebben. Hiervoor hebben de leerlingen een eigen beker.

Ook de kinderen van de middenbouw en bovenbouw eten in de pauze hun fruit op. Zij doen dat echter buiten. De kinderen van de middenbouw leggen hun fruitbakje in het rode kratje in de voorste hal. Graag naam op het bakje.

Bovenbouwers kunnen hun fruit in het bruine bakje bij de deur van het bovenbouwlokaal doen.

 

Speelgoed van thuis.

Hebben de kinderen een cadeautje gekregen of iets speciaals, dat leuk is om te laten zien, of om mee te spelen, dan mogen ze dit meenemen. Liever niet elke dag spullen laten zien.

Ook als over een bepaald thema wordt gewerkt, mag iets worden meegenomen.

In de onderbouw is het dit schooljaar eens in de maand op dinsdagmiddag “speelgoedmiddag”. Dit staat op de kalender aangegeven. De kleuters mogen dan speelgoed van thuis meenemen.

 

Hoofdluis.

Een lastig probleem waar iedere school met regelmaat mee te maken krijgt. Volgens de richtlijnen en adviezen van de GGD, adviseren wij om uw kind(eren) regelmatig te controleren op neten / luizen.

Mocht u hoofdluis bij uw kind(eren) constateren dan verzoeken wij u dit door te geven aan de groepsleerkracht. Vanuit de school gaat er een brief mee met advies ter behandeling.

 

Oud papier.

Ook dit jaar wordt er weer oud papier verzameld.

Elke drie weken wordt er een container bij school geplaatst. Het is zonde om  te zien dat er in ons dorp nog zoveel papier bij de groene container wordt geplaatst. De data staan op de kalender.

Wilt u het papier a.u.b. voor de school bewaren en komen brengen? Misschien kunt u het ook nog verzamelen van opa en oma, oom en tante, vrienden en bekenden. Neemt u alstublieft even de moeite en breng het oud papier of laat het brengen.

De opbrengst van het oud papier komt voor 2/3 deel in de schoolfondspot en voor 1/3 deel bij de schoolreizen.

 

7.  Adressen

 

Het team:

Directeur                  : Dhr. H. Norder

Directeur a.i.             : Mevr. W.L.Mulder

Groep 1 en 2            : Mevr. M.J. Bijlsma, e-mail: margiet.beuker@butte.picto.nl

Groep 3, 4 en 5        : Mevr. L.Y. Bolling, e-mail: lo.bolling@butte.picto.nl

Groep 1, 2, 3, 4,5     : Mevr. G. T. Ottenga, e-mail: gerda.ottenga@butte.picto.nl

Groep 6, 7 en 8        : Mevr. E.S. Verbruggen, e-mail: els.verbruggen@butte.picto.nl

Groep 6, 7 en 8        : Mevr. N.A. Warntjes (invalkracht), email: nicole.warntjes@butte.picto.nl

Groep 3 t/m 8           : M. Boiten, gymleerkracht,

 

 

Bevoegd gezag:

Het adres van de stichting en algemene directie is:

Stichting Openbaar Primair Onderwijs Menterwolde, Stadskanaal en Veendam

Hoogveen 1, Stadskanaal

Postbus 310

9500 AH Stadskanaal

Tel. 0599 – 696390

 

Algemene directie:drs. H. Poppen & dhr.H.E. Oosterwijk

 

 

Inspectie:

Inspectie van het onderwijs,

info@owinsp.nl

www.onderwijsinspectie.nl

Vragen over onderwijs: 0800-8051 (gratis)

Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouwensinspecteurs: 0900-1113111 (lokaal tarief)

 

Overblijfcoördinator:

Mevr. W. Ludolphie

 

Literatuurlijst:

Model jaarverslag voor het basisonderwijs (VOO; 1994)

Raamplan schoolgids van de gemeente Veendam (1998)

Handreiking voor het maken van een schoolgids (Sardes; 1996)

Lijst aandachtspunten schoolgids 1999/2000 (Inspectie basisonderwijs; 1998)

School(werk)plan/activiteitenplan van obs De Butte (1999)

Schoolplan 2007-2011

Jaarverslag en jaarplan odbs De Butte (jaarlijks)

 

Afkortingen:

NME: Natuur- en milieueducatie.

SBO: Speciaal basisonderwijs

 

*) vanwege afwezigheid van de directeur en de onzekerheid over voortgang ABS zijn deze activiteiten tijdelijk stopgezet.

 

 

Bijlage

 

Informatie OPRON (alle scholen hetzelfde)

 

Waar kunt u terecht met klachten of opmerkingen?

Hieronder wordt stapsgewijs aangegeven hoe u verder kunt wanneer u het gevoel heeft dat uw problemen niet naar behoren worden afgehandeld. In eerste instantie gaat u met uw klacht gewoon naar:
1. De groepsleerkracht van uw kind
De groepsleerkracht kent uw kind normaal gesproken het best en zal ook in veel gevallen voor een oplossing kunnen zorgen. Heeft u het gevoel dat:

·  u bij de groepsleerkracht geen gehoor krijgt,

·  deze uw problemen niet kan oplossen,

·  het een schoolprobleem is,
dan gaat u naar:
2. De directie van de school
U bespreekt met de directeur het probleem. Deze zal proberen uw probleem, indien mogelijk, op te lossen. Mocht u echter met deze oplossing niet tevreden zijn, of heeft u het gevoel dat uw klacht niet goed is afgehandeld, dan kunt u contact opnemen met:
3.De algemene directie
In de eerste plaats kunt u dit schriftelijk doen. De algemene directie neemt dan zo mogelijk binnen één schoolweek telefonisch contact met u op. Ook kunt u telefonisch contact opnemen met de algemene directie. Indien nodig wordt u uitgenodigd voor een gesprek, om samen naar een oplossing te zoeken. Wordt u klacht of probleem niet naar tevredenheid afgehandeld, dan kunt u:
4. Een klacht indienen bij het bevoegd gezag van de school
Dat moet dan wel schriftelijk. U kunt uw klacht sturen naar OPRON Postbus 9500 AH Stadskanaal. Wordt naar uw mening uw klacht dan ook nog niet zorgvuldig afgehandeld, dan kunt u:
5. Een officiële klacht indienen bij de Landelijke klachtencommissie voor het openbaar onderwijs
Het adres is: Postbus 162, 3440 AD Woerden, tel: 0348-405245 / fax: 0348-405244.
Als u een officiële klacht indient bij het bevoegd gezag of bij de Landelijke klachtencommissie, is de officiële klachtenregeling van toepassing. Deze regeling ligt op school, bij de bovenschoolse directie en bij de gemeente ter inzage.

Contactpersoon


Elke school heeft een contactpersoon, die u kan doorverwijzen naar de vertrouwenspersoon. Voor alle duidelijkheid; de contactpersoon mag zich niet met het probleem bemoeien. Voor onze school is de functie van contactpersoon vacant i.v.m. het met FPU gaan van dhr. Nico Spoor in juli 2009. Zodra het bekend is wie hem opvolgt kunt u een voor u vertrouwde groepsleider of de directeur vragen.

Vertrouwenspersoon


Als u een klacht heeft, kunt u ook de vertrouwenspersoon aanspreken. De vertrouwenspersoon gaat na of u samen met de school de klacht heeft proberen op te lossen, gaat na of door bemiddeling een oplossing kan worden bereikt en gaat na of de gebeurtenis aanleiding geeft tot het indienen van een klacht.
Verder kan de vertrouwenspersoon u helpen bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie. De vertrouwenspersoon maakt geen deel uit van de school.
De vertrouwenspersoon is mevrouw Dorja Hoving. Zij is bereikbaar bij:
ARBO – Noord, tel. 050 524 2800
Postadres: postbus 682, 9700 AK Groningen

 

 

 

 

Commissie voor bezwaar – en beroepschriften en klachten

Postbus 20004, 9640 PA Veendam
Leden van de commissie:
Dhr. S.H. Spoormans, voorzitter;
Mevrouw D.A. Dik, lid;
Dhr. H Hoekstra, lid;
Mevrouw N. Germeraad , secretaris van de commissie,
bereikbaar onder nummer: 0598 652233

 

Taakuitbreiding meldpunt vertrouwensinspecteurs

Betrokkenen bij het onderwijs kunnen bij dit meldpunt terecht met klachtmeldingen over seksueel misbruik, seksuele intimidatie, fysiek geweld en psychisch geweld, zoals grove pesterijen. Besloten is om aan deze aandachtsgebieden toe te voegen signalen inzake discriminatie, onverdraagzaamheid, fundamentalisme, radicalisme, extremisme, e.d. Wie binnen de school of in relatie tot de school geconfronteerd wordt met dergelijke signalen kan contact opnemen met een van de vertrouwensinspecteurs. Deze zal bezien op welke zorgvuldige wijze hiermee om kan worden gegaan.
Het meldpunt is te bereiken op: 0900 1113111 (tijdens kantooruren en tegen lokaal tarief)

En tot slot.........

Ook met een goede klachtenregeling zal het niet mogelijk zijn om alle problemen helemaal bevredigend op te lossen. Het kan zelfs zo zijn dat uw klacht door ons niet op te lossen is. Wij zeggen u echter toe uw klacht uiterst serieus te zullen nemen.

 

 

Pagina gewijzigd op 03/08/10